Hairspray




Regie en choreografie: Adam
Shankman
117 min. / VS /
2007

Er is slechts één manier om te achterhalen of een musical werkt.
Word je wakker en staat de soundtrack nog altijd even vrolijk op
repeat te spelen in je hoofd, dan is het prijs. Een
musical zonder liedjes die blijven plakken is eigenlijk maar een
halve musical. Het is de Bicky Burger zonder de Bickysaus, het is
de Yves Leterme zonder de geit, het is de openbare omroep zonder
Jan Becaus. Maar bij ‘Hairspray’, een filmbewerking van de
Broadwayshow (gebaseerd op de übercampy cultklassieker van John
I’m a dirty, dirty boy and I love it’ Waters) blijft het
dus wel degelijk hangen. Niet alleen door de in nostalgie badende
deuntjes, maar ook door de sprankelende vertolkingen, het gezellige
retrosfeertje en de onderhuidse satireprikjes. ‘Hairspray’ is een
kleurrijke kruisbestuiving van de ouderwetse musicalspirit met een
ironische ondertoon die zelfs de grootste zuurpruim zal laten
huppelen met een smile van hier tot in Baltimore.

Want daar is het ‘m te doen. Baltimore, 1962 om precies te zijn. De
brave jaren vijftig zijn voorbij en de jaren zestig staan te
trappelen een sociaal bewogen groove in te luiden. Tracy
Turnblad (een stralende Nikki Blonsky) is een tiener met een maatje
meer, die samen met haar vriendinnetje Penny (Amanda Bynes)
compleet weg is van het dansprogramma ‘The Corny Collins Show’.
Haar grote droom is dan ook te schitteren op het kleine zwart-witte
schermpje naast haar idool Link (Zac Efron doet een mini-Travolta).
Na wat aanmoediging van pa (Christopher Walken) en veel gezeur van
ma (John Travolta in een akelig overtuigende fat suit),
doet Tracy haar swingende danspasjes en wordt ze geselecteerd voor
de show. In een mum van tijd groeit de gezette meid met het gouden
hart uit tot de lieveling van Baltimore. Ze wordt niet alleen het
uithangbord voor de meisjes met iets meer ‘pak’, maar strijdt ook
mee aan de zijde van Maybelle Motormouth (Queen Latifah) om een
einde te maken aan de rassenongelijkheid op en naast de dansvloer.
Maar dat is buiten producer Edna von Tussle (een bitchy
Michelle Pfeiffer) gerekend, die het dikkertje en de
negro’s wil buitenwippen om haar eigen dochter en Tracy’s
rivale Amber (Brittany Snow) in de schijnwerpers te zetten.

‘Hairspray’ maakt krék hetzelfde parcours als dat van ‘The
Producers’. Eerst was er de film, die uitgroeide tot cultfavoriet,
daarna kwam de succesvolle musical op de planken, en nu is de
cirkel rond met een film gebaseerd op de musical. Eén klein
verschilletje, de nieuwe ‘Hairspray’ is in tegenstelling tot de
nieuwe ‘The Producers’ wél een eindeloos charmante aaneenschakeling
van spetterende dans-en muzieknummers, allemaal met de nodige
knipoogjes en het hart op de juiste plaats gebracht. Het
subversieve en satirische karakter van John Waters z’n ‘Hairspray’
(Waters maakt hier even een toepasselijke cameo als exhibitionist)
moet flink inboeten, maar het swingt en klinkt allemaal zo lekker
dat enkel verbitterde azijnpissers zullen struikelen over de
vergladding van deze familievriendelijkere versie. Geen tijd
verspillen aan onnodige vergelijkingen en gewoon genieten van
Travolta op hoge hakken is dan ook de boodschap.

Want hoe kan of wil je nu een musical weerstaan die opent met
een goedgeluimde, mollige meid die bovenop een vuilniswagen ‘I
Love You
Baltimore staat te zingen? Als je
vanaf dat moment al niet met de voetjes aan het meetrippelen bent,
dan zal het er waarschijnlijk nooit van komen en kan je het beter
terug afbollen. ‘Hairspray’ heeft enkele verrassingen achter de
hand (dit is gemaakt door dezelfde vent die eerder verantwoordelijk
was voor ondingen zoals ‘Bringing Down the House’ en ‘The
Pacifier’, niet te geloven) , maar de muziek blijft uiteraard de
belangrijkste troef. Deze snoepwinkel van een film zit tot de nok
gevuld met verduiveld sterke songs die even vlot als
intelligent in elkaar zijn gestoken.

‘Hairspray’ heeft meer thematiek dan verhaal en gebruikt de
muziek als kapstok om ze te verkondigen. Zwaarwichtige thema’s als
racisme, segregatie en discriminatie worden op die manier luchtig
maar oprecht verpakt als clevere liedjes die ruimte geven aan
ironie, vertedering, romantiek en subtiele innuendo (probeer maar
eens niet te lachen als een perfect gecaste James Marsden ‘you
look like you could use a stiff one’
uit z’n chemisch
gevaarlijke tandpastasmile wringt). Niet elk liedje is even
memorabel, maar voor een film van twee uur waarin bijna voortdurend
wordt gezongen, ligt de hitratio bijzonder hoog. Enkel ‘I Know
Where I’ve Been’ tijdens de protestmars probeert de boodschap iets
te ernstig en stroperig aan de man te brengen en hoort dan ook
eerder thuis op een verzamelalbum van Toni Braxton. Maar
uitschieters ‘Good Morning Baltimore’, de fabuleuze croonerserenade
tussen het wasgoed onder de sterren ‘You’re Timeless To Me’ en het
onvergetelijke ‘You Can’t Stop the Beat’ zullen nog wekenlang op uw
goed humeur werken. Het moet van ‘Grease’ geleden zijn dat dit
soort muzikaal zomervertier nog zo succesvol werd uitgevoerd. En
die leperd van een Travolta zit in beide films.

Travolta doet dat trouwens helemaal niet slecht als Edna
Turnblad, een rol die twintig jaar geleden vertolkt werd door de
bijna onnavolgbare fecaliënliefhebster Divine. Het is een beetje
wennen om Travolta onder de kilo’s silliconen en make-up over het
scherm te zien stuiteren met een moddervet (ha!) Baltimore-accent,
maar al snel neemt de aandoenlijkheid van z’n personage het over
(zo’n schattig moedertje, die Edna), en vergeet je dat de ooit zo
coole Danny Zuko een drag queen met een vliegbrevet is
geworden. Botoxdiva Michelle Pfeiffer mag zich dan weer volledig
laten gaan als een vleesgeworden Cruella De Vil met racistische
trekjes en Christopher Walken mag vanzelfsprekend zijn beste
Christopher Walken-imitatie geven. Maar het zijn de jongelui die de
show stelen, met nieuwkomertje Nikki Blonsky op kop. Een wandelende
zonnestraal met een honingzoete stem die een glimlach op ieders
gelaat tovert elke keer ze haar keel openzet of mollige beentjes
uitslaat. Eigenlijk zit de cast al even goed als de muziek, en de
combinatie ervan zorgt voor een spetterend vuurwerk met veel
kitscherige toeters, bellen en kleurtjes.

‘Hairspray’ is vooral fun fun fun. Ja, er is een laagje
maatschappijkritiek aanwezig dat minder simplistisch is dan je zou
denken, maar uiteindelijk zijn het de heerlijk in de oren liggende
jukebox-nummers en de voortreffelijke cast die je euforisch
heupwiegend naar huis zullen leiden. Zet die kuif recht, schud die
kont en laat je maar eens volledig gaan. ‘Hairspray’ is een zomerse
groovetrain die je niet wil missen. You can’t stop the
beat indeed.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien − 5 =