Of Montreal :: Hissing Fauna, Are You The Destroyer?

Gesteld dat we in een geheel voorspelbare wereld leefden, dan heette de clown Pipo, het domme blondje Joyce en de zoon van Sam Gooris — inderdaad — Kenji. Wie zou u echter vermoeden achter het etiket ’Kevin Barnes’? Een Amerikaan misschien, maar wat voor een? Kevin Barnes is nog steeds de enige echte, supersilly spil van Of Montreal en hij heeft met Hissing Fauna waarlijk zijn "best effort yet" uit.

Het begint al bij de wat aan The Flaming Lips herinnerende titel: hier is een gezonde dosis onnozelheid en humor mee gemoeid. Hissing Fauna dient zich bovendien aan in een erg origineel, openklapbaar hoesje dat een bonte melange van kleurtjes openbaart. Nee, er is werkelijk geen enkele moeite gespaard om deze achtste Of Montreal-plaat onder uw aandacht te brengen. En dan hebben we het nog niet eens over de muziek gehad, want het zijn wel degelijk de twaalf nieuwe liedjes die de show stelen. Het recept is nagenoeg ongewijzigd gebleven in vergelijking met dat van voorgangers Satanic Panic In The Attick en The Sunlandic Twins — hier en daar menen we zelfs een bijna identieke melodie uit een van die albums te horen — maar het geheel is beter uitgewerkt en de plaat vormt één ultracoherent geheel. Zelfs het twaalf minuten durende, naar krautrock knipogende "The Past Is A Grotesque Animal" past wonderwel in het geheel.

Ook op dit album blijft Barnes’ opmerkelijke stemgeluid, waarvan we er maar niet uitraken of het een gimmick dan wel zijn echte zangstem is, de rode draad doorheen de muziek. Voor zij die er niks aan vinden om een vent te horen zingen alsof zijn paaseieren onder loden klokken terechtgekomen zijn, is er evenwel nog het onuitputtelijke aanbod aan opvallende zinsneden die in de nummers vervat zitten en zich als leutige leuzen in je hersenen nestelen. "If we’ve gotta burn-out/ let’s do it together/ let’s all melt down together", sluit Barnes opener "Suffer For Fashion" af, en wie zijn wij om zo’n uitnodiging af te slaan, ook al klinkt ze minder sinister dan ze op papier is.

De nummers lopen op Hissing Fauna steeds mooi in elkaar over. Zo is "Cato As A Pun" slechts een laks aanloopje naar de dolle pret van "Heimdalsgate Like A Promethean Curse". "I’m in a crisis/ I need help/ Come on mood shift/ shift back to good again", zingt Barnes dramatisch, maar zijn woordkeuze verraadt dat het hier geenszins om Bill Callahan-achtige Weltschmerz gaat. "Bunny Ain’t No Kind Of Rider", een ander hoogtepunt, schiet met duister gebliep uit de startblokken en trakteert ene Eva in het refrein op een weinig vleiende sneer: "Eva, I’m sorry/ but you will never have me/ To me you’re just some faggy girl/ and I need a lover with soul power/ And you ain’t got no soul power". Wat het meisje daar zelf van denkt, we hebben er het raden naar; ze kan Barnes alleszins niet verwijten dat voor hem enkel het uiterlijk telt.

Met de indie-soul van "Labyrinthian Pomp" en het aan de Beach Boys refererende "Faberge Falls For Shuggie" kent de plaat aan het eind een iets mindere periode, maar de energieke synthdeun "She’s A Rejecter" roept ons met zijn lekkere gitaarlijn opnieuw tot de orde der prettig-gestoordheid. Het fors getitelde "We Were Born The Mutants Again With Leafling" loopt daarna met zweverige stemmetjes het zegerondje dat bij de zoete overwinning hoort. De klus is met verve geklaard.

Of Montreal is na acht platen nog steeds underground-indie en als het aan ons ligt mag dat nog wel even zo blijven. We gunnen Barnes en de zijnen zonder twijfel het grote succes, maar het is volstrekt ondenkbeeldig dat dit guilty pleasure van de kitschrevival op een dag tot bij een horde apathische aan de duim geopereerde sms’ers raakt. U wordt bij deze echter vriendelijk verzocht wél een oortje en een stel goedgetrainde benen aan deze plaat te lenen. Of zoals Barnes het in "Gronlandic Edit" zelf al helder formuleert: "All the party people dancing/ for the indie star". Doén!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 − 1 =