Transit in de studio

transitgroot.jpgSUPERPROFESSIONEEL GEMIXT!

Ja, dat zou ik met een dikke alcoholstift schrijven naast de €6 die
op het papiertje bij de ep zal staan, wanneer hij op optredens
verkocht wordt. En PLAY IT LOUD (or as loud as you
like
). Dat moet er beslist ook bij.

De ep is het resultaat van drie dagen zweten, concentratie en
inspiratie, overleggen, samen eten, luisteren, discussiëren,
communiceren door hoofdtelefoons en democratisch stemmen.
(“Iedereen akkoord?” of “Dan maar zonder die basintro?”). Drie
dagen waarin effecten op- en afgezet werden, delays (een
audio-effect voor herhalingen, nvdr) omgerekend, metronomen (of
clicktracks) (geeft het tempo weer, nvdr) naar de vuilbak
werden verwezen en nummers vakkundig horizontaal en verticaal
werden versnipperd.

De eerste uitdaging bestond erin te wennen aan de, vergeleken met
het kruip-repetitiekot, vrij steriele aquaria. Ten eerste: Nick en
Jeroen met hun gitaren, versterkers en batterijen pedalen als twee
claustrofobische rivalen in een Transit guitar battle. Broeierige
sardientjes met een walvishaaipotentieel. Een misstap naar rechts
of links en een ongewenst effect zou door de versterkers
schallen.
Ten tweede: Toon met de bas en dito versterker, kiplekker in zijn
privé-aquarium met een lekker knusse hoofdtelefoon. De eenzame
bassist.
Ten derde: een aanrader voor elke muzikant: “Word drummer!”. Vaak
een verguisd bandlid, weggestopt achter basdrums, toms en cimbalen,
maar in ‘Dé Studio’ in Asse bedeeld met een aquarium waarvan een
goudvis op het einde van zijn leven nog niet alle hoekjes kan
verkend hebben. Als we daar dan nog de kwantitatieve aandacht van
de microfoons bijrekenen, had Koen zeker niet te klagen.

Aanpassen dus. In deze nieuwe omgeving, rechtstaan en neerzitten,
een beetje verkrampt geconcentreerd en een clicktrack in de oren,
kwam er niet veel van terecht: geen dynamiek, geen onweer, geen
verfrissende tropische stortbui. De techniek was er. Het vuur
niet.
Tijd dus om mijn duit in het zakje te doen: weg met het
aquariumsfeertje, weg met de berekendheid: humor en gezwans en
misschien een ontspannend pintje, de avondschemering en vooral:
“Weg met die clicktrack!”. En ja, daar kwam het rustig aan, subtiel
als ‘Matacabras’. Een zachte bergwind, almaar sterker, dodelijker,
die verdwijnt zoals hij gekomen is, nog nagenietend van de
triomf.

De eerste dag was er een als een diesel, maar eindigde met een
turbo-injectie, de koplampen door de nacht. Met dit beeld in ons
hoofd en op ons netvlies terug naar Gent, beslisten we maar om de
dag erop wat later te starten. Snel nog een laatste avondmaal en
wat oude, bestofte Urbanusplaten om de overheerlijke spaghetti van
Koen te verteren.

En ja hoor: van twee, naar drie en vier en … dan zelfs naar een
onverhoopt vijfde nummer. Dirk Miers, eigenaar van Dé Studio en
mixer met dienst, rockend in zijn ‘chair’ halverwege de tweede dag.
Iets na middernacht sleurde hij enkele nummers door de compressor
en hoewel hij niet echt kon uitleggen (ou il ne veut pas ou il ne
sait pas of was het nu andersom?) waar die ‘Slam’machine toe dient,
is het een wonderbaarlijk ding, een muzikale gnoom die het nummer
vakkundig binnenin dat apparaat platslaat en er een voller geluid
uittovert. Met vijf nummers naar de derde dag van mixen en
luisteren, mijmeren, peinzen en de ep stond erop.

Afgemixt en tevreden werd het eindproduct thuis nog eens door de
boxen gejaagd. In een vermoeid, maar hecht sfeertje…

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zestien − drie =