Io Non Ho Paura




Mensen die veel slimmer zijn dan ik, hebben ooit gezegd dat er
altijd één moment is in de kindertijd waarop er een deur opengaat
om de toekomst binnen te laten. Schrijvers en filmmakers hebben
regelmatig geprobeerd om dat moment te vatten – het punt waarop de
scheidingslijn tussen kind en volwassene zichtbaar wordt. Soms met
succes, heel vaak ook niet, in een poging om erachter te komen hoe
dat precies wérkt, dat mysterieuze proces dat ervoor zorgt dat je
op een dag schijnbaar wakker kunt worden en je realiseren dat je
gewoon geen kind meer bent. Regisseur Gabriele Salvatores
onderneemt zijn eigen poging met ‘Io Non Ho Paura’ (‘Ik ben niet
bang’), een hybride van een coming of age-drama en een
thriller, die wonderwel werkt op beide niveau’s.

Michele (nieuwkomer Giuseppe Cristiano), is een tienjarige jongen
die samen met z’n ouders en z’n jongere zusje op het platteland van
Zuid-Italië woont. Het is het einde van de jaren zeventig, en aan
alles valt af te lezen hoe moeilijk de dorpsbewoners het wel
hebben. Een bril is een kostbaar bezit waar voorzichtig mee moet
worden omgesprongen, de fietsen waar de kinderen mee rijden vallen
bijna uit elkaar en kleren worden goedkoop gekocht van een
handelaar in een busje.

Op een dag ontdekt Michele in de buurt van een verlaten boerderij
een groot gat in de grond waar een mager, ondervoed, lijkbleek
jongetje van zijn eigen leeftijd inzit. Na z’n aanvankelijke
paniek, komt Michele tot de conclusie dat zijn eigen vader, samen
met een aantal medeplichtigen, deze jongen heeft ontvoerd voor een
grote som losgeld. Hij keert terug naar het gat in de grond om met
de jongen te gaan praten – het kereltje blijkt Filippo te heten en
even oud te zijn als Michele, die nu voor de keuze komt te staan
tussen z’n loyaliteit voor z’n vader en z’n eigen geweten.

Ik veronderstel dat dat voor elk kind een beslissend punt is – het
moment waarop je je realiseert dat je ouders niet perfect zijn, dat
ze een hele andere identiteit hebben buiten die van ‘vader’ of
‘moeder’. Een kind bekijkt z’n ouders enkel op één bepaalde manier,
als mensen die niet bestonden voor z’n geboorte en die geen leven
hebben buiten de tijd die ze met hem doorbrengen – ik geloof dat
veel kinderen op een onbewust niveau geloven dat hun ouwelui
simpelweg ophouden te bestaan eens ze de slaapkamerdeur achter zich
dichttrekken. Wanneer blijkt dat de waarheid veel complexer is dan
dat, dat z’n ouders een volledig leven van volwassenen hebben, vol
verborgen eigenschappen die niet noodzakelijk allemaal zo prettig
zijn, dan kan dat een behoorlijke schok betekenen. In het geval van
‘Io Non Ho Paura’ wordt dat idee extreem doorgetrokken: mijn vader
is niet alleen maar mijn vader, hij is ook een ontvoerder en
mogelijk zelfs een moordenaar. En met dat besef wordt voor Michele
de deur opengezet om de toekomst binnen te laten.

Dat proces van desillusie in z’n ouders zien we bij Michele
plaatsvinden tijdens een paar van de beste scènes in de hele film.
‘Io Non Ho Paura’ is zo gestructureerd dat we alles zien en beleven
door de ogen van de tienjarige, wat wil zeggen dat de volwassenen
continu proberen om hem af te schermen van wat er gaande is.
Michele vangt gefluisterde gesprekken op tussen de grote mensen,
hij begluurt hen door een kier van de deur en weet op die manier
vorm te geven aan de situatie. Hij ziet en hoort dingen die niet
voor hem bestemd zijn – z’n vader en de bende waar hij deel van
uitmaakt, kijken ‘s avonds laat naar het nieuws om de berichtgeving
over de ontvoering te volgen. Eén van de bendeleden suggereert dat
ze de oren van het ontvoerde jongetje moeten afknippen om de ouders
zover te brengen dat ze betalen. Let erop dat Gabriele Salvatores
er op dat moment voor kiest om niét de vader van Michele of de
andere criminelen in beeld te brengen, maar wél de reactie van
Michele zelf. Hoe de volwassenen reageren is irrelevant. Het gaat
erom wat dat kind ervan maakt en welke invloed die scène heeft op
de manier waarop hij naar z’n vader kijkt.

Actie is er vrijwel niet en het tempo ligt veel lager dan wat we
normaal gezien zouden verwachten van een misdaadfilm. Eén van de
hoofdfiguren in ‘Io Non Ho Paura’ is het landschap – sidderend
onder de verschroeiende Italiaanse zon, krijgen we lang aangehouden
beelden van graanvelden, de zanderige weggetjes tussen die velden
in, en de insecten die overal in- en tussenkruipen. De hitte slaat
bijna van het scherm af dankzij de felle, warme kleuren die
Salvatores gebruikt en zijn langzame, hypnotiserende
camerabewegingen. Het zijn deze scènes die de sfeer van de film
bepalen, niét de suspensescènes, die eigenlijk bijkomstig
zijn.

Het tempo ligt laag, maar dat wil niet zeggen dat ‘Io Non Ho Paura’
een langdradige film zou zijn – in tegendeel, wie zorgvuldig kijkt,
ziet dat zelfs de meest banale scène, achteraf bekeken, een
onmisbare functie heeft in het geheel. Neem nu een moment vroeg in
de film waarin Michele met een aantal vriendjes naar de verlaten
boerderij racet. De laatste die er geraakt moet een opdracht
vervullen en Michele biedt zichzelf aan als vrijwilliger om een
meisje een vernederende opdracht te besparen. Wat voegt die scène
toe? Op het eerste zicht niets, maar bekijk ze achteraf nog eens
opnieuw en je ziet dat we daar voor het eerst de mentaliteit van
Michele tegengekomen die achteraf bepalend zal zijn in de manier
waarop hij omgaat met Filippo, het ontvoerde jongetje. Ook een
scène kort daarna, waarin Michele’s vader z’n kinderen laat loten
om te bepalen wie er de wijn moet gaan halen voor het eten, lijkt
aanvankelijk gewoon een banaal momentje tussendoor, maar heeft wel
degelijk een functie voor de rest van de film. Er zit nergens
overbodig vet aan deze prent, laat het dan nog allemaal zo langzaam
gaan.

De acteerprestaties zijn zonder uitzondering opmerkelijk. Alle
kinderen die we hier aan het werk zien, spelen hun eerste filmrol
en vooral de twee hoofdacteurs, Giuseppe Cristiano en Mattia Di
Pierro als Filippo, leveren fantastisch werk. Michele is een kind
dat plots in een situatie terecht komt waarin hij moet denken en
beslissingen nemen zoals een volwassene – maar hij is wél nog
steeds een kind, en de manier waarop Cristiano dat speelt,
suggereert precies de juiste mélange van intelligentie en toch nog
steeds kinderlijkheid. Di Pierro van zijn kant speelt een jongen
die, op één scène na, nergens de kans krijgt om kind te zijn, maar
hoewel zijn rol hoofdzakelijk gehuil, gekrijs en andere signalen
van uitputting en doodsangst omvat, raken we als kijker zijn
personage nooit beu, de acteerprestatie blijft steeds fris en
oprecht aanvoelen.

‘Io Non Ho Paura’ is een prachtig uitgebalanceerde film over een
bruuske volwassenwording. Salvatores begeeft zich in die
schemerachtige zone tussen de kindertijd en het volwassendom en
komt eruit tevoorschijn met een intrigerende, magnifiek
gefotografeerde en knap geacteerde prent.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 − tien =