Solex :: The Laughing Stock Of Indie Rock

“Als je het slecht vindt, moet je gewoon geen recensie schrijven,” verklaarde Elisabeth Esselink twee jaar geleden in een interview met Goddeau. Even dachten we de kans schoon om onze laptop in te ruilen voor een terrasje in het herfstzonnetje, maar nog voor het openingsnummer “Yadda Yadda Yadda No.1” halfweg was, moesten we die plannen alweer opbergen. Er blijkt immers nog niet veel veranderd aan de typische sound van Solex, die met The Laughing Stock Of Indie Rock alweer hun vierde collage op de mensheid loslaten.

Het is ons niet meer helemaal duidelijk waarom we in 1998 nu net het debuutalbum Solex vs. The Hitmeister uit een of andere platenbak hadden gevist. Het obscure verleden van Elisabeth Esselink bij illustere groepjes als Sonetic Vet zal wellicht geen doorslaggevende reden geweest zijn. Wellicht was het eerder de nieuwsgierigheid om te weten hoe een Nederlandse jongedame er op haar eentje was in geslaagd een contract vast te krijgen bij het Matadorlabel.

Anno 2004 staat ze niet langer op de Matadoriaanse loonlijst, en was ze zowaar verplicht een eigen platenlabel op te richten om haar nieuwe plaat te kunnen releasen. Zo werd The Laughing Stock Of Indie Rock meteen het eerste album op het Discmeisterlabel. Ook productiegewijs week Esselink voor deze plaat enigszins af van de geijkte patronen. Zo werd iets minder gebruik gemaakt van allerhande samples en werden de muzikanten al in een vroeger stadium betrokken bij het knip- en plakwerk.

Erg veel invloed op de sound van het resultaat heeft deze werkwijze naar onze bescheiden mening echter niet gehad. Toegegeven, het geheel klinkt een tikkeltje toegankelijker dan voorganger Low Kick And Hard Bop, maar voor het overige behoudt Solex ook op deze plaat haar o zo herkenbare geluid. De koningin van de samplepop krijgt op The Laughing Stock Of Indie Rock overigens wel de vocale ondersteuning van de Australiër Stuart Brown, wiens geneuzel hier en daar tussen de nummers opduikt en voor een ietwat bevreemdend effect zorgt.

Meer van hetzelfde dus, maar dat wil niet zeggen dat de creaties van Solex beginnen te vervelen. Integendeel, Esselink bedenkt steeds nieuwe frivoliteiten waarmee ze haar nummers lardeert. En dan zwijgen we nog over de songtitels, of wat dacht je bijvoorbeeld van “Fold Your Hands Child, You Walk Like An Egyptian”, een ingenieuze contaminatie van Belle and Sebastian en The Bangles. Solex’ knutselwerk blijft experimenteel maar toch verrassend licht verteerbaar.

Het is niet zo evident om favoriete liedjes uit deze plaat te pikken. Iedere luisterbeurt brengt immers nieuwe. Als we dan toch moeten kiezen, gaan we voor “A Round Figure”, waarin lyrics en samples perfect in evenwicht zijn, het tegendraadse “Hot Diggitydog Run Run Run” en het sobere “On An Ordinary Day”. Het laatste nummer van de plaat, “You’ve Got Me”, ontaardt dan weer in een soort jamsessie tussen Esselink en haar gitarist, een mislukt experimentje waardoor het album net twee minuten te lang duurt. Potentiële hitsingles bevat The Laughing Stock Of Indie Rock uiteraard niet, en stiekem zijn we daar toch wel een beetje gelukkig mee. Of bezondigen we ons nu ook aan het denken dat Esselink net bekritiseert in de cynische titel van haar plaat?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf × een =