The Eye




In het kielzog van het succes van ‘Ringu’ en de daaropvolgende Amerikaanse
remake, ‘The Ring’, krijgen
Aziatische producties schijnbaar steeds meer een kans in het
Europese mainstream-circuit. ‘The Eye’ (of, zoals hij thuis heet,
‘Jian Gui’), geregisseerd door twee broertjes met de tot de
verbeelding sprekende naam Pang, incasseert schaamteloos op de
hernieuwde interesse in Japanse horror, en weet gaandeweg dik
anderhalf uur duidelijk op Amerikaanse leest geschoeide, tamelijk
effectieve maar ook altijd voorspelbare horror op te leveren.

Mun is een twintigjarig meisje uit Hong Kong dat al sinds haar
tweede blind is. Na een hoornvliestransplantatie wordt haar zicht
evenwel hersteld – eerst bijzonder wazig, maar daarna steeds
scherper, gaat ze de dingen om zich heen waarnemen.

Al snel wordt echter duidelijk dat niet alles wat Mun ziet, er
ook echt is. Eerst in het ziekenhuis, en later thuis, dagen er
schimmen op, mysterieuze menselijke vormen die niemand anders kan
zien. Mun keert zich voor hulp naar de psychiater die haar diende
te helpen met haar overstap naar de ziende wereld, en (jawel),
samen gaan ze op zoek naar de oplossing van het raadsel.

Een vrij klassiek gegeven dus, dat herinneringen oproept aan
verschillende (voornamelijk Amerikaanse) films van de voorbije
jaren. ‘The Sixth Sense’ is het
eerste waar iedereen aan denkt, maar ook de overigens totaal
vergetelijke thriller ‘Blink’ met Madeleine Stowe, wordt
geplunderd. En visueel gezien zijn er een aantal griezelig bedoelde
montages, en flash-back scènes in de film verwerkt, die verdacht
deden denken aan wat Alan Parker deed met ‘Angel Heart’ en Adrian
Lyne met ‘Jacob’s Ladder’. Enfin, de gebroeders Pang kennen hun
klassiekers. Op zichzelf is daar niets mis mee, maar dan is het wel
aangeraden om ook nog iets te bieden te hebben waarmee je je
voorbeelden kunt overstijgen. En dat ontbrak er in het geval van
‘The Eye’ regelmatig aan.

De eerste helft van de film is de beste – er wordt tijdens de
eerste tien minuten op een effectieve manier sfeer gezet, het
hoofdpersonage wordt bondig geïntroduceerd als een relatief
geloofwaardig persoon (de beperkingen van het genre mee in rekening
genomen), en al gauw vliegen de eerste boe-effecten ons om de oren.
U kent dat wel: duistere gangen, vage schimmen die steeds
dichterbij komen, het orkest geeft er een ferme lap op, de
geluidseffecten knallen, en voor u het weet, springt u een meter
hoog op. Vooral een scène waarin Mun zich oefent in de kalligrafie
wanneer er weer een spookachtige bezoeker opduikt, is erg knap in
elkaar gestoken, en staat zowat garant voor op z’n minst één koude
rilling. Wanneer je een horrorfilm probeert op te bouwen op de
basis van dat soort van schrikeffecten, doe je er gewoonlijk best
aan om de visuele stijl zo eenvoudig mogelijk te houden – beweeg je
camera teveel of te uitzinnig, en je ruïneert het effect van een
plots opduikende figuur. De Pangs hebben dat begrepen, en houden
het bijgevolg relatief sober, wat de sfeer ongetwijfeld ten goede
komt.

Dat is allemaal de eerste helft. Het is echter tijdens de tweede
dat de problemen komen opduiken. Een groot deel van de spanning van
een dergelijke film schuilt immers in het onbekende, het niet weten
wat er gaande is, en het is een knappe thriller die toch nog
spannend kan blijven eens de oplossing van het mysterie gegeven is.
Dat lukt in ‘The Eye’ niet, temeer aangezien de clou van de hele
film maar al te makkelijk bekeken zou kunnen worden als een rip-off
van een andere, maar al te bekende thriller. Vanaf het moment dat
‘The Eye’ z’n geheimen prijs geeft, is het voor het grootste deel
uit met de pret, en zal elke ervaren fan van het genre kunnen
voorspellen waar het vanaf dat punt op uit zal lopen.

De schrikeffecten weten af en toe wél nog even te verrassen,
maar ook de geslaagde voorbeelden daarvan worden steeds zeldzamer –
je kunt mensen over de loop van anderhalf uur nu eenmaal maar zo
vaak “boe” in het gezicht roepen voor het effect is uitgewerkt.
Bovendien is het hier dat de Pangs zich steeds vaker laten
verleiden tot het soort van montage dat we eerder zagen in de films
van Parker en Lyne. Voor die films werkte dat (ik kan ze u trouwens
allebei aanraden), maar hier hebben die stijlgrepen in feite niets
te zoeken.

Voeg daar nog aan toe dat de film eindigt met een epiloog die op
zichzelf nergens voor nodig is – het verhaal is afgewerkt, het is
gedaan, en toch trakteren de Pangs ons nog op een laatste scène die
ook weer echo’s bevat van een Amerikaanse productie – ditmaal
‘The Mothman Prophecies’. Waarom
iemand naar dat gedrocht zou willen verwijzen, is mij overigens een
volslagen raadsel.

En dat is dan ‘The Eye’ – een griezelfilmpje dat competent
genoeg uit de startblokken schiet, maar ergens halverwege verloren
loopt in z’n eigen voorspelbaarheid. Jammer, eigenlijk.

http://www.theeyefilm.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een + vier =