Wonder Boys



111 min. / USA

Na bijna een volledig decennium te spenderen aan meer of
minder geslaagde, al dan niet erotische thrillers (nog
‘Disclosure’, iemand?), keerde Michael Douglas in 2001 terug naar
zijn status van interessant filmmaker. Vergeet niet dat de man zijn
carrière begon als producent van ‘One
Flew Over The Cuckoo’s Nest’
en als acteur in relevante, vaak
uitstekende films als ‘The China Syndrome’. Nu hij het grote geld
heeft binnengerijfd door in z’n blote reet door de badkamer van
Sharon Stone te paraderen en zich te laten aanranden door Demi
Moore, probeert hij ons er opnieuw van te overtuigen een goed
acteur te zijn; hij zat al in ‘Traffic’, en leverde dus ook deze heerlijke
‘Wonder Boys’ af.

Douglas keert zijn gladde imago 180 graden om in de rol van Grady
Tripp, een literatuurprofessor met een warrig kapsel en een warrig
brein. Op het moment dat we hem leren kennen, gaat hij door een
enorme crisis in zijn leven: zeven jaar geleden leverde hij een
boek af dat algemeen beschouwd werd als een meesterwerk en op alle
best-sellerlijsten kwam te staan, maar sindsdien heeft hij dat
succes niet meer kunnen opvolgen. Het is niet dat hij geblokkeerd
is, eerder het tegenovergestelde: hij kan niet ophouden met
schrijven, hij kan geen keuzes maken. Zijn tweede roman telt 261
bladen, zien we wanneer hij achter zijn typemachine gaat zitten.
Dan zet hij er nog een 1 achter.

Ondertussen heeft hij een affaire met de vrouw van de rector van de
universiteit waar hij werkt, die hem vertelt dat ze zwanger van ‘m
is. Hij heeft een bewonderende en o zo aantrekkelijke studente bij
hem inwonen. Hij is bezorgd over een andere student van ‘m, die
uitzonderlijk getalenteerd is, maar ook een pathologische leugenaar
en misschien zelfs suïcidaal. En dan komt zijn homoseksuele
uitgever nog even langs voor het weekend om hem aan z’n kop te
zeuren voor het oneindig uitblijvende boek. Enfin, Grady heeft
enige problemen.

We volgen Grady en de mensen die zijn pad kruisen gedurende één
weekend, een weekend waarin de professor tot een aantal moeilijke
inzichten en beslissingen moet komen. Dat is niet zo melig als het
klinkt, aangezien je hier een film hebt waarin zo goed als niets
van dat alles wordt uitgesproken: de veranderingen in de personages
vloeien natuurlijk voort uit de situaties waarin ze zich bevinden
en ze hoeven niet met stroperige speeches aangeduid te worden,
omdat we ze zo wel snappen.

Douglas is uitstekend als Grady Tripp, een JD Salinger-type dat
continu aan een joint zit te lurken, af en toe aan black-outs lijdt
als een gevolg daarvan en niet in staat is om orde op zaken te
stellen. De acteur krijgt fantastisch weerwerk van McDormand,
Robert Downey Jr (toen die even uit de gevangenis was), en Toby
Maguire. Douglas heeft dan wel de nominale hoofdrol, maar het gaat
hier eigenlijk om een ensemble-cast, die goed op elkaar is
ingespeeld.

Wat echt zo mooi is aan ‘Wonder Boys’, is echter de toon van de
film: dit is het filmische equivalent van een muzikale jazz-sessie.
Je vertrekt vanuit een bepaalde structuur, een soort geraamte (de
personages) en daarna ga je wat improviseren, je gaat een bepaalde
richting uit, dan bedenk je je en ga je weer een andere kant op. Je
kunt nooit vijf minuten op voorhand voorspellen wat er gaat
gebeuren met de personages uit ‘Wonder Boys’, je valt van de éne
verrassing in de andere. Wat dat betreft lijkt de film zeer
impulsief, maar het past wel bij de personages – ook zij, en vooral
Grady zelf, kunnen geen richting aan hun leven geven, ondergaan de
gebeurtenissen die hen treffen zonder ertegen in te kunnen gaan. De
hele film wordt gedreven door personages en niet door plot.

Niet iedereen is daar een even grote fan van, van dat soort van
personage-gedreven verhalen; een aantal mensen hebben ‘Wonder Boys’
omschreven als richtingloos, een film die “nergens over ging”. Hij
gaat natuurlijk wel ergens over, maar niet over een klassieke
dramatische handeling – er is geen duidelijk omlijnd begin, midden
en eind aangezien we slechts één weekend volgen uit het leven van
mensen wiens bestaan eerder al gaande was en achteraf gewoon verder
gaat. Als je van de film wilt kunnen genieten moet je daar wel
rekening mee houden.

‘Wonder Boys’ heeft het lef om nergens de meest voor de hand
liggende keuze te maken. Wanneer Robert Downey Jr aan het begin van
de film een travestiet meetroont, wordt daar niet echt een punt van
gemaakt. We zien meteen dat het een travestiet is, dat wordt geen
verrassing achteraf, er worden geen puberale opmerkingen over
gemaakt, hoewel we iets dergelijks wel zouden verwachten. Net zo
met de knappe studente (Katie Holmes): haar personage is duidelijk
ontworpen als een seksuele mogelijkheid voor Tripp, maar ook die
kaart wordt niet uitgespeeld. Haar personage gaat ook weer een
andere richting uit, die we niet verwacht hadden.

De film is een komedie, met grappen op plaatsen waar je ze niet
verwacht had. Het is een drama, met een verrassende poëzie op
vreemde momenten in de film. Maar het is bovenal… nuja, een trip,
met een viertal personages die als vreemden op ons af komen aan het
begin, maar die we intens menen te kennen op het einde.

Regisseur Curtis Hanson, die hiermee zijn succesfilm ‘LA
Confidentia opvolgt, geeft de film een melancholische winterse look
mee, met veel tinten van wit en grijs voor de exterieurs. Dat was
een goede keuze, want als je dan naar binnen gaat en de bruine en
gele kleuren ziet die hij gebruikte voor de interieurs, kun je de
warmte in de huizen haast voelen. Hij voorzag zijn film ook van een
zeer geslaagde soundtrack, met een nieuw nummer van Bob Dylan,
‘Things Have Changed’, dat (terecht) een oscar won.

‘Wonder Boys’ kreeg commerciëel gezien niet de aandacht die hij
verdiende, maar is wel één van de mooiste films die uw videotheek
bewonen.

http://www.wonderboysmovie.com

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × 4 =