Confessions Of A Dangerous Mind


Ongeveer halverwege Confessions Of A Dangerous Mind, zit er een
scène waarin Brad Pitt en Matt Damon een redelijk hilarische cameo
hebben. En plots moest ik denken aan de beroemde tekst uit The
Talented Mr. Ripley, met diezelfde Matt Damon: it’s better to be a
fake somebody than a real nobody. In wezen is dat waar deze film,
regiedebuut van acteur George Clooney, over gaat, hoewel het nooit
met zoveel woorden gezegd wordt. Wanneer de werkelijkheid niet
volstaat, verzin je gewoon een paar leugens, die aantrekkelijker
klinken. Tot op het punt dat het onmogelijk wordt om realiteit nog
van fictie te onderscheiden, natuurlijk.

Chuck Barris werd bekend in de jaren zestig als producent van
verschrikkelijke spelletjesprogramma’s, zoals The Dating Game
(Blind Date avant la lettre), The Newlywed Game, en zelfs (mijn
persoonlijke favoriet) The Game Game! De verzamelde pers hield hem
persoonlijk verantwoordelijk voor de normenverlaging en
debilisering van het medium tv, zoals hij mensen schaamteloos te
kakken zette in zijn shows. Hoogtepunt van smakeloosheid was wel
The Gong Show, waarin kandidaten geselecteerd op hun gebrek aan
talent, voor een publiek werden gezet om een liedje te zingen,
vierkant werden uitgelachen door een jury, en vervolgens door
middel van een enorme gong van het toneel werden gebanjerd. En u
vond de jury van Idool 2003 al onbeschoft!

In zijn gelijknamige autobiografie beweert Barris echter dat hij
tevens een moordenaar was voor de CIA, gerekruteerd door agent Jim
Byrd (Clooney zelve), die hem de gelegenheid bood om iets
belangrijks te doen voor zijn land. Barris manipuleert de
bestemmingen van de reizen die hij weggeeft in The Dating Game, om
samen te vallen met die van zijn geheime missie’s, en terwijl hij
overdag de kandidaten van zijn programma’s chaperonneert tijdens
hun wandelingen doorheen exotische locaties als Stockholm of
West-Berlijn, maakt hij ‘s nachts de vijanden van de democratie
vakkundig een kopje kleiner. Ik zie het Ingeborg nog niet zo snel
doen.

De vraag van tien miljoen is natuurlijk of Barris al dan niet
een enorme fantast is. De kampen zijn een beetje verdeeld waar het
het boek betreft, maar het is duidelijk dat scenarist Charlie
Kaufman (die van Being John Malkovich en Adaptation, jawel) er weinig van gelooft.
Zoals het Kaufman betaamt, heeft hij de film een kenmerkend
surrealistisch sfeertje meegegeven, waarin alle clichés uit het
spionagegenre dankbaar worden gepersifleerd. Denk bijvoorbeeld aan
Julia Roberts’ rol als femme fatale, die zich geen twee keer
eenzelfde uiterlijk aanmeet en zich uitdrukt in bewoordingen die
Raymond Chandler zelf had willen schrijven. Aan de manier waarop
Barris wordt getraind. Aan het gebruik van codezinnetjes om een
contactpersoon te herkennen, enzovoort… De Chuck Barris van deze
film begeeft zich voor zijn uitstapjes als CIA-killer duidelijk
buiten de werkelijkheid, in een surrealistische wereld van voor de
foto lachende moordenaars en in de rectum weggesjouwde microfilms;
een wereld die gevoed werd door alle clichématige spionagefilms die
we ooit gezien hebben.

Barris heeft, zoals de film het uitlegt, in ieder geval een
reden om een alternatief bestaan voor zichzelf te verzinnen:
wanneer de media zich tegen hem keren als de koning van
wansmakelijke tv-shows, zien we aan zijn reacties dat hij hen niet
helemaal ongelijk kan geven. Aan het einde van de film geeft hij
toe dat zijn voornaamste doel in het leven was “iemand te worden
die anderen ooit zouden citeren”. Als presentator van The Gong Show
is dat natuurlijk weinig waarschijnlijk. Als huurmoordenaar ook,
maar het geeft je tenminste het gevoel een uitzonderlijk mens te
zijn, zeker als je de trekker overhaalt in dienst van je
overheid.

Waar gebeurd of niet, George Clooney heeft er in ieder geval een
zeer degelijke film van gemaakt, die zeker voor een regiedebuut,
een uitzonderlijke zelfverzekerdheid toont waar het visuele stijl
betreft. De man heeft schijnbaar goed uit z’n doppen gekeken
tijdens zijn samenwerkingen met Steven Soderbergh en de gebroeders
Coen, en ontwikkelt hier een mooie visuele structuur. Ruwweg kun je
het onderscheid maken tussen de scènes die zich afspelen in Barris’
gewone leven als tv-producent, die een klassiek uiterlijk van
normaal uitziende kleuren hebben, en dan de scènes over zijn werk
voor de CIA, die een afgebleekte look hebben, enigszins in de stijl
van Three Kings. Fragmenten die teruggrijpen naar de jeugd van
Barris zijn dan weer gefilmd in sepia-kleuren. Deze drie
verschillende visuele stijlen durven wel eens door elkaar lopen,
maar dat is wel grosso modo waar Clooney op aanstuurt. En doorheen
de hele film houdt hij ervan vreemde camerastandpunten te
gebruiken, die ons dezelfde opmerkelijke, soms desoriënterende,
kijk op het verhaal bieden die Barris heeft op zijn eigen
leven.

Dit alles zorgt ervoor dat de film steeds visueel fris blijft,
en een aantal vondsten zijn echt uitstekend, zoals een
telefoongesprek waarin de echte achtergrond plots wegvalt om plaats
te maken voor het bureau van waaruit de andere spreker belt. Maar
laten we wel wezen: na een tijdje beginnen die cameratrucjes ook
een beetje pretentieus over te komen. Je moet nu eenmaal weten waar
je moet ophouden. Een simpele, rechttoe-rechtaan close-up van een
van de personages af en toe had echt geholpen om dat gevoel te
vermijden.

Sam Rockwell is een revelatie als Chuck Barris (en won in
Berlijn een Zilveren Beer voor de moeite); aangezien de film
uiteindelijk kiest voor ambiguïteit over de waarheid achter Barris’
verhalen, moet Rockwell het zo zien te spelen dat het sowieso
klopt, welke benadering je ook kiest. Is hij écht een moordenaar
voor de CIA? Een mentaal gestoorde man die leeft in een
fantasiewereld? Of gewoon een pathologische leugenaar die de hele
wereld willens en wetens blaasjes zit wijs te maken? Kaufman en
Clooney weten het zelf allicht niet zeker (de realiteit is immers
vaak vreemder dan fictie), en laten het vraagteken open, om
ingevuld te worden door het publiek. Maar Rockwells prestatie is
perfect compatibel met elk antwoord dat je maar kunt bedenken. Een
zeer dankbare rol voor een relatief onbekend acteur.

Er zijn nog een paar kleine problemen met de film. Zo worden er
af en toe getuigenissen van mensen uit het echte leven van Chuck
Barris tussen gegooid – je kunt je afvragen waarom, aangezien de
stijl van de rest van de film niet bepaald mikt op absoluut
realisme. Ook gaat naar het einde van het verhaal toe, de humor een
beetje verloren. In plaats daarvan wordt Barris duidelijker naar
voren gebracht als een tragisch personage, dat voor de rest van
zijn leven over zijn schouder zal kijken naar overheidsagenten die
al dan niet ooit bestaan hebben. Het is belangrijk dat dat
duidelijk wordt gemaakt, akkoord, maar die verandering vertraagt de
film ook, en dàt kun je aan het einde van een komedie niet echt
hebben. ‘Adaptation’ verloor nooit
z’n tempo, ook niet wanneer het roer plots werd omgegooid richting
het thrillergenre.

‘Confessions Of A Dangerous Mind’ is dus geen voltreffer, maar
het is een interessante film geworden, die in ieder geval duidelijk
maakt dat we van Clooney nog wel eens mooie dingen zouden mogen
verwachten. Om van Sam Rockwell nog maar te zwijgen. Het is nu
wachten op de memoires van John De Mol.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zes + 16 =