America’s Sweethearts


Hollywood wordt door cinici vaak bestempeld als een plaats waar
gevoel voor humor al bijna even onbestaand is als artistieke
integriteit of een echte boezem. De verwaandheid van supersterren,
de conflicterende ego’s, de aanbidding van geld… We kennen de
verhalen, ze zijn al zo vaak verteld dat ze het rijk van de roddel
al bijna hebben verlaten om een welverdiende plaats in te nemen in
dat van de clichés.

Af en toe reageert de droomfabriek van Amerika door een film te
maken die haar eigen imago bespot – Robert Altman maakte de
allerbeste met The Player, maar mensen als Joe Esterhasz (‘Hurly
Burly’) en David Mamet (‘State And
Main’)
namen ook de gelegenheid om hun frustraties met
Hollywood van zich af te filmen. ‘America’s Sweethearts’ poogt op
dezelfde kar te springen, maar schiet jammerlijk tekort. Waar de
voornoemde films, ongeacht of ze goed waren of niet, tenminste de
reactie van een individu op de verpletterende machinaties van
Hollywood waren, is deze komedie even oppervlakkig en gelikt als de
industrie die ze pretendeert te parodiëren.

Gwen (Catherine Zeta-Jones) en Eddie (John Cusack) zijn het
favoriete koppel van Amerika; getrouwd in het echte leven én een
winnend duo op het scherm, stonden ze tot voor kort garant voor
filmgoud. Maar een jaar geleden gingen de twee uit elkaar. Gwen
hokt nu samen met een Spaanse dekhengst (Hank Azaria, als je dat
kunt geloven), Eddie zit in een inrichting waar hij door een
welzijnsgoeroe de raad krijgt brieven aan zijn moeder te schrijven
om zijn gevoelens te uiten.

Hun laatste gezamenlijke film beleeft binnenkort z’n première,
en hoewel de excentrieke regisseur, Hal Weidmann (Christopher
Walken), weigert om de studio een seconde film te tonen, moet
PR-specialist Lee Philips (Billy Crystal) een uitgebreide press
junket organiseren, een weekend met interviews, voedsel en drank
voor de verzamelde persmeute. Hiervoor moet hij het gesplitte duo
echter terug samen krijgen. Samen met Gwens zus en dienstmeid Kiki
(Julia Roberts) probeert hij het weekend in goede banen te
leiden.

‘America’s Sweethearts’ werd geregisseerd door Joe Roth, wiens
laatste film, ‘Coupe De Ville’, al uit 1990 dateert, en die
sindsdien als studiohoofd werkte. Een studiohoofd die zijn eigen
business gaat parodiëren, klinkt dat nog iemand vreemd in de
oren?

De plot is duidelijk gebaseerd op de premisse van ‘Singin’ In
The Rain’, maar dan zonder de liedjes en met beduidend minder
charme. We krijgen het leeuwendeel van de Hollywoodclichés op ons
brood, van de bitchy filmdiva over de geschifte regisseur tot de
manipulatieve producer en de domme glamourboy, Azaria, die bovenal
bezorgd is dat de mensen zouden denken dat hij klein geschapen is.
Het gebruik van die clichés op zichzelf stoort me niet eens zo erg.
Het is veel erger, dat er zo weinig mee gedaan wordt. Als parodie
op de filmwereld, raakt ‘America’s Sweethearts’ niet verder dan de
nogal voor de hand liggende vaststelling dat men voor geld door het
slijk zou kruipen en dat er geen slechte publiciteit bestaat –
vandaar het soort van schaamteloze manipulatie van de pers die
plaats vindt op de press junket. Al wie het filmwereldje een klein
beetje volgt, zal hier niets nieuws ontdekken; wie dat niet doet,
zal het ook niet echt kunnen schelen.

Wat ik hier miste, was het soort van snelle, cynische dialogen
waarin ze in bijvoorbeeld de films van Billy Wilder zo goed waren.
Of zelfs in Vincenze Minelli’s klassieker over de filmindustrie,
‘The Bad And The Beautiful’:
“To give truth to a performance, there’s nothing like love.”
“Love is for the very young.”
“Love is for the birds!”

En dàt was niet eens een komedie! Nergens in ‘America’s
Sweethearts’ valt er een dialoog terug te vinden die evenveel
geestigheid vertoont. In plaats daarvan worden er voorspelbare, en
vaak slechts halfleuke situaties naar ons hoofd gesmeten.

Het begint nochtans vrij goed, met Stanley Tucci in een
heerlijke bijrol als studiobaas die eerst poeslief aan de telefoon
met demente regisseur Walken praat, om vervolgens in een woedende
bui het toestel tegen de grond te smijten. Walken levert wellicht
de beste prestatie in de hele film; met zijn gebruikelijke
ondoorgrondelijke gezicht en zijn onpeilbare sérieux speelt hij het
soort regisseur dat zijn films monteert in de blokhut van de
Unibomber. Naar zijn films kijk je niet – je ervaart ze.

Deze vroege scènes beloven het beste, zeker voor mensen die
voldoende films hebben gezien om alle referenties en steken onder
water naar de filmindustrie te begrijpen. Zo werd Walkens
personage, Hal Weidman, gemodelleerd naar Hal Ashby, een regisseur
uit de jaren zeventig, die enkele briljante films maakte maar door
de industrie de vernieling in werd geholpen. Wanneer Azaria zegt
dat Billy Crystal te oud zou zijn om een verhouding met Catherine
Zeta-Jones te hebben, komt er toch een grijns op ons gezicht –
Zeta-Jones is immers getrouwd met de aanzienlijk oudere Michael
Douglas.

Maar naarmate het verhaal zich verder ontwikkelt, wordt
duidelijk dat de bijtende satire voor een andere keer zal zijn.
Want niet alleen wil ‘America’s Sweethearts’ de scherpzinnige
parodie uithangen, hij wil ook een romantische komedie zijn over de
aantrekkingskracht tussen Julia Roberts en John Cusack. En niets
conformeert meer aan de regels van het Hollywood dat Joe Roth in
deze film tracht te bespotten, dan een romantische komedie. Op die
manier tracht de film van twee walletjes te vreten, en dat kan dus
niet.

De acteurs zijn over het algemeen goed, hoewel ik mijn vragen
heb bij het casten van Julia Roberts als het muurbloempje dat nooit
uit de schaduw van haar grote zus is geraakt en haar avonden
spendeert met het shampooen van diens haar. Ze speelt het goed,
daar niet van – maar La Roberts is zodanig de koningin van
Hollywood geworden, dat we het niet echt meer van haar accepteren.
En ook Hank Azaria lijkt mij een foute keuze; de man heeft gewoon
de fysiek niet om een Spaanse dekhengst te spelen. Nee, dan liever
Catherine Zeta-Jones en John Cusack als het centrale koppel. Vooral
Cusack is één van de meest getalenteerde komische acteurs (of
beter: acteurs tout court), die er momenteel in Amerika rondlopen.
Altijd al onderschat door het grote publiek, die man.

‘America’s Sweethearts’ weet af en toe een glimlach uit te
lokken, en zéér af en toe lach je zelfs luidop. Maar dat is lang
niet genoeg. Je kunt nu eenmaal geen fake industrie uitlachen met
een fake film. Misschien hadden de makers hiervan beter eerst raad
gevraagd aan hun welzijnsgoeroe.

http://www.americas-sweetheart.co.uk/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf × twee =