David Bowie :: The Rise And Fall Of Ziggy Stardust And The Spiders From Mars (1972)

Jong zijn begin jaren zeventig was geen pretje: de Beatles waren gesplit, The Who langzamerhand over hun hoogtepunt en het Westen had collectief een kater overgehouden aan de hippietijd. Jongeren waren het beu de sixties te horen verheerlijken, terwijl niets hun eigen generatie uit de sleur leek te kunnen halen. Tot één man de wereld glamrock leerde kennen en zichzelf daarna ophief.

Bowie was al even aan de weg aan het timmeren, maar meer dan het lievelingetje van de critici was hij met albums als David Bowie (met "Space Oddity") en The Man Who Sold The World niet geworden. Nu eens als rocker, dan weer als folkzanger zocht Bowie naar een eigen gezicht, een eigen geluid. Bij de opnames van wat The Rise And Fall… zou worden, vielen de puzzelstukken eindelijk op hun plaats.

De bleke Brit had op dat moment nog de lange lokken die in die tijden bij een folky hoorden, maar in zijn geest was een meesterplan aan het rijpen: had iedereen lang haar? Dan knipte hij het zijne kort en verfde het rood. Kleedde een rocker zich bij voorkeur ranzig en in leder? Hij ging voor kleurrijke, bizarre kostuums. Was heteroseksualiteit de norm? Hop, daar was het interview waarin hij zich als homo outte. De gewenste headlines en verontwaardiging werden zijn deel.

Het was precies waar jongeren op hadden zitten wachten: glamrock was escapisme, een weg uit de verveling. Er gebèurde iets en de soundtrack erbij was fantastisch. The Rise And Fall Of Ziggy Stardust And The Spiders Of Mars is één van die mijlpalen in de muzikale geschiedenis. Een plaat, die meer dan dat, een moment is.

"Five Years" schetst een wereld die net te horen heeft gekregen dat het binnen vijf jaar gedaan is. Bowies beelden zijn vlijmscherp en ontredderend: "News guy wept and told us, earth was really dying/Cried so much his face was wet, then I knew he was not lying (..) girl my age went off her head, hit some tiny children/If the black hadn’t a-pulled her off, I think she would have killed them"

Dat openingsdrama zet de toon. Het is een verre voorloper van Prince’s hartenkreet "tonight we’re gonna party like it’s 1999": het moet nù gebeuren, want er is geen straks meer, nù, en laat het spectaculair zijn. Of zoals Bowie het in "Starman", de single die het allemaal in gang zette, verwoordde: "That weren’t no D.J./that was hazy cosmic jive".

Spreken we hier dan van een conceptalbum? In de strikte zin van het woord zeker niet, want slechts de helft van de songs behandelen op min of meer directe wijze het verhaal van Ziggy Stardust of de glammuziek in het algemeen. Ze zijn echter essentieel. Bowie droomde van roem en zijn brandende ambitie is sprekend. In "Lady Stardust" bezingt hij concurrent glamicoon Marc Bolan van T-Rex. "Oh how I sighed when they asked if I knew his name" besluit hij teleurgesteld, en in "Star" vat hij zijn masterplan samen: "I could play the wild mutation as a rock & roll star"

Op "Hang On To Yourself" speelt de gitaar van Mike Ronson een hoofdrol en ook de openingsakkoorden van "Ziggy Stardust" kent elke glam-gitarist van buiten. Op de kreet die Bowie aan het begin van dat nummer slaakt, bouwde Axl Rose overigens zijn hele carrière.

Nog zo’n all-time klassieker is de "wham-bam, thank you mam"-break in "Suffragette City", maar dan is het gedaan: Ziggy besluit dat het genoeg is geweest en kiest voor een "Rock ’n Roll Suicide". En zo liep het ook in die zomer van 1973. Na een Amerikaanse tournee verschijnt nog wel opvolger Aladdin Sane, bleker en minder uitbundig dan Ziggy Stardust. Uitgeput van het ellenlange touren beslist hij op het hoogtepunt te stoppen. Op 3 juli 1973 vindt het laatste concert van de Ziggy-tournee plaats in de Londense Hammersmith Odeon. Net voor het laatste nummer stapte Bowie naar voren en kondigde aan dat dit zijn laatste concert ooit was.

Het is een meesterzet: de media-aandacht is overweldigend. "Bowie will spend the Summer in France and Italy recording, relaxing and writing the script of his future", leest een persmededeling van zijn management achteraf laconiek. Bowie kan nu terugkomen als wie hij maar wil en hij maakt er volop gebruik van. Hij wordt de koning van de kameleons: van Thin White Duke enkele jaren later, over garagerocker met Tin Machine eind de jaren tachtig, tot de every-inch-a-gentlemen die zich aan drum’n bass waagt van vandaag, Bowie past zich aan alle omstandigheden aan, de tijdsgeest telkens een millimeter voor.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × een =