Sire er bestaan nog moderne troubadours die, net zoals hun middeleeuwse collega’s destijds, uiterst welluidend zingen over het leven, de liefde en alles wat daartussen ligt. Eeuwige jeugdheld Lloyd Cole, heel knap geëvolueerd van Britse popster in de jaren tachtig tot singer/songwriter nadien, had genoeg aan één elektrische gitaar en zijn kenmerkende, gortdroge humor om het publiek gelukkig te stemmen.
Maar first things first: eerst was er in een sfeervol park de al even betoverende Aqua Riyaz. Riyaz, finalist van Studio Brussels De Nieuwe Lichting 2026 had genoeg aan één begeleidende muzikant op akoestische gitaar en uiteraard zijn zijdezachte stem die vaak als een raket de stratosfeer in schoot. Onder zijn eigen naam Justin Degryse blonk hij al op jonge leeftijd uit in The Voice Kids, waar hij “Lovely” van Billie Eilish volledig naar zijn hand én stem zette. Maar ook zijn eigen materiaal was om van te snoepen: onder meer openingssong “Pinocchio” en “Could You Be My Moon”, beiden te vinden op de ep Boy And the Swan, waren om door een diamanten ringetje te halen. Zeer, zeer mooi concert.
En dat adjectief paste uiteraard ook naadloos bij het concert van Lloyd Cole zelf. De flegmatieke Brit betrof in de jaren tachtig met zijn toenmalige begeleidingsband The Commotions immers het rechtstreekse antwoord op The Smiths en dat, beste vrienden, was een positie waar mindere goden destijds een moord voor zouden begaan. Met die Commotions blikte Cole dus drie succesvolle klassiekers van albums in. Na de split verkaste Cole in 1989 naar de VS voor een bij vlagen heel intrigerende solocarrière die qua succes echter niet kon tippen aan zijn Gouden Decennium in de jaren 80.
In Sint-Niklaas speelde Cole, als vanouds volledig in het wit gekleed, al meteen het prachtige “The Afterlife” uit zijn voorlaatste soloplaat Guesswork. Om dan, na de aankondiging dat hij op zijn elektrische telecaster-gitaar veel oude songs ging spelen, al direct “Speedboat” en de live met veel tempowisselingen gelardeerde opperhit “Rattlesnakes”, uit zijn gelijknamige, beresterke debuutplaat met The Commotions, het publiek in te werpen. Die elektrische gitaar gaf een nagelnieuw elan aan Cole, die er opmerkelijk ontspannen bij stond. “s Mans droogkomische bindteksten gaven bovendien een frivool tegengewicht aan zijn soms zwaarwichtige maar steevast geniale songteksten. Zo kondigde hij het sublieme “Cutting Out” aan als een song die op de Belgische radio net ietsje langer gedraaid werd dan elders -31 jaar geleden…
En die elektrische gitaar, ze bleef maar prachtige luistergensters slaan. Zo kwam de Commotionssong “Are You Ready to Be Heartbroken” in deze solo-uitvoering veel beter, nog beter uit de verf dan het origineel. Ook het heerlijke “Charlotte Street”, ook al uit Rattlesnakes, gedijde bijzonder goed bij deze muzikale striptease. Maar Cole zijn solonummers waren heus niet de kneusjes van dienst, getuige het succulente “No Blue Skies” en de titeltrack van On Pain ,onze favoriete bard zijn laatste plaat die net als Guesswork enkel op synthesizers steunt. Eerste echte kippenvel bij “Jennifer She Said”, één van de mooiste (anti-)liefdesliedjes die ooit uit de pen van een sterveling zijn gekropen, punt uit.
En zo ging deze mooie zomeravond maar door, met Cole die heel slim afwisselde tussen solo- en groepswerk. De, dixit Cole, regelrechte murder ballad “Butterfly” en het met uitgestreken gezicht als een song uit 1989 aangekondigde “Undressed” wentelden zich dus heel uitgekiend tussen pakweg het ronduit prachtig “2 CV” uit de jaren tachtig. In “No More Love Songs” kwam onze favoriete treurwilg zijn zo karakteristieke stem nog eens heel mooi tot zijn recht. Hekkensluiter van die reguliere set was het verkillende, ons bij ons nekvel grijpende “Hey Rusty” uit sleutelplaat Mainstream, over trouw blijven aan je jeugdidealen en -vrienden. In de bissen noteerden wij nog met een kamerbrede glimlach de Commotions-evergreens “Lost Weekend” en “Forest Fire” maar tegen dan hadden wij al lang onze conclusie klaar. Als er iemand het levende bewijs is dat waardig en stijlvol ouder worden geen wandelende contradictie betreft, is het wel deze Lloyd Cole. Zeer straf concert in een ronduit idyllische setting.



