Deze zomer trekt Richard D. James, alias Aphex Twin, nog eens de baan op om op te treden. Naast Italië, het Verenigd Koninkrijk en Scandinavië doet hij ook onze contreien aan. Na Best Kept Secret speelt hij komend weekend op Dourfestival, en als u nog aan een ticket raakt, is het advies: niet twijfelen, want met Aphex Twin valt al meer dan dertig jaar altijd iets te beleven.
In de mix(er)
Aphex Twin live aan het werk zien is sowieso altijd bijzonder. Om te beginnen trekt James zijn deur al niet al te vaak achter zich dicht om voor een publiek te gaan spelen. Hij geeft maar een handvol optredens per jaar en zelfs dat is nu al vier jaar geleden. De website concertarchives heeft weet van 166 optredens. Op een carrière van bijna veertig jaar is dat niet zo heel veel te noemen.
Daarnaast zijn ook de concerten zelf omkranst met een resem sterke verhalen. Een van de meer legendarische is de set die hij speelde in de Londense Disobeyclub, halverwege jaren negentig. Aphex Twin is sowieso al niet de meest vanzelfsprekende muziek om op te dansen, maar op die specifieke avond was Richard D. James wel in voor een lolletje. Hij arriveerde met enkele vellen schuurpapier, legde ze onder de arm van de draaitafel en duwde de schuif open. Wat volgde, was op zijn minst verrassend te noemen: de aanwezigen bedekten hun oren niet, maar begonnen te joelen van de pret. “It sounded like the end of the world, but it was just the end of two very successful nights”, schreef The Wire toen.
Tot zijn stomme verbazing werd de dj uitgenodigd om zijn trucje nog eens over te komen doen in een club in New York. Dus besloot hij nog een stap verder te gaan. Als extraatje nam hij een keukenrobot mee, stopte er een microfoon in en joeg dat geluid door de versterker – met hetzelfde effect op het publiek tot gevolg. Zelfs toen James de keukenrobot vanop het verhoog op iemands hoofd keilde, reageerde die niet kwaad, maar liet hij de blender door de verbaasde dj signeren.
“It was just basically a joke, but loads of people took it really seriously. It was really funny. I love things like that”, kijkt James terug op het voorval – maar die tijd van apenstreken is voorbij. Beelden van zijn huidige shows tonen vooral mensenmassa’s die zich vergapen aan indrukwekkende visuals, terwijl ze uit de bol gaan op frenetieke beats en acid house, afgewisseld met broodnodige atmosferische rustpunten. De shows zijn nog steeds niet geschikt voor wie lijdt aan epilepsie of hartritmestoornissen, maar een helm zal u toch niet moeten meenemen.
“De Mozart van zijn generatie”
Een dooddoener van een omschrijving, maar net als de klassieke componist is Aphex Twin naast een grappenmaker ook en vooral: een echte artiest, een voorloper in zijn genre, wiens grote invloed reikt tot ver buiten de grenzen van de elektronische muziek. Toen Thom Yorke na het monstersucces van OK Computer koortsachtig een nieuwe richting zocht voor zijn band keek hij naar Aphex Twin, en dat zowel muzikaal als qua manieren om het publiek te vervreemden en verrassen. Ook Radiohead legde het geen windeieren.
James is dat soort artiest waarvoor af en toe het epitheton ‘genie’ wordt bovengehaald. Dat mag tegenwoordig dan al een uitgeholde term zijn, maar het valt niet te ontkennen dat Aphex Twin in een andere klasse speelt dan de meeste van zijn collega’s. Niet alleen is zijn muziek verduiveld ingenieus, bovendien zijn er weinig producers die zo ver zouden gaan dat ze in hun muziek afbeeldingen verstoppen die verschijnen wanneer je de beats door software haalt en de geluidssignalen omzet in frequenties. Zo verschijnt er een spiraal als je het chaotische einde van “Windowlicker” laat sequencen en (nog straffer) een zelfportret van Aphex Twins typerende grijns als je diezelfde software loslaat op de B-kant van “Windowlicker”: “∆Mᵢ⁻¹=−α ∑ Dᵢ[η][ ∑ Fjᵢ[η−1]+Fextᵢ [η⁻¹]]”, beter bekend – of op zijn minst beter uitspreekbaar – als “Formula” of “Equation”. De titel gaf al een hint,
aangezien het hier een formule betreft van de Fourier-transformatie, die signalen omzet in frequentiële representatie. Je hoeft geen hoger diploma wiskunde te hebben om van Aphex Twins muziek te genieten, maar het kan wel helpen om de diepere lagen te kunnen aanboren.
De man, de muziek, de mythe
Zijn onmiskenbare talent ontging ook het Belgische label R&S niet toen de jonge Aphex Twin met een bak tapes onder de arm zijn muziek bij hen aanbood. Zij brachten als eersten op hun sublabel Apollo de muziek van de Ierse artiest uit, alvorens hij te groot werd en naar Warp overstapte. Dertig jaar na de release van Selected Ambient Works 85-92 is hij nog steeds een van de best verkopende artiesten op R&S, met tienduizenden verkochte exemplaren per jaar.
Waarom was toen al duidelijk. SAW 85-92, dat het Apollo-sublabel uitbracht, was immers niet de typische ambient waarvoor het label bekend stond, het soort dat eeuwig met stofzuigers of achtergrondmuziek voor luchthavens wordt geassocieerd. Het was doorleefd, er zat een hartslag in – een die bij momenten zelfs zo luid bonsde dat je hem op de dansvloer kon voelen.
In ‘93 tekende James bij Warp en in ‘94 volgde het tweede deel van die Ambient Works, dat veel killer aanvoelde dan zijn voorganger en meer dreef op sfeer dan op bpm. Het was een album voor zij die Siberië als ultieme vakantiebestemming zien. Het was desolaat, je komt er jezelf op tegen en afhankelijk van wat voor iemand je dan tegenkomt, is het prachtig of levenloos. Opvolgers …I Care Because You Do en Richard D. James Album haalden steeds meer drum-’n-bass en junglegeluiden doorheen de spreekwoordelijke keukenrobot, waarbij het tempo en de durf in de muziek meegroeiden met het zelfvertrouwen van de artiest. De grijns die Aphex Twins platen sierde in de tweede helft van de jaren negentig werd steeds demonischer, de rattenvanger had iedereen in zijn greep en kon het publiek bespelen als willoze marionetten. Volgen deden ze toch.
Het hoogtepunt en dieptepunt tegelijk waren de EP’s Come To Daddy en Windowlicker, die Aphex Twin op onverklaarbare wijze dicht bij de mainstream brachten. Niet omdat ze niet goed waren, maar wel omdat ze zó onconventioneel en radicaal waren: de eerste een bulderende pastiche op heavy metal waarop James onze ziel dreigt te verorberen – die scène met de oma in de clip geeft ons nog steeds een schuldgevoel wanneer we luider moeten praten tegen ons memeetje omdat ze ons niet goed meer hoort – de tweede met die gesjeesde pastiche van een gangsterrapvideo, waarin de bleke Brit de show steelt en zijn gezicht op het lichaam van voluptueuze dames verschijnt. Aphex Twin doet vréémde dingen met uw libido.
Tegelijk was het de eerste keer dat James’ gevoel voor humor hem had ingehaald. Iederéén vond Aphex Twin ondertussen leuk en dat was nu ook weer niet de bedoeling. Met vijfde langspeler Drukqs stootte hij dus een deel van zijn publiek af, door schoonheid (zoals op “Avril 14th”) met songs als migraineaanvallen te combineren. De ontvangst was gemengd en daarna was er … stilte. Eentje van dertien jaar waarin zijn faam alleen nog maar groeide. In 2014 verscheen zesde album Syro, gevolgd door nog enkele EP’s.
Al lachend spreekt de zot de waarheid
En ten slotte is er ook Aphex Twin als sater, de nar die altijd de draak steekt met alles en iedereen. In die Disobeyclub lachte hij al met het avant-garde imago van de club en haar publiek, maar hij durft nog verder gaan. Waar anderen voor hun remixwerk een artistieke schijn hooghouden, zei hij waar het op stond, en noemde zijn werk ten dienste van anderen doodleuk 26 Mixes For Cash. Het is overigens maar de vraag of de geremixte artiesten (behalve omwille van wat opgevijzelde geloofwaardigheid) ook blij waren met zijn herwerkingen, die vaak bitter weinig uitstaans hadden met het originele nummer (“I never heard the originals … I don’t want to, either”, zei hij over zijn ‘herwerking’ van Nine Inch Nails). Soms had hij de remix zelfs niet zelf gemaakt. James stak openlijk zijn dikke middenvinger op naar de rest – betalen deden ze toch – of ze hun nummer er nu in herkenden of niet.
In interviews spuit hij ondertussen al jarenlang mist over zijn privéleven. Zo is er het verhaal dat hij een doodgeboren broer zou hebben gehad die óók Richard geheten zou hebben en van wie zijn ouders dan de naam hergebruikt zouden hebben. Aphex Twin is óók voer voor psychologen. Al in 1995 onderzocht Mixmag in een special issue over Warp in een lang artikel of Aphex Twin nu geniaal was, dan wel iemand die erin slaagde om mensen te overtuigen van zijn onzin, of gewoonweg een ordinaire grapjas. De auteurs kwamen er niet uit.
James speelt het kat-en-muisspel tussen artiest en publiek nog altijd slim uit. Zo zijn de aliassen waaronder hij geopereerd heeft zelfs voor zijn fans haast niet meer bij te houden. Kies gerust uw favoriet uit namen als Blue Calx, Bradley Strider, Power-Pill, Caustic Window, Polygon Window, the Tuss (dialect voor ‘erectie’) en Gak (‘slijm’ of ‘cocaïne’) – in de periode na 2000 bracht hij weliswaar geen muziek meer uit als Aphex Twin, maar wél als AFX (de reeks Chosen Lord-EP’s). Toen hij in 2014 zijn terugkeer aankondigde, deed hij dat niet via de geijkte kanalen, maar liet hij cryptische boodschappen achter op het dark web, vloog er een zeppelin met zijn logo boven Londen en verscheen her en der in steden als New York zijn logo als
graffiti. Met zijn mix van stijl, mysterie en meervoudige interpretatie (Is het een A? Is het een lambda, het symbool voor golflengte?) heeft dat logo op muziekliefhebbers hetzelfde effect als het belletje op Pavlovs hond.
Maar zelfs zijn symbool heeft James niet nodig om de muziekwereld over zichzelf te doen buitelen van enthousiasme. In 2015 werden op SoundCloud meer dan 200 nummers opgeladen onder de anonieme accounts user48736353001 en user18081971, waarvan wordt aangenomen dat ze echt van James afkomstig zijn. Let goed op die aanname, want bij Aphex Twin is niets ooit zeker. Volgens Mark Twain mocht de waarheid echter nooit in de weg komen te staan van een goed verhaal, en ook Pitchfork concludeerde toen: “Faith counts for a lot” De enige zekerheid is dat je met Aphex Twin nooit klaar bent. Je kan hem alleen probéren te volgen. Of live gaan bekijken, zoals op Dour.