Geen Oscars zonder schandaal. Beter dan de muilpeer die Will Smith aan Chris Rock in 2022 verkocht wordt het wellicht nooit, toch had de roddelpers ook dit jaar haar handen vol, en wel met Andrea Riseborough. Zowat heel Hollywood verwachtte dat Viola Davis voor The Woman King een van de genomineerden zou zijn, maar het was niet zij – of die andere gedoodverfde kandidate Danielle Deadwyler voor Till – maar wel Riseborough. Kwatongen beweerden dat de actrice haar nominatie op een vrij controversiële manier had bekomen en wel door te gaan aankloppen bij de vriendjes Charlize Theron, Kate Winslet, Jennifer Aniston en Courteney Cox. Er zou zelfs een pr-bureau zijn ingehuurd. Aan jaloezie anders geen gebrek in Tinseltown, en dan vooral omdat To Leslie – want hierover gaat het – nauwelijks iets deed aan de kassa en toch plots op de rode loper voor het Dolby Theatre in Hollywood mocht verschijnen.
Ondertussen is de storm gaan liggen, maar Riseborough kreeg wel de steun van mensen als Paul Schrader, een regisseur die niet bepaald op zijn mondje is gevallen. In iedere rechtvaardige wereld had Cate Blanchett voor Tár een beeldje mee naar huis mogen nemen, en na het zien van To Leslie mocht de rechtvaardige keuze ook wel een heel klein beetje op Andrea Riseborough vallen. Hoewel deze film over alcoholisme weinig of niet de vertrouwde paden van het genre verlaat, is haar vertolking er een van zeer hoogstaand niveau. Zo hoog zelfs dat To Leslie net geen one-woman-show wordt.
In dit sociaal drama volgen we het typische relaas van een alcoholicus, zij het dan met een wat sterkere insteek. Michael Morris, die hiermee zijn langspeeldebuut maakt als regisseur, maar reeds massa’s ervaring heeft met televisieseries als Better Call Saul, Bloodline en de Netflix-hit 13 Reasons Why, draait er namelijk z’n hand niet voor om Amerika in zijn blootje te zetten: marginalen die in hun huiskamer nog wel een Amerikaanse vlag hebben hangen, maar voor wie de Amerikaanse droom al lang uit elkaar gespat is – als hij voor hen ooit al heeft bestaan.
Alles wat een alcoholicus kan overkomen, komt aan bod in dit twee uur durend drama. Leslie hangt straalbezopen over de spoelbak, ze bekomt regelmatig een blauwe bakkes en ze verliest stilaan iedereen rondom haar, zelfs haar eigen zoon James (Owen Teague), die haar nog een laatste kans wil geven op voorwaarde dat ze een plan heeft. Na één dag is de drang naar de fles echter te groot.
To Leslie is een kleine film die soms een tikkeltje te voorspelbaar uit de hoek komt, zeker naar het einde toe, en het is maar de vraag of we ooit over deze film zouden hebben gesproken mocht Andrea Riseborough er geen Oscar-nominatie voor gekregen hebben, toch is het fijn om dit soort American independent cinema nog eens in de bioscoop te zien naast de rommel waarmee men krampachtig week na week de box office wil veroveren. To Leslie kan helemaal niet op tegen soortgenoten als Barbet Schroeder’s Barfly, The Lost Weekend of Leaving Las Vegas (de beste zatlappenfilm aller tijden), toch is dit drama net iets meer dan “die Oscar-film waarvan niemand ooit gehoord heeft”.



