Yellowstone: Seizoen 4

Taylor Sheridan levert met Yellowstone een sterke dramaserie vol cowboys en indianen, koeien en paarden, helden en antihelden. Dit alles tegen een achtergrond van adembenemende vistas in Montana en in goede banen geleid door een ijzersterke Kevin Costner. Het is een van de succesvolste Amerikaanse series van het moment maar krijgt amper de aandacht die het verdient. Let wel, het is geen vrolijke bedoening. Ondanks de weidse landschappen bij vol daglicht met de mooie blauwe hemel is dit een hard en grimmig portret van een rijke familie die alles dreigt te verliezen.

De meeste films en series van Sheridan zijn westerngekruid, al zijn het geen echte cowboyverhalen. Het materiaal valt meer onder de noemer neo-westerns. De personages, thema’s en activiteiten verraden een moderne western, maar atypisch zijn het hier big ‘corporations’ die fungeren als de perverse antagonist. De helden en anti-helden van Sheridan lijken weggelopen uit een Bruce Springsteensong, verpakt als een genre-oefening met een vernislaag Shakespeariaans drama.

In elk van zijn films en series onderzoekt Sheridan een ander facet van de ‘American Nightmare’ en legt hij ware gelaat van Amerika bloot. Zo schetst hij een reactionair ode aan het lijden van de in-de-steek-gelaten-werkmens in deze tijden van het verval van kapitalisme door economische crisissen (Hell or High Water uit 2016 bijvoobeeld). Of lijkt het een macho-analyse van de hopeloosheid van de ‘war on drugs’ zoals in Sicario,  of kaart hij de verkeerdelijk gelegitimeerde onderdrukking van ‘Native Americans’ door de ‘White Man’ aan zoals in Wind River.

 

Bij aanvang van het vierde seizoen van Yellowstone – dat helemaal in dit rijtje past – staat aan het hoofd van de Duttonclan nog steeds Kevin Costner die met een harde hand de troep leidt die zijn Yellowstoneranch bevolken. John Dutton is een typische neo-western personage. Hij doet wat hij doet omdat hij overtuigd is van zijn gelijk, maar hij is te oud voor een wereld waarin geen plaats meer is voor zijn idealen. Een wereld waarin slechteriken plannen smeden in een vergaderzaal in plaats van met open vizier hem tegemoet te rijden. In een klassieke western zou hij binnen de 90 minuten de ‘bad guy’ neerschieten, hier vaart hij blind in een wereld die niet meer de zijne is. No Country for Old Men andermaal. Maar hij is ook een held met een psychotische trek en een ijzeren dictatoriale hand. Of beter gesteld: een “moderne held”.

Seizoen 4 van Yellowstone pikt onmiddellijk op na de ‘cliffhanger’ van het vorige, waarin verschillende gewapende fracties probeerden elk lid van de al verzwakte Duttonfamilie uit te schakelen. Als bij een wonder overleven ze het allemaal en proberen ze uit te dokteren wie achter de aanslagen zat. Tegelijkertijd proberen ze allemaal zo goed en zo kwaad als het kan de trauma’s ervan te verwerken.

Costner is altijd al een sterke acteur geweest, maar zijn ‘star quality’ speelde hem in zijn jongere jaren al eens parten. De laatste tijd is hij in de herfstfleur van zijn acterend leven. Hij beweegt als een moderne zoon van John Wayne en Randolph Scott en draagt de hele show al vier seizoenen op onverbetelijke en onvergetelijke wijze moeiteloos op z’n ‘All American’ schouders.

Dutton strijdt voor het behoud van zijn macht en zijn landgoed maar wie zal de strijd voortzetten als hij er niet meer is? Zijn kinderen binden zich ofwel ongezond aan hem (de dochter Beth), kiezen voor hun gezin (de zoon Kayce) of keren zich van hem af (‘zoon’ Jamie). De enige die nog in zijn voetsporen kan treden is zijn rechterhand Rip. Dutton is de dinosauriër die het uitsterven voelt naderen. Een symbool voor ‘Wit Conservatief Amerika’ dat de wereld ziet veranderen en gedwongen wordt zijn grootste angsten onder ogen te komen. Is dit reclame voor rechts Amerika dat is groot geworden op racisme en bezit of een spiegel voor deze klasse? Vanaf seizoen 3 begint de spiegel duidelijk te barsten en wordt de agenda van Sheridan almaar duidelijker. Dit is alles behalve ‘red state’ propaganda, dit is ook een snerende uppercut naar conservatisme.

Yellowstone speelt mooi in op verschillende klassieke westernsjablonen, zoals de noodzaak van een confrontatie met het verleden om de pijn van het heden beter te vatten. Je hoeft geen westernfreak te zijn om Yellowstone ten volle te appreciëren, al helpt dat wel. Een goede (neo)-western gaat altijd over veel meer dan over mannen met paarden. Het kan alleen daarover gaan als je dat wil, maar het kan over zoveel meer gaan. Westerns waren altijd al het beste portaal tot onze maatschappelijke vraagstukken van vandaag en dat is hier in Yellowstone niet anders.

Seizoenen 1 en 2 waren als een trage diesel, maar in de laatste 2 seizoenen ontpopt Yelowstone zich tot een geweldige, meedogenloze reeks waar niet op een lijk meer of minder wordt gekeken. Moest Taylor Sheridan niet zo goed zelf kunnen schrijven, hij zou de ideale verfilmer zijn voor de boeken van Philipp Meyer of Cormac McCarthy. Waarschijnlijk komt er nog een vijfde seizoen, gezien het gigantische commerciële succes van de reeks (er zijn ook een paar nevenreeksen in de maak, waaronder de prequel 1883), maar het verhaal zou evengoed hier op dit hoogtepunt kunnen stoppen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in