Douglas Firs :: ”Ik vraag me af hoe andere mensen dat doen, rouwen”

Gertjan Van Hellemont zou vader worden. Zijn moeder zou sterven. En toen kwam COVID, en nam de ziekte zijn grootmoeder mee. Te midden van een pandemie veegde Douglas Firs de brokstukken van twee levens bij elkaar, het resultaat is een plaat over moederschap die dan ook zonder omwegen Heart Of A Mother heet.

Op het terras van een Gentse koffiebar zoekt de songsmid naar woorden. Hij wikt en weegt, laat de zinnen met lange tussenpozen komen. Het is ondertussen allemaal anderhalf jaar geleden, maar veel heeft hij er tot nu toe niet over gepraat. Nu, met een plaat onder de arm, die alle ellende in ogenschouw neemt, kan het niet anders; het moet, en dus probeert hij. Om te beginnen spoelen we even terug naar het najaar van 2019, toen alles begon.

Van Hellemont: Ironisch genoeg had ik kort vooraf tegen mijn vriendin Jolien opgemerkt hoe gek het was dat mensen rond ons van alles overkwam, en ons leven zo rustig zijn gangetje ging. En toen kwam het dus. Kort voor de lockdown is al die ellende me zowat in de nek gekletst. In oktober kreeg ik het nieuws dat ik vader zou worden, en meteen erna vertelde mijn moeder dat ze ongeneeslijk ziek was. Nauwelijks enkele maanden later, in februari 2020, is ze overleden. Het was een erg agressieve ziekte, die waarschijnlijk laat ontdekt is. Ze sukkelde al even met pijn in haar schouder, maar niemand vermoedde kanker.

enola: Had je een goeie band met haar?

‘Ja. Ze was een moeder, dat was haar voornaamste rol. Ze was supertrots op alles wat haar vier kinderen deden. Ze luisterde graag naar onze verhalen. En wat voor vrouw ze was? Rond kerst zijn we met mijn vader naar de Ardennen getrokken, en had Jolien hem gevraagd wat hij zou zoeken in een mogelijke nieuwe vrouw. Hij was niet op zoek, maar ze zou lief moeten zijn, en toch pittig en vurig, zei hij. Ja, dat was dus gewoon hoe mijn moeder was. Ze was zacht, maar ze duldde ook geen bullshit. Ze had een eigen mening, en kon koppig zijn.’

“Ik zie deze plaat echter niet als een plaat over haar, of over het afscheid. Ik ben gewoon muziek gaan maken als afleiding. Zeker omdat we ook nog in lockdown zaten. Het zal wel een vlucht geweest zijn. Maar als ik nu de teksten lees, kom ik toch veel beelden tegen die op die periode slaan. In “Pains In The Asses”, bijvoorbeeld: “We act like that washing machine sound is normal / We’re mourning our mothers but try to act formal” of “We’re planting new flowers where our parents once stood”.’

‘”Until It Won’t” gaat wel echt over de dood. Ik schreef het voor de begrafenis van mijn grootmoeder, waar we een opname hebben afgespeeld. Het voorlezen op het afscheid van mijn moeder was me niet goed afgegaan, dus ik wilde dat niet nog eens doen. Als ik een nummer schreef, moest ik daar niet staan. We hebben gewoon een opname afgespeeld.’

enola: Je grootmoeder was één van de bejaarde COVID-slachtoffers.

‘Dat was hard. Afscheid hebben we niet kunnen nemen, want niemand mocht er bij. Plots kregen we gewoon een mail dat ze er niet meer was. We hebben haar ook maar mogen begraven met twaalf mensen. Maar verder was haar dood wel te plaatsen. Ze was oud en dementerend, zat in een rusthuis. Ze had alles uit haar leven gehaald; het was mooi geweest. Absurd genoeg heeft Jolien op exact dezelfde dag ook een grootvader verloren aan COVID.’

enola: Ik ben mijn vader net voor de lockdown verloren, en ik merk eigenlijk dat ik daardoor bijna niet aan rouwen ben toegekomen; de rest, het leven zoals het zich op dat moment opdrong, nam over.

‘Ik vraag me al die hele tijd af hoe mensen dat doen, rouwen. Ik kan al kapot gaan van een mooi gespeelde trompet. Het is te groot om er mee om te gaan. Ik heb er ook nog nauwelijks over gepraat, zelfs niet met mijn vriendin. Alsof ik niemand wil lastig vallen met mijn verdriet. Het is pas door nu interviews te doen dat ik dit moet doen. En ik vind het niet erg, maar ik weet niet goed hoe rouwen moet, behalve dan door muziek te maken. Het is wat raar dus dat, doordat ik naar mijn zolder ben gevlucht, het nu wel een plaat oplevert die de wereld in gaat.’

enola: En zo kwam het thema ‘moederschap’ bovendrijven voor deze plaat?

‘Ja, zeker omdat mijn vriendin ondertussen zwanger was, en ik haar zag veranderen. Moederschap is iets bijzonders. Je wordt minder belangrijk voor haar, want dat kind dat ze draagt is alles. Ze werd een soort leeuw. Tijdens de bevalling heeft ze een bloeddrukval gehad – achteraf gezien bleek het niet erg, maar haar zien schokken en beven was wel eng – en terwijl ze daar lag was haar enige bekommernis: is de baby ok? Ze was zichzelf compleet vergeten.’

‘Sowieso zat ik in een andere fase van mijn leven, dan voorheen. Op mijn vorige platen was ik nog een twintiger, die heel ik-gericht uitzocht hoe het leven werkte, relaties van zich afschreef. Nu zag ik levens wegvallen, wachtte de komst van een nieuw af, en voelde zo hoe ik ook maar een schakel ben in een verder lopende keten. Dat maakt je klein. Het levert een ander perspectief op.’

enola: Had het ook een plaat over het vaderschap kunnen worden?

‘Ik heb altijd gezworen dat niet te maken. Liedjes over het vaderschap, over de trots op een kind, zijn zelden goeie nummers. Ook al herken ik nu dingen die ik daar vroeger niet bij voelde. (lachje)

‘Ik heb het vaderschap lang uitgesteld. Ik voelde mezelf er niet klaar voor. Maar uiteindelijk leef je maar één keer, en ik wilde dat vader worden echt wel meemaken. Het is nu eenmaal deel van het leven, en Jolien was al lang vragende partij, dus we zijn er maar voor gegaan. En ik vind het leuker en leuker.’

enola: Ik hoorde van vrienden dat men bij Kind & Gezin opmerkte dat lockdownbaby’s minder sociaal zijn, door het gebrek aan interactie met vreemden.

‘Daar gaan ongetwijfeld nog boeiende thesissen over geschreven worden binnen tien jaar. Bij Georges valt het gelukkig mee. Hij is socialer dan Jolien en ik, zoekt altijd interactie met anderen. Misschien net omdat hij aanvankelijk zo weinig mensen heeft gezien. Want ja, we hebben weinig bezoek toegelaten in die periode.’

enola: Was er voor het lot toesloeg eigenlijk een ander plan voor je vierde plaat?

‘Niet echt, al zit in mijn hoofd al langer het voornemen om eens een album zo goed als live in te spelen met mijn band; een week lang kamperen op een heuvel in Zuid-Frankrijk, barbecueën en een plaat opnemen met wat stevigere nummers, leek me wel iets. Ik wil het nog altijd eens doen, en dan ook niet song per song denken, maar in termen van Een Plaat; twaalf songs die we dag na dag blijven spelen tot ze goed zitten, om ze dan op de laatste twee dagen vast te leggen. Het omgekeerde van wat ik nu heb gedaan dus: uren prutsen en knutselen in de studio.’

enola: Je vorige plaat was gevormd door je reizen naar Canada en de Verenigde Staten. Deze door een lockdown. Hoor ik dat?

‘In de opnames wel, in de manier van schrijven niet, denk ik. Schrijven blijft een zaak van magische momenten van inspiratie die je snel moet registreren of neerschrijven, en daarna van werken: zitten, zoeken en schrappen. En of dat dan in een park in Montreal gebeurt, of op een zolderkamer, maakt niet uit, zolang het maar een inspirerende plek is. En dat was zo. Die zolderstudio is de plek waar ik altijd van droomde. We waren ons huis aan het verbouwen, en woonden zo ongeveer in het enige kamertje dat niet aangepakt werd. En af en toe ging ik naar boven om aan de plaat te werken.’

‘Het voordeel was dat ik zo alle tijd had om er aan te werken, er was geen studiotijd die geld kostte. Maar natuurlijk bestaat dan het gevaar dat je alles in twijfel gaat trekken, en blijft sleutelen. Dat heb ik kunnen vermijden door mezelf een deadline te zetten. Want ik wist dat ik ze af wilde hebben tegen de geboorte van Georges. Maar door de tijd te nemen, is het wel opnieuw een erg gelaagde plaat geworden. Soms gooi ik nu nog een sessie open op computer, en kijk ik op van hoeveel we geprobeerd hebben: twintig seconden akoestische gitaar met veel galm, bijvoorbeeld. Als je beperkte studiotijd hebt, denk je daar niet aan. Maar verder hielden we het soms best eenvoudig. Ik had allerhande gevoelige microfoons gehuurd om de zang opnieuw op te nemen, maar uiteindelijk is het vaak de zangtake van op de demo die het heeft gehaald; omdat daar het gevoel het beste zat.’

enola: De afsluitende instrumental “So This Is It? (For Arlette)” is van de hand van je vader, niet?

‘Ja. Het was niet bedoeld om op deze plaat te eindigen. Het is iets wat hij bovenhaalde toen we muziek zochten om af te spelen terwijl we de as van moeder op zee zouden uitstrooien. Hij is het uiteindelijk opnieuw komen inspelen bij mij, en ik heb het laten inkleuren door vrienden met bas, pedal steel en trompet. Pas later kreeg ik het idee om het ook als afsluiter te gebruiken. Het was tenslotte het orgelpunt van die periode; het klopte. En het is wel fijn dat mijn vader iets op een plaat van mij heeft gespeeld.’

enola: Waar komt het idee voor de tekst van “At Least Once” vandaan?

‘Jolien noemt het mijn “burn-outnummer”. Het is gegroeid uit mijn fascinatie voor de druk die mensen zichzelf vandaag opleggen. Het gaat allemaal zo hard, je moet zo veel, en al doende raas je op een muur af. Eigenlijk is die tekst een compilatie van de demonen in mijn hoofd, vraag ik me af wat ik met die stemmen moet doen: er naar luisteren of negeren.’

enola: Je zingt ook “Sometimes no one knows the difference between a sinner and a saint / If you want to know for certain which you are and which you ain’t / You’ve got to be one at least once”. Vertel me gerust meer over het sinnergedeelte, Gertjan.

(Schatert) Ik heb niet meteen een voorbeeld, maar het is mijn overtuiging dat om echt te weten wie je bent, je niet voortdurend in het midden tussen beide mag lopen, maar dat je al eens mag partij kiezen voor één van de extremen. Om te zien hoe dat je bevalt.’

enola: Je leek me net een mens van het gematigde midden.

‘Dat valt wel mee. Ik durf toch ook mijn radicale keuzes te maken, of mijn dromen te koesteren. Een muzikant zijn die albums maakt, bijvoorbeeld. Dat is niet altijd evident. En  zo wil ik ooit in mijn leven een vleugelpiano bezitten, en dat ga ik ook waar maken, dus dat wil zeggen dat de aannemer daar al rekening mee moest houden bij het aanleggen van onze salon. Als ik echt gematigd was, liet ik het muziek maken wel aan iemand anders over, en zocht ik een echte job. (lachje)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien − zes =