DIT WAS 2020: Compact Disk Dummies :: ”De schoonheid van dansmuziek zit net in het debiele ervan”

Vier jaar hadden Compact Disk Dummies nodig om van Silver Souls tot bij Neon Fever Dream te raken. En toen plaat er eindelijk was, bleek iedereen in lockdown gestrand, en dansen een hoogst solitaire bezigheid geworden. Vandaag blikt een gelaten Lennert Coorevits terug op een ráár jaar, en een plaat die zwaar beïnvloed is door science fiction. “Eigenlijk is het raar dat er maar één nummer over robotsex gaat.”

enola: Dit had jullie voorjaar moeten worden, het werd er een met een uitgestelde release. Hoe hebben jullie die eerste lockdown beleefd?

Coorevits: “We wisten meteen dat het geen zin had om zoals gepland begin april een plaat uit te brengen. Voor ons blijft fysieke platenverkoop – voornamelijk vinyl dan – toch wel belangrijk, en dat was op dat moment geen optie. We hadden nochtans al een aantal winkels al bevoorraad, maar die konden ze dus niet verkopen. En dus hoopten we dan maar dat het tegen mei in orde zou zijn, en er misschien ook alweer meer zou mogen. Misschien zouden we alweer nieuwe shows kunnen spelen. We voelden echter al snel dat het zelfs dan nog niet normaal zou zijn, maar door de release naar mei te verzetten, kregen we tenminste wat extra weken om na te denken.”

“Je kunt het allemaal rampzalig noemen, maar we hebben ons met ons label en management op onszelf teruggeplooid en zijn gaan kijken wat we op een heel erg DIY-manier zélf konden doen om toch wat promotie te kunnen maken. Zo bleven we flink bezig, en hebben we eigenlijk nooit echt stilgestaan bij hoe de release normaal was geweest. Nu zie ik wel wat we niet alleen aan inkomsten maar ook aandacht hebben gemist: we hadden net voor de lockdown een MIA gewonnen, er stond een gewéldige festivalzomer op ons te wachten. We wisten dat het wel eens een héél goed jaar kon worden voor de Dummies. Het is niet geworden wat het had kunnen zijn, maar in de gegeven omstandigheden hebben we er het beste van gemaakt en er toch een hoop promo uitgehaald. Ik  vond het zelfs spannend om de boel met live sessies uit onze studio vorm te moeten geven.”

enola: Er was geen zwart gat?

Coorevits: “Er was op dat moment zoveel op ons aan het afkomen dat die eerste lockdown bijna als extra zuurstof aanvoelde. Janus en ik zijn altijd met veel projecten bezig, dus er was genoeg om op terug te vallen. Als we niet kunnen optreden, dan maken we muziek voor een serie of reclame, remixen, producen we andere artiesten,… Er was genoeg om de agenda te vullen. Op dat vlak denk ik dat we er beter voor staan dan andere artiesten. Op dat vlak heb ik het niet moeilijk om het positieve te zien.”

enola: Uiteindelijk kon je dan toch wat optreden, zij het niet zoals je kende. Was dat een ontlading?

Coorevits: “Neen. We hebben wel wat mooie concerten kunnen spelen, waaronder de Werchter Zomerbar, maar het bleef raar voor ons om voor een zittend publiek te spelen. Dat was zoeken. Ik denk dat we pas tegen de optredens in het OLT Rivierenhof en de Botanique in het najaar een echt concertgevoel kregen. Maar goed, een grote band heeft misschien de luxe om te wachten tot het opnieuw kan zoals het hoort, wij  niet. Je hebt gerepeteerd, wil die energie kwijt, en neemt het podium dat je kunt krijgen. Het was toch een bevrijding hoor, en eigenlijk best een leuke zomer.

enola: Jullie waren dan ook vier jaar weg geweest. Hoe kwam dat zo?

Coorevits: “Dat ging gewoon zo. Eerst hebben we heel wat gespeeld, en daarna diende zich de ene na de andere interessante aanbieding aan. Werken voor theater? Tuurlijk. Huisband bij De Ideale Wereld? Ja hoor. Dat waren allemaal dingen die ons nieuwe inspiratie en drive konden geven, terwijl we ook aan nieuwe muziek bleven werken. Op verschillende momenten trokken we ons een paar dagen of een week terug om wat te schrijven. Daar zijn we zelfs behoorlijk snel na Silver Souls mee begonnen, maar door al die andere opdrachten ging het iets trager dan voorzien.”

“Eenmaal er de Satellites-EP was (in 2019, mvs), liep het echter wel; het voelde niet alsof we nog van nul moesten beginnen. Als je zo lang weg bent geweest als wij hadden, is het contact met het publiek wat verwaterd. Een single om de voeling terug te krijgen mocht dus wel. Dat was fijn, want we hadden genoeg nummers om uit te kiezen. Als je dan een EP maakt, moet niets. Je hoeft je niet te bekommeren om een rode draad, een begin- of een eindpunt. Dat bracht de fun er opnieuw in. Maarn natuurlijk: toen die EP er was moest er wel een full-cd volgen. Shit. Dat heeft slapeloze nachten en veel doorwerken met zich meegebracht. Het is ook in die fase dat de plaat iets veelzijdiger is geworden, dat die wat minder evidente nummers er in zijn geslopen. Dat is goed, dat maakt de plaat rijker.”

enola: Nochtans had je de titel Neon Fever Dream al van in 2017, las ik.

Coorevits: “Dat ik dat al vrij snel had, was handig. Zo kon ik die woorden als kapstok gebruiken. Het zorgde er voor dat ik een thematiek had om rond te schrijven.”

enola: Leg het me toch nog maar eens uit, wat je in die drie woorden zag.

Coorevits: “Ik heb me de afgelopen jaren wat in science fiction verloren, en die hele Blade Runner-achtige neonsfeer leek me nu zowat onze realiteit te zijn geworden. Het idee dat je vandaag zou wakker worden uit een tienjarige coma was dan die Neon Fever Dream. Het zou tegelijk koortsdroom zijn, én echt. Veel van wat geschreven werd in de jaren zestig of zeventig is immers uitgekomen. Ik zie ook aan leeftijdsgenoten dat veel van hen leven als in een onrustige droom. Je merkt het alleen al aan het soort drugs dat opnieuw opgang maakt in het uitgangsleven. Er is een drang om te vluchten, of op zijn minst de realiteit te verzachten. Vandaar ook die heimwee naar bijvoorbeeld de valse jaren tachtig van Stranger Things, of dat series krijgt als I’m Not Okay With This die zich in zo’n vaag tijdsgewricht afspelen dat het schreeuwt dat het vooral nu niet wil zijn. En ik begrijp dat. Ik betrap mezelf er ook op dat ik daar van geniet. Ik vermoed dat het komt omdat deze tijden zo onbevattelijk zijn.

enola: Wat trekt je aan in die science fictionromans?

Coorevits: “Twee zomers geleden realiseerde ik me dat ik eigenlijk gek weinig had gelezen. Om mijn geest te verruimen heb ik toen besloten mijn tanden in wat klassiekers te zetten, en ik ben begonnen bij Dune van Frank Herbert. Dat heeft iets geopend; in combinatie met de juiste muziek is een science-fictionroman beter dan de beste drugs. Het is alsof je de beste film in een bioscoop ziet, maar dan intiemer als ervaring. Ik ben er dus volledig in gedoken, vooral in het werk van Philip K. Dick. In het Engels overigens, wat me er toe heeft aangezet om ook anders te gaan schrijven. Nu ik er over nadenk: eigenlijk is het verbazend dat er maar één nummer op de plaat over robotseks gaat.”

(verbaasd) “Een conceptplaat? Neen, dat is het niet. Daarbij denk ik aan platen van The Who of A Grand Don’t Come For Free van The Streets waarbij een song echt wel daar en dan in het verloop van het verhaal moet passen. Zo is het niet. Er zijn gewoon rode draden die voor samenhang zorgen. En verder merk ik dat voor veel mensen Neon Fever Dream gewoon een feestplaat is, waar anderen er wel meer uit halen. Ik heb sinds “Girls Keep Drinking” geleerd dat het zo is; eenmaal een nummer van het publiek is, geeft dat er zijn eigen interpretatie aan. ”

enola Zelf vatte je de thematiek samen als ‘hoe het is om jong te zijn in deze eeuw’. Jij bent 27. Vertel maar.

Coorevits: “Veel verwarring; dat vooral. En verder proberen we ook maar chocola te maken van alles wat er in deze wereld gebeurt. Zelf mogen we niet klagen, wij hebben nog geen dag buiten de muziek moeten werken, maar voor veel van onze leeftijdsgenoten is het ploeteren. Alleen al een lening voor een woning vastkrijgen is een hopeloze uitdaging. Ach, ik vind het gewoon een fijne uitdaging om niet alleen iets te maken dat hen aan het dansen kan brengen, maar ook iets zegt over hun leven.”

enola: Dit is jullie coming of age plaat, leest de perstekst.

Coorevits: “Ik wilde dat er uit, want ik vind dat een debiele uitdrukking. Ik krijg er koude rillingen van, het slaat nergens op. Maar kijk, die tekst was al de deur uit. Wat wil volwassenheid uiteindelijk zeggen? Dat het verzuurder is? Ik mag hopen van niet. Uiteindelijk: hoe minder volwassen Iggy Pop klinkt, hoe beter. De schoonheid van dansmuziek zit net in het debiele ervan. Rick Rubin heeft ooit over Chilli Gonzales gezegd dat het hem niet lukte een dansnummer te schrijven, omdat hij het niet dom genoeg kon maken. Dat is een soort compliment. Sommige dansmuziek is zo debiel dat het werkt; als dat kinderlijke er niet in zit, dan verliest het zijn spankracht.”

“Ach, als het wil zeggen dat dit weer een stap vooruit is, is het goed. Maar het voelt wel alsof de Satellites-EP iets in gang heeft gezet. We hebben op ons optreden op Pukkelpop 2019 reactie gehad zoals we nog nooit kregen. Het belang van sommige dingen beseften we zelf niet zo goed. Dat onze eerste show met een drummer iets betekende, of dat de belichting meer klopte. Groeien doe je uiteindelijk traag; het is pas als iemand die je al even niet meer heeft gezien het benoemt, dat je het beseft: we staan er op een andere manier. Dat deed deugd. Voor het eerst kregen we bijvoorbeeld laaiende recensies, en durfden we zelf ook beseffen dat we misschien wel een tent hadden platgespeeld.”

enola: Voel je je nog jong, eigenlijk?

Coorevits: “Goh, ik voel me eigenlijk al jaren oud. Het is grappig. Als je zoals ons op jonge leeftijd de Rock Rally wint, word je als het ware bevroren in dat moment. Dat probeer je dan wel van je af te schudden, maar tegelijk zie jij ook wel in onze filmpjes dat we nog altijd onnozel genoeg zijn. Die koprol van twintig meter op de MIA’s; da’s natuurlijk ook een omarmen van een zekere puberaliteit. Maar het is wel de bedoeling dat we muzikaal groeien, en ik mag hopen dat we op dat vlak ondertussen toch al ergens anders staan dan acht tien jaar geleden.”

(mijmert) “Het is gevaarlijk om te turven wat David Bowie op zijn zevenentwintigste allemaal al had gedaan, maar tegelijk geeft dat wel een drive om zelf ook veel te creëren en vooruit te gaan. Uiteindelijk willen we vooral niet stil staan, en ik heb eigenlijk nog nooit iets geschreven waarvan ik een maand later niet dacht ‘kon beter’. Zie het als Giacometti, die aan het einde van zijn leven nog altijd de hoop uitsprak dat hij voor zijn dood toch iéts goeds zou maken.” (lachje)

enola: Ook muzikaal zit er een lijn in de plaat, die van rustig naar beukend en weer terug gaat.

Coorevits: “Zo is dat. Het lag bijvoorbeeld al heel lang vast dat “On Repeat” het eerste nummer zou worden, en zo hadden we nog wat ankerpunten. Het is ook geen rocket science om aan te voelen waar het wat rustiger mag. Dat is niet omdat het niet té dancy mag zijn, maar als ik zelf naar een plaat luister heb ik ook liefst wat afwisseling, en kom ik in de tweede helft graag wat op adem. Ik vind het ook wel interessant hoe de nummers waarvan we dachten dat ze niet heel erg ‘dummies’ waren net de opvallendste zijn geworden, die de plaat wat ademruimte geven. “Everybody’s Lonely” of “Hologram” heb ik eerder geschreven met het idee dat het niet voor de Dummies zou zijn maar voor Iets Anders Ooit. Het was Dave Martijn die me vertelde dat ik zo niet mocht denken, dat hij ook “Synrise” nooit voor Goose bedoeld had, maar dat de groep er vervolgens iets eigens van heeft gemaakt. We moeten het vertrouwen hebben dat wat we ook maken, het altijd als ons zal klinken. Zelfs al schrijven we een opera.” (lacht)

enola: Maar eigenlijk begon alles dus met de soundtrack van Columbo?

Coorevits: “Zoiets. Ik heb de slechte gewoonte om op YouTube te blijven klikken, en voor je het weet heb je zo een aflevering van Columbo uitgekeken. Die sfeer beviel me wel, net als de aanpak van hun verhalen: van bij het begin weet je wat er gebeurd is, en is de vraag gewoon hoe Columbo dat zal onderzoeken. Ik heb Janus met mijn liefde aangestoken – ondertussen heeft hij meer afleveringen gezien dan mij – en toen we aan “On Repeat”, de opener van de plaat, begonnen, herkenden we de klank van die reeks; een geluid dat mensen op het verkeerde been zette. Toen we dat hadden wisten we dat dit het begin van de plaat zou worden. En zo kwam ook het idee om met meer sixties en seventiessound te werken.”

enola: Ondertussen hebben jullie ook een echte drummer aan boord gehesen. Dat was nodig?

Coorevits: “Het spelen met ons twee stond op punt, voelden we, maar we voelden ook dat er nog meer mogelijk was. We zochten een volgende stap, en in ons hoofd was het logisch dat het een drummer zou zijn. We hebben geprobeerd met onder andere Steve Slingeneyer van Soulwax en Elias Devoldere van Nordmann, die je ook hoort op “On Repeat”. Robin (Wille, mvs) heeft zichzelf uiteindelijk aangediend, kende bij zijn auditie alle nummers van buiten, en zo ging het heel vlot. Ik vind het ook fijn om iemand aan boord te hebben die nog geen tien jaar ervaring heeft, en samen met ons de boel ontdekt. Toen we op Pukkelpop speelden kwam dat bij hem nog drie keer zo hard binnen als bij ons. Dan besef je pas hoeveel geluk je eigenlijk hebt. Zijn komst heeft veel veranderd voor ons, nu ik er over nadenk. Er hangt nu meer een bandgevoel, we spelen dynamischer, als is het maar doordat we nu een cymbaal hebben.”

enola: En nu? Op naar volgend jaar, en hopen op normaliteit of iets dat dat zo dicht mogelijk benadert?

Coorevits: “Ja. We hebben een mooie tour staan die sinds deze lente bijna een volledig jaar is vooruitgeschoven, en nu in maart van start zou gaan. We hebben écht geen zin om die te moeten cancellen, dus we blijven schuiven en herboeken want het is zo’n mooie reeks uitverkochte zalen dat we dat niet willen opgeven. Het geeft ons perspectief om ons aan vast te klampen, want verder is er weinig om op te hopen. Veel festivals hebben hun line-up van vorig jaar gekopieerd naar 2021, maar daar zijn wij nog niet mee bezig. We maken nog geen plannen, en ik verwacht dat de meeste festivals de kat ook nog wel even uit de boom kijken. En verder verkennen we het idee om van Neon Fever Dream een deluxeversie uit te brengen in het voorjaar.”

enola: Ben je alweer aan het schrijven?

Coorevits: “Ik voel alvast toch weer de goesting daarvoor, en dat is niet evident. We zijn geen Balthazar dat constant songs blijft schrijven, daarvoor hebben we te veel nood aan afwisseling en bijvoorbeeld dat televisiewerk. Maar er is energie om samen in één kot te kruipen en aan dingen te werken. Er zijn ideeën waar het heen moet, nood aan nieuwe dingen, en dat is vroeger dan vorige keer. Maar ik beloof niets: het is altijd een werk van lange adem.”

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

17 + 20 =