Lili Grace :: “We hebben echt getwijfeld of we dit wel wilden doen”

Toen in 2001 een dertienjarige jongen na een verkeersongeval in coma raakte, stonden zijn twee kleine zusjes aan zijn ziekbed. Negen maanden lang keken Nelle en Dienne naar die broer die hen ontglipte. Nu, bijna twintig jaar later, keren ze terug naar die hele periode. Silhouette, het langverwachte debuut van Lili Grace, vertelt het verhaal van die twee kleine meisjes, in negen hoofdstukken.

  1. Silhouette

Dienne: “In 2017, een jaar nadat we onze eerste EP uitbrachten, raakten we met Lili Grace de weg kwijt. Het schrijven ging moeizaam, en we voelden dat we niet langer het plezier voelden waarmee we destijds samen muziek waren gaan maken. Het was niet meer leuk, en dus zijn we met de mobilhome op bezinningstrip vertrokken door de Ardennen. We praatten over waarom we elf jaar geleden gingen samenspelen, hoe we onze eerste nummers schreven, en wat daar precies zo fijn aan was. Zo herontdekten we dat Lili Grace voor ons in de eerste plaats een uitlaatklep is voor gedeelde belevenissen, gebracht vanuit een buikgevoel dat we moesten terugvinden. We zouden niet langer rijden en omzien, ons afvragen wat de buitenwereld vond. We betrokken er niemand bij, behalve producer Orson Wouters, en beslisten terug te keren naar de essentie: voor ons debuut zouden we het verhaal vertellen van wij zussen en onze broer na zijn verkeersongeval.”

Nelle: “We wilden niet zozeer het verhaal van onze broer brengen, maar dat van zijn twee zusjes, die die zware gebeurtenis verwerken. En ja, dat was een uitdaging. We hébben getwijfeld of we dit wel wilden. We wisten immers dat we opnieuw door emotionele herinneringen zouden moeten gaan. We bekeken tekeningen van toen, we haalden teksten die we toen hebben geschreven boven, foto’s en filmpjes uit die tijd – soms dingen die we helemaal waren vergeten. En dat was inderdaad niet altijd even gemakkelijk. We wisten echter dat we het konden, want we hadden er ook op onze debuut-EP al over geschreven. “Before The Storm” en “Don’t Drag Me Down” zijn ook gelinkt aan dat ongeluk, net als “Dreamlover”, dat we vorig jaar met Orson opnamen als eerste test. Nu doken we er echter heel diep in. En ja, dat wil zeggen dat we er ook in interviews over moeten praten. Dat is niet gemakkelijk, maar het geeft de luisteraar een veel beter idee van wat de plaat is. Dus het moet maar.”

Dienne: “”Silhouette”, de plaat en het nummer, begint met het eerste moment dat we onze broer bezochten in het hospitaal. De ‘blue lines on the floor’ moesten we letterlijk volgen tot waar hij lag.  Dat is ook wat je op de hoes ziet: de lijn die het silhouet trekt is de weg die we moesten afleggen tot zijn bed. Eigenlijk hadden we daar niet mogen zijn, want we waren te jong, maar we kregen een uitzondering. Achteraf gezien begrijp ik waarom die regel er was. Wat ik daar zag staat nog altijd op mijn netvlies gebrand.”

 

  1. Traveller

Dienne: “Onze broer ligt in coma, en “Traveller” is hoe wij ons dat als kinderen probeerden voor te stellen: alsof hij ergens in de ruimte rondzweefde. En we vroegen ons af: ‘Is het daar koud? Heef hij het warm? Wordt hij het geholpen?’ Want hij voelde ook heel vaak warm aan, terwijl hij in coma lag. Hij zweette. “Holding hands till the clock says goodnight”, dat mag je heel letterlijk nemen. We waren bij hem tot het tien uur werd, en we écht moesten vertrekken.”

Nelle: “Eigenlijk vind ik het ergens mooi hoe onze fantasie daar vorm aan gaf. We zagen hem rondzweven in een ander universum, met mooie paarsige kleuren. Dat speelse moest ook in de muziek en tekst zitten. Eigenlijk vind ik het een voorrecht dat we dit verhaal op muziek hebben mogen zetten, want het is ook verwerking. Ik heb me al vaak afgevraagd hoe ik er mee zou omgegaan als wij geen songs schreven.”

Dienne: “Onze broer heeft negen maanden in coma gelegen. Dat is héél lang. Als ik nu terugdenk aan die periode, denk ik vaak: ‘hoe rauw allemaal’. Maar we gingen daar gewoon door, zoals iedereen dat in zo’n omstandigheden doet. Het leek bijna normaal. Later zag ik een Telefacts-reportage over comapatiënten waarin verteld werd dat men doorgaans al na drie maanden de hoop opgeeft. In revalidatiecentrum Pulderbos zijn ze echter blijven werken met hem tot hij terug was. Ook wij hebben de hoop nooit opgegeven. We zijn blijven manieren zoeken om hem uit zijn slaap te krijgen. We namen cassetjes op waarop we zongen, we zetten loeihard de drumlessen die hij had opgenomen op, of de begintune van Thuis, waar we elke dag naar keken. We probeerden geuren uit. Uiteindelijk was het bij een bezoek van mijn grootvader, met wie hij vaak ging vissen, dat we voor het eerst tekenen zagen dat hij hoorde.”

Nelle: “Afscheid zat niet in ons hoofd. In ons hoofd zou alles in orde komen, maar we werden er wel op voorbereid dat hij nooit meer de broer zou zijn die we gekend hadden.  Iets in zijn hersenen was geraakt. Hij kan niet meer praten. Motorisch kan hij met zijn linkerhand nog vrij veel bedienen. Daarmee bestuurt hij zijn rolstoel en tikt hij de letters in voor zijn spraakcomputer. Je hoort hem zo op “Traveller”.  Verder is hij helemaal een 32-jarige man, zoals alle andere. Hij staat heel vrolijk en opgewekt in het leven. Echt bewonderenswaardig. Hij is een echte doorzetter.”

 

  1. Saints

Dienne: “In die beginperiode gingen we heel vaak met onze grootouders een kaarsje branden in een kapel in de buurt. Maar eigenlijk vonden we dat zever. We beseften toen al dat er niemand boven ons is die voor ons zorgt. Daarom eindigt het ook met “I throw my hands up tot he sky / I drink for you the bloody wine”. Daarmee was het ook gedaan – finito daarmee. We waren van ons geloof gevallen. ”

  1. The Horde

Dienne: “Toen we iets ouder waren en naar onze eerste Chirofuiven gingen, begonnen we ons schuldig te voelen dat we onze broer achterlieten. Het stelde hem ook teleur, want hij miste het als zestienjarige ook wel. En uiteindelijk waren al zijn vrienden daar ook. Op den duur namen we hem gewoon mee, met zijn grote elektronische rolstoel naar de drukte van de parochiezaal van Ham. Nelle vooraan, ik achteraan. Dat was altijd een hele opgave, maar nadien waren we altijd blij dat we het gedaan hadden want we zagen hem opleven. Het kwam er echter wel op neer dat wij niet naar een fuif gingen om met onze vriendinnen te dansen, maar om hem te entertainen. We moesten zijn tolk zijn, want hij had nog geen spraakcomputer, maar een letterkaart waarop hij letter per letter zinnen vormde. Vaak hadden zijn vrienden niet door dat hij nog aan het praten was, moesten wij hen er zo lang mogelijk bij houden tot hij uitgepraat was.”

“”The Horde” moest een nummer zijn waarin de hectiek van zo’n avond voelbaar was; heel zot en intens, bijna ondraaglijk. Zo voelde het immers ook voor ons. En ja, dat leidt er toe dat Silhouette een plaat van uitersten is. Zo extreem hebben we die tijd immers ook beleefd; het was het ene of het andere, maar nooit een middenweg.”

Nelle: “We zaten met heel intense gevoelens van verdriet, woede en angst, maar ook veel mooie emoties.”

Dienne: “Je ziet dat ook terugkomen op de tekeningen die we de eerste jaren maakten. Toen we die terugzagen schrok ik soms van de heftige beelden. In één hadden we centraal een rolstoel getekend met daarrond tal van ogen die er naar keken. De sfeer van “The Horde”, zeg maar. Want zo was het wel: als hij met zijn rolstoel ergens binnenkwam, trok hij alle blikken. Daar hebben we mee geworsteld. En in een andere tekening had ik die eerste keer in intensieve gevat: een bed met allemaal draden zodat je de patiënt bijna niet meer ziet. Dat soort dingen waren heel goeie fundamenten voor een nummer, dat bracht ons meteen terug.”

 

  1. Not God

Nelle: “Schuldgevoelens. Wij konden naar een fuif gaan, wij konden ons leven leiden als iedereen, maar onze broer bleef achter. Daar voelden we ons niet goed bij, en dus vochten we ook met die schuldgevoelens: “you’re not god, you’re not the queen”, zingen we hem toe.

Dienne: “We vragen in dat nummer bijna letterlijk of hij er ook even niet wil zijn, omdat we ook gewoon voor één keer gewoon wilden zijn wie wij zijn. Dat we voor één keer plezier mochten maken zonder verdrietig te moeten zijn omdat hij dat niet kan. Maar we zingen ook “We’ll always remember the days we spent together”. Want de tijd dat alles nog normaal was kunnen we ons nog heel goed herinneren.”

  1. Killer

Dienne: “Als je broer een ongeval heeft gehad, ben je natuurlijk boos op wie dat heeft veroorzaakt. Wij waren boos, heel boos. Dat is “Killer”. Voor ons was het echt alsof iemand iets kapot had gemaakt. Heel onze wereld was dooreengeschud. Voor alle duidelijkheid: nu kijken we daar helemaal anders tegen aan, die persoon heeft dat niet met opzet gedaan, maar in dat nummer gaan we nog één keer terug naar toen. Alsof we exact terug staan op de plaats waar het gebeurd is, en de vragen stellen die we ons toen stelden.”

Nelle: “Dat nummer is heel bruut, daar zijn we ons van bewust, maar zo was het toen ook. Het was heel moeilijk om te accepteren wat er was gebeurd. Nu zijn we ouder, en beseffen we dat het wat genuanceerder ligt.”

Dienne: “Het is ook zinloos om in die boosheid te blijven zitten. Daar word je alleen maar depressief van.”

 

  1. Fishing Spot

Nelle: “Een eerbetoon aan onze bompa, die als eerste contact kreeg met onze broer. Het is het enige nummer dat geschreven is vanuit het standpunt van hem. Hij ging vroeger altijd met onze grootvader vissen, en door dat op te roepen is hij uiteindelijk wakker geworden. De achtergrondgeluiden die je hoort zijn ook opnames die wij ondertussen maakten terwijl zij aan de waterkant zaten, en wij met een cameraatje speelden. Je hoort de vogels fluiten, de perfecte sfeerzetting.”

Dienne: “Je kunt hen bijna aan de vijver zien zitten.”

 

  1. PDB

Nelle: “Pulderbos, het revalidatiecentrum waar onze broer verbleef, was iets helemaal anders dan een ziekenhuis. Het liep er vol kinderen die ook een verkeersongeval of iets anders hadden gehad. Als jonge meisjes vonden we die plek heel eng, vol mensen met spasmen, bizarre rolstoelen, staantafels,… Het was een gigantisch gebouw, bijna een doolhof, waarvan we in dit nummer het indrukwekkende wilden vatten; de angst voor die omgeving, al die nieuwe personen rond ons. ”

Dienne: “Weten dat er nog personen met een handicap of in coma op dezelfde gang lagen was nieuw. Bij onze broer vonden we dat normaal, maar nu bleek hij niet de enige. Dat was heel overweldigend.”

 

  1. Nothing Human

Dienne: “Een optimistische afsluiter waarin we bezingen hoe mooi we als gezin van vijf uit die periode zijn gekomen. We hebben heel sterke banden opgebouwd met elkaar, maar het blijft niet gemakkelijk om er met anderen over te praten. En dus omarmen we die vijfvoudige liefde die we in die onmenselijke periode hebben opgebouwd. We hebben heel veel aan elkaar gehad, en nog altijd.”

“En toch hebben we het niet vooraf afgetoetst of we dit verhaal zouden brengen. En dat moest ook niet. We hebben iets op plaat gezet – de fantasie van twee kleine zusjes wanneer hun broer in coma ligt – dat niet met iemand anders moest worden afgetoetst. Wie kon dit beter op muziek zetten dan ons?”

Nelle: “De eerste keer dat onze ouders deze plaat te horen kregen, hadden we hen niet verteld wat het verhaal was en vonden ze het muzikaal wel moeilijk. Eenmaal ze hoorden waarover we zongen, waren ze echter helemaal mee. En ook onze broer zelf is supertrots. Hij is een grote muziekfan, dus hij is heel blij dat we er iets mee gedaan hebben.”

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

7 − vier =