Admiral Freebee :: ”Mensen die vinden dat ze goed bezig zijn, vind ik niet boeiend”

‘Oeps, te hard gerockt’. Zo droog ontving Tom Van Laere zijn tenniselleboog. Een tijdelijk gitaarverbod zou hem echter niet van de muziek afhouden, en van de weeromstuit ontdekte hij wat je met toetsen en een drumcomputer kunt doen. Het resultaat daarvan hoort u op de nieuwe EP ‘Don’t Follow Me, I’m Lost’. ‘Mensen hebben altijd meningen die nergens op slaan, maar ze luisteren dan ook niet.’

enola: Eigenlijk zou dit een volledige plaat worden. Vanwaar de keuze voor een EP?

Tom Van Laere: “We zouden in het voorjaar een plaat uitbrengen. Daarna hadden we een goeie festivalzomer gepland. Dat is immers de enige manier waarop je als muzikant nog geld kunt verdienen. Je weet echter hoe dat gegaan is. Omdat ik toch zin had om al wat muziek te laten horen, werd het dan maar een korte EP. Uit de zestien nummers die we vorige zomer hadden opgenomen kozen we degene die ik nu in duobezetting met toetsenist Senne Guns kan brengen. Later volgt een plaat met de rest uit die sessies, maar daarmee wacht ik tot ik weer met een groep kan gaan optreden.”

enola: Voelde het als een reset, dat doktersbevel om de gitaar een tijdlang niet aan te raken?

Van Laere: “Neen. Ik ben altijd onderzoekend bezig, dus een reset was het niet echt. Die hele fase heeft me wel iets opgebracht. Ik ontdekte dat ik geen pijn voelde als ik toetsen speelde, dus ben ik op een klein Yamaha’ke beginnen schrijven, met de hulp van een drumcomputer. Dat gaf me veel mogelijkheden, want met zo’n keyboard kun je niet alleen akkoorden spelen, maar ook bas. Je kunt een melodie maken,… Ik kon eigenlijk alles doen, terwijl ik met mijn gitaar veel beperkter was. Ik merkte dat ik op die manier loskwam van mijn vaste trucjes. Waar ik op snaren als vanzelf gemakkelijk naar een E of een G grijp, omdat dat goed ligt, ging ik op toetsen naar een C-kruis, want dat is daar veel interessanter. Ik kwam zo op heel andere akkoordenprogressies uit. Dat vond ik leuk; iets helemaal anders. En hop, plots was ik demo’s aan het opnemen, iets wat ik nog nooit had gedaan.”

enola: Van de weeromstuit ging je ook anders zingen.

Van Laere: “Je bent een van de eersten die dat opmerkt, maar het klopt. Dat heeft veel te maken met je houding. Als je gitaar speelt, sta je recht, borst vooruit. Dan zing je vanzelf luid. Over toetsen gebogen gaat het automatisch zachter. Die falset is dan weer niet echt nieuw, dat deed ik al in “Rags ‘n Run”. Thuis zing ik vaak zo. Meer nog: mijn backing vocals zing ik doorgaans zelf, maar iedereen denkt dat dat vrouwen zijn.”

“Er was nochtans wel wat voorbehoud toen ik zei dat ik op keyboard bezig was. Toch klink ik ook zo nog altijd als mezelf, vonden producer Jo Francken en de anderen aan wie ik de demo’s liet horen. Ik heb ondertussen natuurlijk ervaring genoeg opgedaan, ik wéét hoe een nummer in elkaar zit. En ik luister al langer naar John Maus. Zijn platen zijn heel invloedrijk geweest voor deze nieuwe richting. Ook van ELO ben ik al jaren fan; allemáál synths.”

enola: Voor de opnames trok je met veel verschillende muzikanten de studio in. Wat was de redenering daarachter?

Van Laere: “We hebben met twee groepen opgenomen. Centraal stonden altijd de toetsen van Senne Guns en Joris Caluwaerts, maar op gitaar liet ik de ene keer Tim Coene, de andere keer Jasper Maekelberg overdubben. Al die muzikanten hadden zo hun eigen kwaliteiten. Senne is erg goed in riffjes, waar Joris meer een basis legt. Zoals in ‘This Dream Of You’, waar je ook een contrabas in hoort. Elders speelde Alan Gevaert dan weer distortionba. Soms zitten ze gewoon samen in één nummer, en komt Alan bijvoorbeeld pas in de bridge kijken.”

“Het was een wat omslachtige manier van werken, maar doordat de agenda’s van iedereen moeilijk samen te leggen waren, gebeurde het zo. Door alle takes met een clicktrack op hetzelfde tempo op te nemen, kon ik vervolgens zoeken welke bijdrage ik waar kon gebruiken. Het is dus niet zo dat je op het ene nummer de ene bezetting hoort, en op het andere de andere, het is telkens een synthese van alle bijdragen. En soms hoor je ook nog de demo.”

enola: Ben je bezorgd over de publieksreacties? De perstekst leest nogal waarschuwend: ‘Wie bereid is Van Laere op deze EP te volgen’, alsof je daar problemen verwacht.

Van Laere: “Dat is echt niet goed dat dat erin staat. Ik ga straks vragen dat ze dat alsnog verwijderen. Mensen hebben altijd meningen en ideeën die nergens op slaan, maar ze luisteren meestal niet. Daar heb ik wel wat schrik voor, maar ik vind deze nummers goed, dus ik ben er heel tevreden over.”

enola: ‘Don’t Follow Me, I’m Lost’ is niettemin een goeie titel voor een plaatje waarop je aan het experimenteren slaat.

Van Laere: “Ja. Want ik hoef ook niet de perfecte keyboardmuziek af te leveren. Hetzelfde geldt voor de muzikanten die meespeelden. Onder zo’n vlag hoefden die ook niet precies te weten waar we naartoe gingen. Precies dat is voor mij creativiteit. Als ik vooraf al wist wat een nummer zou worden, waarom zou ik het dan nog opnemen? Je moet het raadsel net vergroten. Er is niets dat me meer doet geeuwen dan een nummer dat een boodschap wil verkopen.”

“Schopenhauer heeft ooit gezegd dat je met een titel – van een boek, maar ook van een plaat – de juiste mensen moet lokken. Dat vind ik een interessante gedachte. Admiral Freebee staat voor mij gelijk met vrolijke wanhoop, en zo moet je die zin ook lezen. Het is natuurlijk de vraag hoe je dat ‘verdwaald’ uit de titel inschat, maar ik vind mensen die vinden dat ze goed bezig zijn niet boeiend. Wie denkt dat hij alles op een rijtje heeft, heeft een blinde vlek, en moet die enkel nog ontdekken. Dat is niet aantrekkelijk.”

enola: Je hebt de nummers al meer dan een jaar geschreven. Is het niet frustrerend om die nu pas te kunnen laten horen, terwijl je ongetwijfeld al weer nieuwe songs hebt geschreven?

Van Laere: “Natuurlijk zit ik mentaal al verder, maar zo gaat het al van in het begin. Mijn debuut is uitgekomen een jaar nadat ik het had afgewerkt. Ik vond dat toen heel vervelend, maar ondertussen heb ik daar vrede mee. Het goeie was dat toen ik snel een opvolger nodig had, ik genoeg songs achter de hand had.  Zo kun je ook kiezen wat je uitbrengt. Niet alles moet per se gehoord worden. Ik heb voor deze EP bijvoorbeeld al een plaat op toetsen gemaakt die ik niét zo goed vond, en die dus in de kast blijft liggen. Maar ze heeft wel mee de evolutie naar deze songs geholpen.”

enola: Er is een Prince-achtige Vault met onuitgegeven Admiral Freebeewerk?

Van Laere: “Amai nog niet. Al weet ik niet of dat Princegewijs ook allemaal moet uitkomen. (lacht) Die opnames herbeluisteren is een deel van het werk voor mij, want soms vind ik dan een stukje dat ergens bij past, en zo kan er toch een nummer uit komen. Een beetje zoals Dimitri Verhulst ooit zei dat schrijven twee herinneringen zijn die samenkomen. En dus luister ik naar oud materiaal als ik bijvoorbeeld zoek naar een bruggetje voor een nieuw nummer, soms vind ik daar iets dat werkt.”

enola: Keer je nog terug naar de gitaar?

Van Laere: “Ja hoor. Met Senne ben ik wel deze muzikale lijn verder aan het doortrekken. Tegelijk ben ik ook zelf heel folky dingen op gitaar aan het schrijven. Soms probeer ik de twee te mengen, wat ook weer iets anders oplevert. Een echte rockplaat komt er zeker  nog eens van. Ik probeer die nieuwe manier van zingen ook over harde gitaren te doen, en dat werkt heel goed. Het klinkt een beetje gevaarlijk.”

enola: We zoeken al dekking! Bedankt voor het gesprek.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

3 × 1 =