1917

De winst van 1917 bij de Golden Globes (Beste Film en Beste Regie) was voor velen een complete verrassing. Diegenen die toen de film al hadden gezien, spraken echter van ‘A single- shot masterpiece’. Nu de film in de Belgische zalen loopt, kunnen we met onze eigen ogen oordelen over wat we al dan niet moeten geloven van deze ‘continuous shot film’ hype. ‘De acht minuten durende openingssequentie van Spectre gaf mij een voorsmaakje van hoe het zou aanvoelen als we 1917 in een take zouden opnemen’, zei regisseur Sam Mendes in een interview naar aanleiding van de film. Hoe het ook zij, het wordt aartsmoeilijk voor de films van 2020 om 1917 te kloppen in de categorie ‘meest immersieve ervaring’.

Noord- Frankrijk, 6 april 1917. Korporaals William Schofield en Tom Blake worden ruw gewekt uit een rustpauze en meegetroond naar generaal Erinmore. Hij geeft hen een bericht dat ze persoonlijk moeten bezorgen aan het tweede bataljon van het Devonshire regiment met de strikte orders om de aanval van morgen niet te laten doorgaan. Recente luchtfoto’s van de vijandelijke loopgraven hebben immers uitgewezen dat als de aanval wel doorgaat, het hele regiment in een valstrik zal lopen. Schofield en Blake moeten nu kilometers no man’s land overbruggen en diep doordringen achter de vijandelijke linies om hun opdracht tot een goed einde te brengen. Een fantasmagorische afdaling in een levende hel kan beginnen. Sam Mendes mikt vanaf het begin duidelijk op de historische beleving, eerder dan op een geschiedenislesje. We krijgen een datum en een locatie, dat is alles. Hoe de personages hun missie ervaren en hoe zo’n loopgravenoorlog er eigenlijk uitzag, is veel belangrijker. Op dat vlak gaat de film de concurrentie aan met Christopher Nolans Dunkirk. Het feit dat Mendes echter een heroïsche morele opkikker, waar Nolan ten langen leste Dunkirk mee afsluit, vermijdt, spreekt in het voordeel van 1917. Uiteindelijk willen de soldaten maar een ding: de oorlog zo snel mogelijk afwerken en terugkeren naar hun familie en vrienden.

De Duitse regisseur Max Ophüls (1902- 1957), de vader van de vloeiende camerabeweging die door tijd en ruimte snijdt, zou wellicht groen van jaloezie uitslaan als hij een blik kon werpen op de tour de force van Director of Photography Roger Deakins. Van het kleinste mangat tot een gigantische bommenkrater, de fotografieleider wurmt zijn camera overal tussen en tovert tegelijkertijd de ene na de andere magnifieke vista tevoorschijn. Deakins start met een registrerende camera die onze personages haastig volgt op weg naar de frontlinie. Ondertussen observeert hij rokende, drinkende en nerveus wachtende soldaten die klaar staan om in actie te komen. Bijna is er een botsing met een gewonde, bedlegerige soldaat die door twee brancardiers wordt afgevoerd. De tracking shots van Paths of Glory zijn klein bier in vergelijking hiermee. Laat het duidelijk zijn: dit alles werd niet gefilmd in ‘one continuous shot’ zoals het promopraatje ons graag wil doen geloven. Zo werden er drie verschillende types van camera’s gebruikt en gebeurde er op strategische plaatsen in de film wel degelijk een edit. Niettemin is dit visuele storytelling van topniveau, zelfs met de verborgen edits. Eenmaal in no man’s land registreert de camera niet alleen dode soldaten die vast hangen in de prikkeldraad of zieltogende paarden die half verzonken in de modder liggen, maar participeert ook. Wanneer Schofield en Blake een volgelopen bommenkrater oversteken, weigert de camera om hen op de rand van de krater te volgen, maar observeert hij het duo van op het water. Alleswetend of allesziend is onze emotioneel onbewogen observator echter niet. Zo vindt een cruciale scène in de film ‘off screen’ plaats. Af en toe is er zelfs ruimte voor poëzie in deze hellekrocht. Wanneer Schofield later in de rolprent vecht voor zijn leven in een woeste rivier, valt er plots bloesem op hem.  Moeder natuur zorgt voor een tijdelijk deken van troost en toont tegelijk een knap staaltje aan veerkracht. Als de natuur terug kan opbloeien, dan kan de mens dat ook.

Een film als 1917  zet ons ruw met beide voeten op de grond door er ons indirect op te wijzen dat de Eerste Wereldoorlog, in tegenstelling tot de Tweede Wereldoorlog,  nog altijd stiefmoederlijk wordt behandeld in de cinema. Er is geen eenduidige verklaring te geven hiervoor. Wellicht heeft het deels te maken met het feit dat een gemakkelijke tweedeling (nazi’s: slecht/geallieerden: goed) in dit geval niet bestaat. Niemand kan zich moreel superieur voelen. De grootmachten van toen (Rusland, Frankrijk, Engeland, Oostenrijk- Hongarije en Duitsland) vonden het nodig om zich op industrieel en politiek vlak met elkaar te meten met een grote, nutteloze slachting tot gevolg. Geen winnaars dus, alleen maar verliezers. 1917 is vooral een ode aan de gewone man, een eerbetoon aan grootvader Alfred H. Mendes die ooit  eens volgens de overgeleverde familieverhalen vrijwillig een tocht tussen de linies ondernam terwijl de Duitse kogels om zijn oren floten. Het is een kroniek van jeugdige inzet en moed voor mensen die je niet kent, maar die in hetzelfde schuitje zitten als jij. De ultieme herinnering aan een opoffering voor een gemeenschappelijke zaak die door het sluipende egoïsme van vandaag haast ‘ouderwets’ lijkt.

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × vijf =