Daniel Lanois/Rocco DeLuca :: Goodbye to Language

Geen letter tekst op de plaat van Daniel Lanois en Rocco DeLuca. Melodieën werden ontmanteld om plaats te maken voor ijle landschappen. En daarvoor brachten ze een pedal steel guitar, lap steel guitar en een effectenbak mee.

”Hoe dat dan klinkt?”, horen we je luidop denken. Wel, beeld je een kudde walvissen in die een theekransje houdt op planeet Mars. De tijd verslapt, bewegingen gaan trager en klanken klinken langer. Kom er gerust bijzitten. Maar los geen woord en adem stil. Want in het universum van Lanois is geen plaats voor ruis.

Brian Eno, Peter Gabriel, Bob Dylan, U2 en Neil Young; allemaal klopten ze bij Lanois aan om de knopjes te bedienen. Neil Young refereerde op een album zelfs naar Lanois, in de titel Le Noise. Schoon eerbetoon, als je ‘t ons vraagt. Zoals Lanois loopt er ook maar een rond, een grotere klankfetisjist kennen we niet. Geluidsgolven kneedt hij in alle richtingen en wat zijn vingers passeert, klinkt alsof je het live beleeft. Lanois’ sound is herkenbaar als een krolse kat en zo uniek als een zelfgemaakt kerstkaartje. En dat maakt ‘m zo gewild.

In ’89 kroop hij voor het eerst zichtbaar van achter zijn mixtafel om ons zijn debuutplaat Acadie voor te schotelen. “Ma jolie, how do you do?/Mon nom est Jean-Guy Thibault-Leroux/I come from east of Gatineau/My name is Jean-Guy, ma jolie.” Wie smolt destijds niet voor dat nummer? 27 jaar na release klinkt Lanois’ Jolie Louise nog steeds puur als mineraalwater. Maar wel helemaal anders dan zijn recent werk. Roots, folk, New Orleans, spirituals en country baanden zich toen duidelijk een weg door die plaat. Het kaderwerk van zijn nummers was helder vakmanschap. Plaat na plaat kleedde hij zijn songs meer uit en hij gaf ze een vrijer karakter, geholpen door zijn pedal steel guitar. En nu werd het eens tijd om een plaat te maken met énkel de steel guitar.

De andere gitaarfreak is Rocco DeLuca. Tot 2009 had hij z’n band Rocco DeLuca and the Burden, sindsdien speelt hij solo. De twee speelden samen op festivals in Spanje, Turkije en Ierland en daaruit is het idee voor deze plaat gegroeid. Muziek gemaakt om te inspireren en tot rust te komen, subtiele wendingen en vooral ruimte, veel ruimte. Het duo begeeft zich in het vaarwater van Elon Musk. Want terwijl die belooft om Mars bereikbaar te maken tegen 2022, zitten Lanois en DeLuca met Goodbye To Language reeds op een boogscheut daarvandaan.

Het moet een huzarenstukje geweest zijn om zo’n eenheid in sound te krijgen. De manier waarop klanken en sferen gecreëerd werden, is onnavolgbaar. Twaalf nummers telt de plaat. En wat meteen opvalt, is de schijnbare eenvoud waarmee de klanken geproduceerd werden. Een open sfeer rijgt het begin in een adem aan het einde. Het vreemde is: geen nummer klinkt gelijk, maar terzelfdertijd zijn ze moeilijk te onderscheiden. Goodbye To Language is doorspekt met ambient, maar Lanois’ geschiedenis van country en folk voedden de nummers inhoudelijk. Klanken en akkoorden passeren in bijna zichtbare golven, de een na de ander, als estafette in slow motion.

Toch mocht de plaat voor ons meer definitie gekregen hebben. Misschien zijn we te gehecht aan Lanois’ vorige platen — denk aan het magistrale Belladonna, of aan Flesh and Machine — die ruwer en getander klinken. Goodbye To Language is ietwat vaag gebleven en klinkt te spontaan en ondoordacht. Door te tarten met de zwaartekracht, durfden we loom worden. Maar hier en daar lossen ze enkele onverwachte wendingen en eindes, en die hielden ons wakker. Niettemin een topplaat, hoor. En een goeie reden om die Acadie nog eens boven te halen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 × een =