WAALSE WEEK: PUUR BELGE: It It Anita + Cocaïne Piss :: 2 december 2016, VK

Dat er iets in het Waalse water zit, dat weet u na deze week al wel. Vrijdag mochten twee sterkhouders van de bloeiende scene bij onze Franstalige buren in de Molenbeekse VK even de kers op die taart zetten. En dat werd vooral voor Cocaïne Piss een regelrechte triomf.

Is het net door een gebrek aan jeugdhuizen en andere gesubsidieerde infrastructuur; de wet van de versnellende achterstand? Of gewoon omdat honger de beste saus is, en wie eten nodig heeft, het dan maar zelf bereidt? Feit is dat er in Luik en andere Waalse steden één en ander aan het bewegen is geslagen de laatste jaren. Het ene bandje na het andere steekt de kop op, een bloeiende undergroundscene is aan het groeien waarin de handen in elkaar geslagen worden, shows desnoods zelf georganiseerd, en een algemeen gevoel van goesting aanwezig is. Dat voel je ook op de concerten van deze bands, waar meer sfeer hangt dan bij het gemiddelde Vlaamse Afrekeningsgroepje.

Hier dus geen hoofdprogramma-voorprogrammaconstellatie, maar gelijkwaardigheid. Ook op deze Puur Belge-avond van de VK presenteren vier jonge bands zich even lang, even breed. Treinperikelen weerhouden ons ervan om de hele set van My Diligence te zien — opener Massis halen was helemaal onmogelijk — maar “Villa Franca”, het laatste nummer van de band, maakt alvast indruk. Het Brusselse trio walst als een pletwals over de zaal en pakt uit met een grungy geluid dat doet denken aan het stevigste van Soundgarden en Alice in Chains. Smaakt naar meer, en dat krijgen we nauwelijks een kwartier later, wanneer It It Anita, de nieuwe jonge Luikse noisebelofte, het roer mag overnemen.

Meteen is het gewild chaos troef. De vier muzikanten spelen dicht bij elkaar, op een hoopje in het midden van het podium, als een boksring waar ze voortdurend willen uitbreken. Het duurt dan ook geen vier nummers of gitarist Damien Aresta duikt het publiek in, om van daaruit zijn band muzikaal van antwoord te dienen in een soort dialoogspelletje. Want It It Anita neemt graag de tijd. Begint het nog kortaangebonden, dan wordt langzamerhand meer en meer uitgesponnen. Nummers worden al eens uitgekleed tot rustpunten, van waaruit alles opnieuw kan beginnen knallen; voor de finale wordt het drumstel droogweg verhuisd naar een plek net voor de PA. Leuke gimmick, maar ze haalt de vaart uit de set, zorgt ervoor dat de band te lang moet aanmodderen vooraleer een laatste kopstoot kan worden uitgedeeld.

Zelf willen ze het zo niet horen, maar als er nu plots oren richting Wallonië gedraaid worden, is dat vooral te danken aan Cocaïne Piss. Sinds de Luikse punkband met zijn opwindende optredens begon, ging de buzz hen concert na concert vooraf. “De eerste keer dat ik hen zag, speelden ze maar zes minuten”, horen we van iemand. En voor een band wiens debuutplaat nog geen kwartier duurde voor twaalf nummers, mag dat niet verbazen. Is It It Anita de aanstormende hengst, dan is Cocaïne Piss een briesende stier die niet eens acht zal slaan op ginds hek: het gaat omver.

Aangevuurd door de onstuitbare Aurélie Poppins, is Cocaïne Piss een fosforbom: verblindend, razendsnel, gemaakt om véél slachtoffers te maken. Maar de felle frontvrouw mag nog zo de aandacht afleiden met haar gekrijs, haar razernij en haar présence, om na vier nummers niet meer uit het publiek weg te sleuren te zijn, het geheime wapen zijn natuurlijk “haar jongens”. Een powertrio dat strak als een lasso staat, betere muzikanten zijn dan ze ooit zullen willen erkennen. Zo puntig speel je anders niet, zo onbewogen kun je chaos — alweer — niet creëren, zonder een zekere vorm van meesterschap.

Want ze mogen dan hoogstens anderhalve minuut, maximum twee, duren — misschien net omdat de band ze zo streng aan de leiband houdt — “Sex Weirdos”, “Cosmic Bullshit”, “The Dancer”, … zijn sterke songs. Met oren en poten. En ze zijn grappig. Dat droog op zijn Frans uitgesproken “Masturbation” halverwege “Happiness” blijft billenkletsen in zijn plompverloren onverschrokkenheid. Maar dan is het alweer gedaan. Dertig minuten opzwepende teringherrie is meer dan genoeg. En zo denkt ook Poppins er over, die aan het eind van de zaal zwetend is neergezegen. “Ja, het is gedaan, denk ik. Normaal doen we geen bisnummers.”

Had je gedacht. Net als op Dour moet ze alweer in allerijl — iemand moet de groep toch eens vertellen dat je zo’n dingen vooraf goed afspreekt — richting podium voor een vertimmerde herneming van “Sex Weirdos”. Duurde die veertig seconden? Een minuut? Zien wij er uit alsof wij daar met een stopwatch staan? Een rechtse in je smoel time je ook niet. Cocaïne Piss imponeerde alweer, en won met KO. Wij konden alleen maar ontroerd mompelen “Vive la Wallonie”. Dat Jan Jambon ons eens tegenspreekt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee + een =