STUFF. :: 22 januari 2016, DeSingel, Antwerpen

In 2015 vielen Vlaanderen en omstreken als een blok voor de wispelturige experimentele muziek van het Gents-Antwerpse collectief STUFF. De band rond drummer Lander Gyselinck mocht 2016 aftrappen met een drie weken lange residentie in DeSingel, waar ze het spanningsveld tussen mens en technologie op muziek konden zetten. Het resultaat werd onder de naam Hybrid Love met een dubbelconcert aan het publiek voorgesteld.

Hoewel STUFF. al sinds 2012 bestaat, kwam de populariteit van de band vorig jaar pas in een heuse stroomversnelling. Debuutplaat STUFF. werd door de media op collectieve lofzangen onthaald, en de ijzersterke livereputatie deed de euforie alleen maar toenemen. Volslagen terecht overigens: de fantastische composities die ontstonden uit eindeloze improvisatiesessies mixen jazz, funk, hiphop, triphop, jungle, psychedelica en een dozijn andere invloeden tot een tegendraads, maar aanstekelijk geheel. Die mix werd de insteek van een drie weken durende “in house residence” in kunstencampus DeSingel, waar STUFF. in alle vrijheid het snijvlak tussen mens en technologie kon exploreren.

Dat STUFF. deze invalshoek koos, is nauwelijks een verrassing. De band incorporeert al van het prille begin moderne technologie en geluid in het instrumentarium. Zo zijn de samples en scratches van Mixmonster Menno een integraal deel van de sound van STUFF., gebruikt toetsenist Joris Caluwaerts een batterij effectpedalen waar zelfs Fred Astaire van zou duizelen en maakt saxofonist Andrew Claes uitgebreid gebruik van de EWI (“electronic wind instrument”, of “elektronische blaasstok”, zo u wil). Voor dit muziekconcept werd dit spanningsveld binnen het geluid van de band verder uitgepuurd, en op de spits gedreven met extra geluids- en lichteffecten. Want een zittend publiek in de blauwe zaal van DeSingel vergt toch een ietwat andere aanpak dan een staande menigte in een concertzaal. Gelukkig toonde STUFF. zich op geen enkel moment onwennig met die aanpak.

”There’s a dinosaur dying in the mist”, vertelt de gesamplede stem van Josse De Pauw vanop een verduisterd podium, enkel verlicht met blauw achtergrondlicht en drie platte, horizontale spots die de bühne in twee snijden. Doorheen de hele voorstelling zal de stem van De Pauw sporadisch opduiken, verknipt, verdraaid en vervormd door sampletovenaar Menno. De rest van de band neemt Josse en de rest van het publiek mee op een duizelingwekkende trip doorheen een rollercoaster van muziekgenres en emoties in een kleine anderhalf uur durende headtrip.

Na de duistere, mysterieuze intro breekt de muziek als vanzelf uit in een orgie van opgefokte, verknipte en abstracte jazzfunk, waar drummer Gyselinck zichzelf uitleeft in tegendraadse, opzwepende ritmiek. Dit alles bouwt gradueel op naar een knoert van een ultrazware climax, die versterkt wordt door helrode spots en een dreigende Josse De Pauw (“Dyyyyyying… Insiiiiiide”). Hier kan menig sludgemetalband een punt aan zuigen. En dan zijn we nog maar halfweg.

De tweede helft van de set verkent wat bekender funkwateren, maar tuurt nog steeds de horizon af op zoek naar het avontuur. Van de bekende, gezapige maar frisse funkspielerei die we intussen kennen van STUFF. gaat het naar een ravebeat die een potentiële dansvloerkraker (dan wel met een stevige vijs los) in zich herbergt, tot spacey klank- en ritme-expedities die nauw aanleunen bij het meer duistere werk van Aphex Twin en DJ Shadow. De dwingende, pulserende ritmes en het hypnotiserende klankentapijt dat STUFF. als sluitstuk van deze Hybrid Love de zaal ingiet, zorgen voor een klepperende finale van een licht geniaal concert. Het denderend applaus en de diepe buigingen waren niet meer dan verdiend. Dat vroeg om een feestje. En dat kwam er ook.

Want na een welverdiende pis- en pilspauze konden zij die er zin in hadden in de tot concertzaal omgebouwde Theaterstudio van DeSingel de stijfheid uit de benen zwaaien tijdens een … nouja … “reguliere” set van STUFF. Die begon, zoals wel vaker, met een knappe uitvoering van het zwoele, mysterieuze “Event Horizon”, gevolgd door “Skywalker”, waar de danslustigen voor de eerste keer de enkels kunnen uitslaan. Hoewel, STUFF. zou STUFF. niet zijn moesten die dansbare stukken niet meteen de hakselaar in gekieperd worden. Wanneer Gyselinck en bassist Dries Laheye hun kapmachine loslaten op de funky passages, zien we de verwarring in de ogen van de lustige dansmariekes. De 17-jarige slungel zonder aantoonbaar gevoel voor ritme brengt het er dan nog het beste van af.

Hoewel STUFF. deze avond een dubbele shift draait, is er van vermoeidheid of concentratieverlies nauwelijks iets te merken. Je ziet dan ook dat de band in deze setting zich nog het meest thuis voelt. De sfeer is superrelaxed, en er wordt tussen de composities lustig op los geïmproviseerd. Zo wordt een schitterend en opzwepend “Java” uitgebreid met een wervelend middenstuk, en mikt Mixmonster Menno regelmatig een vette hiphopsample tussen de muziek. Zo komt Notorious BIG piepen tijdens een zwoele passage waar Andrew Claes zijn saxofoon op de stand “softporno” had gezet. Heel erg geestig. Tijdens de toegift waar STUFF. alles uit de kast haalt, wordt “Pass The Mic” van de Beastie Boys op een opgefokte junglebeat gezet. Een briljante vondst die de Theaterzaal collectief uit zijn dak doet gaan. Een dikke homerun als afsluiter van deze fenomenale double whammy van een band die alles in zich heeft om in 2016 een internationale vaandeldrager van grenzeloze en vernieuwende muziek te worden. En neen, wij overdrijven niet.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee + 6 =