Fat Freddy’s Drop :: Bays

Tussen al die artiesten wiens populariteit wordt opgepompt door marketingmiljoenen, youtube-records en geforceerde hashtags, is gelukkig nog voldoende ruimte voor de hardwerkende band die het op eigen kracht doet. Fat Freddy’s Drop is zo’n band die zichzelf met enkele prima albums en vooral een fenomenale livereputatie een volstrekt eigen smoel in de huidige popmuziek heeft gegeven. Op Bays, hun vierde studioplaat, schrijft het Nieuw-Zeelandse zevental overtuigend verder aan dat succesverhaal.

De wereld van Fat Freddy’s Drop, dat is een plek waar de zon altijd schijnt. Een plek waar soul, funk, reggae en dub samen arriveerden en het heel erg goed met elkaar bleken te kunnen vinden. Een plek dus ook, waar héél goeie feestjes gegeven worden. De voorbije tien jaar leverde de groep uit Wellington drie puike albums af die ook hier in Europa voet aan de grond kregen en bevestigde ze aan deze kant van de wereld haar fel bewierookte livereputatie. Want met evenveel livealbums als studioplaten, is het duidelijk dat Fat Freddy’s Drop in de eerste plaats een livegroep is. In hun thuisland spelen de heren makkelijk arena’s zo groot als Vorst plat, en hier bij ons waren passages in de AB in 2011 en 2013 niets minder dan triomftochten.

Voor hun vierde plaat flikkerden de heren hun vaste manier van doen het raam uit; het zevental trok met een maagdelijk wit papier de studio in, uitzonderlijk voor een band wiens songs traditioneel lang voordien in oeverloze jamsessies geboren worden en op het podium al hun pubertijd hebben doorlopen voor ze uiteindelijk op een plaat belanden.

Het is op die podia dat nieuwe nummers uitgeprobeerd werden, desnoods tientallen keren door elkaar gegooid werden en hun uiteindelijke snit kregen. Dat Bays — genoemd naar hun studio in Wellington — nu werd opgenomen op een meer conventionele manier, is voor de band dus een aardige ommezwaai. Maar het mag duidelijk zijn dat die verandering weinig invloed heeft op het handelsmerk van Fat Freddy’s Drop: broeierige reggaeritmes, blazers die het evangelie van de funk prediken en hier en daar een elektronicascheut, met de honingzoete soulstem van Dallas Tamaira er overheen. Die nieuwe gestructureerde aanpak zorgt ervoor dat de band geraffineerder klinkt dan ooit, zonder wat sommigen de groove – of erger nog: de vibe – noemen, te verliezen.

Bays opent extreem herkenbaar; de slome r&b van het traag opbouwende “Wairunga Blues” en de met-de-deur-in-huis-vallende blazers (na het geinige gameboy-introotje) van single “Slings & Arrows” zijn precies wat je van Fat Freddy’s Drop verwacht. Maar in plaats van op de makkelijke weg te blijven, kiest de band gaandeweg voor avontuurlijke zijsprongen en minder voor de hand liggende uitstapjes naar de obscure dansvloeren van Berlijnse technoclubs. Niet toevallig geldt Duitsland als het Europese thuisland van de Nieuw-Zeelanders, waar ze evenveel concerten spelen als in de rest van het oude continent samen. De hypnotiserende beat van “Wheels” of “Razor” en vooral de vinnige electrofunk van “Cortina Motors” sturen de blazers wandelen en zijn het logische vervolg van het geëxperimenteer met synths op voorganger Blackbird uit 2013. Fat Freddy’s Drop kan muzikaal heel wat kanten uit, zo bewijst het meer dan ooit, zonder ook maar iets van haar eigenheid prijs te geven.

Een nieuw geluid is Bays niet, net zoals het geen gooi is naar goedkoop hitparadesucces. Wat Fat Freddy’s Drop doet is simpelweg het verkennen van de opties en het aanvullen van hun geluid. Deze band is en blijft een uitstekende vuller van uw dansvloer en een niet te missen bezoeker van uw naburige concertzaal, in casu de Antwerpse Roma op 29 maart.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × twee =