Big Next Festival :: 12 september 2015, DOK, Gent

Van wie mogen we in de toekomst kleppers van platen verwachten? Welke acts zullen tijdens de volgende festivalzomer potten breken? Onder het motto ‘strictly new music’ werpt Big Next Festival, het eendagsfestival van Democrazy en Disco Naïveté, een blik op die bands met een grote muzikale toekomst. Wij lichtten er de vijf opvallendste uit.

De Big Next-editie van vorig jaar was zonovergoten en had heel wat toppers in petto — u herinnert zich wellicht nog Kevin Morby, Sinkane en The Acid. Op papier leek de affiche van dit jaar iets minder fantastisch en gaf het druilerige weer de DOK-site een troosteloze aanblik. Dat maakte de muzikale dag er echter niet minder gezellig op. Bovendien verdienen de kookkunsten van L’entrecovélo, die ons verblijden met een heerlijk broodje met fijngesneden entrecote, ook een pluim. En dan is er nog het belangrijkste: enkele acts konden heel erg bekoren.

De eerste aangename kennismaking is Témé Tan van de Congolese Brusselaar Tanguy Haesevoets. Hij is niet alleen een charmante jongen, die ook probeert vlot Nederlands te spreken met het publiek, maar vooral een puike muzikant. Deze muzikale wereldreiziger maakte al trips naar Japan, Brazilië, Andalusië en Guatemala om aan materiaal te werken. Het verbaast dus niet dat de muziek van het kwartet, dat verder bestaat uit leden uit Japan, Brazilië en Ghana, heerlijk exotisch, catchy en meeslepend klinkt. Hoogtepuntje is “Amethys”, waarin de onweerstaanbare ritmes, funky loops en soulvolle vocalen samenkomen tot een prachtig geheel. Plots werd het een paar graden warmer in de circustent van de DOK Arena, en dat vooral dankzij de energieke muzikant met een klein elektronisch gitaartje.

Voor wie Viet Cong al beu is, is er het Nederlandse Rats On Rafts, dat eindelijk in België staat om zijn tweede wapenfeit Tape Hiss, de spannendste plaat uit Nederland in jaren, voor te stellen. Met het nummer “Sleep Little Child”, eveneens de opener van dat album, wordt de set aan een ziedend tempo geopend. Verder worden we ook overrompeld door “Zebradelic” en vooral “Last Day On Earth”, tevens het beste nummer van die plaat. Drummer Joris Frowein en vervangend bassiste Shelly Emily — ze doet dat goed — vormen de hele set een pompende ritmesectie terwijl de gitaren genadeloos scheuren als een straaljager vlak bij de oren en zowel zanger David Fagan als gitarist-toetsenist Arnoud Verheul er duchtig op los schreeuwen. Rats On Rafts is iets als een Joy Division meets The Oh Sees meets Sonic Youth. Ga het viertal dus zeker aanschouwen op 8 oktober in de Nijdrop. En mogen ze dan volgend jaar op Pukkelpop staan, Eppo? Beloofd?

Wie komt daar doodleuk de Kantine binnengewandeld, om van tussen het publiek het podium op te stappen en aan zijn set te beginnen? Blue Daisy, het alter ego van rapper annex producer Kwesi Darko. De bonkige Brit lijkt uit ebbenhout gehouwen en brengt rauwe straatpoëzie over zijn eigen grimmige beats. Over een dag of tien verschijnt de man zijn nieuwe plaat Darker Than Blue via R&S, en dat zal u geweten hebben. Blue Daisy houdt niet van conventies, duikt te pas en te onpas het publiek in maar weet wel te begeesteren met zijn directe aanpak. Het doet ons meer dan eens denken aan Death Grips, en tegen afsluiter “Used To Give A Fuck”, heeft hij de volledige Kantine voor zich gewonnen.

Palmbomen of toch Vuurwerk? Beide acts gaven een masterclass hoe-maak-ik-elektronische-muziek-interessant en mikten bij momenten op de heupen, maar toch krijgt het trio uit Brussel de voorkeur omdat ze het live-gegeven nog letterlijk interpreteren. De vraag is wel waarom ze nog op een festival voor muzikale beloften staan. Vuurwerk heeft namelijk al indruk gemaakt op Glimps vorig jaar, in de Botanique en zelfs op Dour en Pukkelpop. Nu ja, ons hoor je niet klagen over het feit dat de ijle, meeslepende en uiterst intense elektro — fans van Mount Kimbie en Burial op het lijf geschreven — perfect past in de setting van de DOK Box. Vuurwerk klinkt soms heel duister, maar tegelijk o zo mooi. Om nog maar te zwijgen van de prachtige projecties. Ook de nummers met gastvocalen van Jan Lemmens (alias Glints) en de eigen interpretatie van Balthazars “Bunker” mogen er zijn. Als er een vuurwerk spetterend was in Gent die avond, was dat niet het vuurwerk op Odegand.

‘Eindelijk nog eens een live-drummer!’, denken we. En wat voor één. Met NAH kregen we niet alleen brutale samples, geschifte elektronica en vervormde stemmetjes maar ook oorverdovende live drums in de strot geramd. En dat allemaal door één (één!) geniaal gestoorde muzikant. Of hoe je van punk, noise, hiphop en jazz een explosieve cocktail kan maken — check daarom zijn nieuwste nummer “WOOSH”. Wat een zweterige bedoening is het daar in de Kantine. Er wordt gepogood, gecrowdsurft en wild gedanst. Als bij wonder blijven de muren nog overeind staan. NAH speelt en schreeuwt drie kwartier lang de ziel uit zijn lijf tot hij zowel fysiek als muzikaal uitgeput is, maar het publiek wil en krijgt meer. Deze gevaarlijke drummer-producer uit Philadelphia, die tegenwoordig in Brussel resideert, is een van de meest verbazende live-acts die we dit jaar al aan het werk zagen. Fans van Death Grips en Ho99o9, word wakker!

Wat onthouden we van Big Next Festival? Opvallend hoe weinig gitaarbands en hoe veel elektronica- en hiphopacts geprogrammeerd waren op DOK. Wel geteld twee acts maakten gebruik van live-drums en schoten er dan ook bovenuit. En tot slot lijkt de toekomst van de rauwe hiphopmuziek wel veilig gesteld.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

6 + zeven =