COLUMN :: Wij

Is het echt al tien jaar geleden? Natuurlijk is het dat. Ondertussen is Arcade Fire zo’n huishoudnaam geworden, zo’n automatische referentie, dat het niet meer gisteren kan geweest zijn. Maar het zegt natuurlijk ook wel iets over de impact die debuut Funeral moet hebben gehad dat het, ook tien jaar na zijn verschijnen nog zo veel invloed blijft hebben.

We gaan niet stoefen dat we dat meteen hadden begrepen. Natuurlijk: toen Funeral in februari 2005 – een half jaartje na de Amerikaanse septemberrelease – ook onze kusten bereikte knikten we goedkeurend, bezigden we net niet de woorden ‘plaat van het jaar’, maar dàt, dat hadden we niet verwacht. Wat er echt aan de hand was, zou pas later doorsijpelen; toen Arcade Fire ook ging optreden, en de groep het Cirque Royale in Brussel op zijn kop zette met wat misschien wel een van de vijf beste concerten van ons leven moet zijn geweest. Het is die meiavond, dat Arcade Fire de wereld voor ons een beetje heeft veranderd, en we zijn niet de enige die in die periode iets moeten hebben gevoeld.

Plots leek alles immers op Arcade Fire. Elke groep had ineens een percussionist op overschot. De gekste instrumenten werden op een hoop gesmeten; als het niet klonk, dan botste het wel. En iedereen zong met z’n allen samen, uit de volste borst mogelijk. Want daar ging het om: Arcade Fire was een groep die je omarmde en meetrok. Het ging niet om Zij op het podium en Jij daarvoor. Er was een Wij, iets dat samen moest werken.

Artiesten genoeg bij wie de inbreng van het publiek hoogstens een extra is. Bruce Springsteen gaat zich niet inhouden als hij voor een Chinees terracottaleger speelt, Bono kan zelfs in de slaapkamer het grote gebaar ongetwijfeld niet laten. Maar niet Arcade Fire; dat had die input nodig, zeker in die begindagen. Wie niet meezong was gezien, want zonder jou was er geen optreden. Of toch één dat een pak minder zou zijn. En dus ging iedereen mee in die “yeah, I’ll dig a tunnel from my window to yours”. En werden er momenten voor het leven geschapen.

Arcade Fire zelf is ondertussen opgeschoven. Win Butler is nog altijd geen Michael Stipe, maar hij is een frontman geworden; niet langer de ietwat ongemakkelijke nurk die niet goed wist hoe hij die leidende rol moest vormgeven. Maar talloze groepjes hebben de les van toen begrepen: dat het geheel meer is dan de som der delen. En dat het publiek een stuk van de performance mee kan maken; als je het maar kunt overtuigen om mee te zingen, al was het maar “woaaaah woooaaah”.

Dat is de erfenis van Funeral. En dus heeft elk land ondertussen wel zijn Arcade Fire — Noorwegen zelfs twee –en is meezingen het nieuwe met-gekruiste-armen-stilstaan geworden; elke hipperd doet het.( Of is er alweer “zó over”, want zo gaan die dingen ook. Maar passons.) De les is in elk geval al tien jaar geleerd: samen maken we meer van een concert dan alleen. En die verdienste mag Arcade Fire op zijn conto schrijven, “woaaah” nog aan toe.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 − twee =