Admiral Freebee :: ”Geluk is een product geworden”

Het mag dan wel vier jaar geduurd hebben voor Admiral Freebee met een nieuwe plaat tevoorschijn kwam, Tom Van Laere noemt The Great Scam de “easy fifth”. Het moest allemaal gemakkelijk gaan. En zo klinkt zijn uitstekende vijfde plaat ook: gemoedelijk en warm. Op The Great Scam koppelt Admiral Freebee een nieuw, fris geluid aan zijn eeuwige dwarsheid.

enola: Mag ik dit een romantische plaat noemen?
Tom Van Laere: “Ja, ergens wel. Ik ben eigenlijk wel romantisch ingesteld. Ik zing heel graag over de liefde en ik praat er graag over, maar echt verliefd zijn vind ik wat obsessief en cliché. En wat zielig (lacht) — soms toch. Probeer maar eens een gesprek te voeren met iemand die compleet verliefd is, dat gaat altijd maar over die “ene”. Je bent verblind.”

enola: En over geluk in de liefde zingen, is niet altijd even interessant.
Van Laere: “Maar als ik over “love” zing, gaat dat niet alleen over romantische liefde. Dat kan ook over liefde voor je vader of voor muziek gaan. Als ik “you” zing, is dat dus ook niet altijd een vrouw. In de clip bij “Nothing Else To Do” draait het om pure vriendschap. Over elkaar ontmoeten — mensen ontmoeten is altijd poëtisch.”

enola: En toch zitten er weer enkele zwaarmoedige passages in.
Van Laere: “Ja, maar pas op: soms maken mensen van bepaalde zinnen iets zwaarmoedigs, terwijl ik dat niet zo bedoel. Neem nu de zin, “The same thing that makes you lonely is the same thing that sets you free”: dat zit vol hoop in mijn ogen. Maar sommige mensen vinden dat echter iets triests hebben. Ik vind het soms net hoopgevend als je kunt accepteren dat je ergens in vastzit.”

enola: Dat accepteren is net een van de problemen van deze tijd: iedereen is altijd rusteloos op zoek naar datgene wat hij niet heeft.
Van Laere: “Voilà. Maar pas op, dat is altijd zo geweest, denk ik. Vandaar ook dat ik een nummer als “I Don’t Want To Feel Good Today” niet zwaar op de lever vind. Als je je slecht voelt, is dat niet erg. Pijn en vreugde zijn man en vrouw. Geluk lijkt vandaag wel een soort product geworden. Je moet gelukkig zijn, en je moet op Facebook zeggen dat je je heel goed voelt — anders ben je een triestige plant. En als je altijd die feel good songs op de radio hoort… Daar heb ik soms geen zin in. Dus ja, dan moest ik het wel doen.”

enola: Dat is toch die dwarsheid die je blijft kenmerken.
Van Laere: “ (lacht) Ik vind dat zo’n dwarsheid wel een goede energie geeft. Ik ben een beetje alles door elkaar en ik schrijf in allerlei buien. Zo kan ik dus ook in een romantische bui nummers schrijven. En ik spreek mezelf dan ook vaak tegen: de ene dag schrijf ik romantisch, de andere dag sarcastisch-ironisch. Zoiets als “I Don’t Want To Feel Good Today” meen ik aan de ene kant, maar aan de andere kant wil ik ook een boodschap meegeven. Een nummer kan dus verschillende dingen zijn. Maar ik vind dat net leuk, die tegenspraak. Zo is een relatie, of het leven, ook. Het leven is complexer dan één ding of een liefdesliedje. (op dreef) Ik hou van die tegenstellingen. Alles wordt zo eenvoudig voorgesteld de laatste tijd. Iedereen spreekt in oneliners. Politici reduceren problemen bijvoorbeeld tot iets waarvoor zij een oplossing hebben. Maar het is allemaal zoveel complexer dan dat. Alles beïnvloedt alles, het is allemaal één georganiseerde chaos. En ik vind het fijn dat die gestructureerde chaos ook in de thema’s van mijn albums zit. Hier zeg ik dat, daar dan weer iets anders. Je kunt op een bepaald moment een vrouw fantastisch vinden, maar ze drie uur later dan weer beu zijn. Het ene moment vind je het leven ongelooflijk, het volgende ben je het allemaal moe. En ik vind het leuk als een plaat daar de weerspiegeling van is.”

enola: Aan tegenstellingen bij jou geen gebrek: zo speel je op de dvd bij Wild Dreams Of New Beginnings een heel pakkende versie van “Sad Rebel”, wanneer plots de camera uitzoomt en je twee muzikanten percussie ziet spelen met een bezem en een vuilnisbak. Het ene moment is de kijker ontroerd, het volgende moet hij lachen.
Van Laere: “En op diezelfde dvd speel ik tijdens het eerste nummer — het ingetogen “Devil In The Details” — ook een serieuze fout. Ik vind dat dat kan, want in zulke documentaires over groepen wordt altijd alleen het succes getoond, terwijl ik net het falen heel interessant vind. Dat vind ik ook romantisch: iemand die het niet weet, vind ik romantischer dan iemand die het wel weet. Als je de angst om niet te slagen kunt wegjagen, dan ben je echt iets aan het maken. Voor mij geldt dat ook: eigenlijk is het falen als ambacht. Je faalt de hele tijd. Je kunt een mislukte filosoof, een mislukte schooljongen, een mislukte lover, een mislukte bibliothecaris zijn… Ik heb zelf nooit een diploma behaald, maar dat kan mij een geslaagde songwriter maken die dat allemaal kan observeren.”

enola: Ik heb het gevoel dat je dat falen ook ergens opzoekt. Je stelt jezelf altijd in vraag voor je aan een volgende plaat begint.
Van Laere: “Ja, ik kan heel hard met mezelf lachen, maar tegelijk ook weer niet. Dat maakt het soms erg moeilijk, maar dat is, denk ik, de aard van het beestje. Ik kan niet anders. Als ik alleen ben, in m’n auto bijvoorbeeld, en ik zie iemand die heel slechtgezind is, kan ik daar heel hard mee lachen omdat ik dat herken. Ik kan namelijk ook heel snel geïrriteerd raken. Ook tijdens interviews, omdat je dan jezelf de hele tijd moet uitleggen. Dan verlaat ik het terrein van mijn kracht. Mijn kracht is een nummer maken en dat zingen. Ik ben heel vrouwelijk als ik dat nummer maak, en heel mannelijk als ik het breng op een podium. En mijn kracht is die twee dingen samenbrengen. Maar als je daarover moet praten, zit je voor je het weet te oreren, in statements te praten. En jij stelt me misschien een vraag waaruit ik afleid dat jij iets slecht vindt, ik ga daar dan op in terwijl je eigenlijk iets helemaal anders bedoelde… Dat gaat dan uit van een misverstand en niet vanuit wie ik ben.”

enola: Al moet ik wel zeggen dat je je nu in mijn ogen voordoet zoals je echt bent.
Van Laere: “Ja, maar over tien minuten ben ik misschien weer iemand anders (lacht). Iedereen, hoor. Dat bedoel ik ook met de titel van de plaat, The Great Scam: iedereen doet zich voor als iemand anders, terwijl we net de dingen verzwijgen die ons zouden kunnen binden. Het aandoenlijke is dat als je je alleen of onbegrepen voelt, je dat net intrinsiek deelt met de massa. Maar net dat zeg je niet luidop, zeker niet op Facebook. Maar iedereen voelt zich zo, en we zeggen dat niet. We verbergen dat dus, en daardoor is er geen herkenbaarheid.”

enola: Aangezien je een hekel hebt aan misverstanden: in welke mate vind jij het belangrijk dat mensen begrijpen waarover je zingt?
Van Laere: “Ik vind niet dat ze dat moeten weten. Als ik m’n nummers al eens uitleg tijdens een concert, is dat vaak om te lachen. Ook in interviews, ik doe dan alsof ik het serieus bedoel (lacht). Ik vind het zelf romantisch iets niet te weten, dus vind ik het ook beter dat het publiek het niet weet.”

enola: Inderdaad, het zoeken is romantischer dan het vinden. We zijn nu twaalf jaar na je eerste plaat; in welke mate moet jij nog zoeken?
Van Laere: “Tja, als je iets gevonden hebt, word je het beu. Ik ben ondertussen wel zeker geworden in het schrijven van nummers. Ik durf nu wel zeggen dat ik dat kan. Ik heb er ook nog heel veel over. Deze plaat is bijvoorbeeld al een half jaar af. Ik schrijf dus constant, maar ik tour ook nog, heb de plaat met Raymond van het Groenewoud gemaakt (Van Laer producete De Laatste Rit, pn), nog een solotour gedaan…”

enola: Vroeger zei je wel eens dat je op een punt wou komen dat mensen je plaat blind aanschaffen. Aan de ticketverkoop voor je shows in de AB te zien, is dat aardig gelukt. Toch klinkt elk van je platen anders. Zo is The Great Scam helemaal anders dan wat we van jou gewend zijn.
Van Laere: “Ja, ik heb altijd een vaste waarde willen worden. Kwaliteit maken, zodat de mensen weten wat ze mogen verwachten. Maar tegelijk verander ik elke keer mijn manier van werken. Bij The Honey And The Knife bleven we doorwerken, deden we overdubs, gebruikten we talloze dingen achteraf niet. Nu was het eigenlijk andersom: we deden alles wat gemakkelijk was. Vandaar dat ik deze ook de “easy fifth” noem: een nummer dat gemakkelijk geschreven werd, ging ik opnemen. En als het moeilijk werd, stopten we en deden we iets anders. Veel nummers heb ik ook geschreven in de zon in Spanje, op het strand, en dat voel je toch. Over The Great Scam hangt een hippiesfeer.”

enola: En elke keer werk je met andere muzikanten, een andere producer… Kan dat soms niet vermoeiend zijn?
Van Laere: “Nee, net niet. Het zou juist vermoeiend zijn als ik altijd met dezelfde mensen werkte. Dan kruipen er van die handigheidjes in, waardoor je weet dat sommige ingrepen om problemen op te lossen altijd werken. Maar zo werkt het niet. Magie kun je niet dwingen. Ik vind het net romantischer dat ik niet weet wat er gaat gebeuren. Dan gebeurt er pas iets.”

enola: Sommige artiesten hebben het net moeilijk om met een vreemde producer te werken, omdat ze zo hun songs meer uit handen geven bijvoorbeeld.
Van Laere: “Bij mij werkt dat wel. Ik speel dan een soort rol… (denkt na) Als ik fake doe, als ik een rol speel, ben ik meer mezelf dan als ik echt ben. Tegen muzikanten die ik al langer ken, zal ik bijvoorbeeld sneller zeggen dat ik moe ben. Dan zeg ik echt wat ik voel, terwijl dat meer gewoon gezeur is (lacht). Terwijl ik bij die andere, nieuwe muzikanten veel “cooler” en toffer doe, beter gezind ben… Dat is echter. En je leert van elke muzikant die je ontmoet wel iets bij. Als je altijd tegen dezelfde mensen tennist, weet je op den duur ook hoe je je tegenstrever moet verslaan.”

enola: Deze plaat klinkt ook ontzettend zuiver.
Van Laere: “De klank laat ik echt over aan de producer. Ik geef eigenlijk altijd wel carte blanche aan de producer. Ik vind dat een nummer de klank maakt, zoals in “Breaking Away”. Ik luister soms zelf naar platen waarvan ik de klank niet goed vind. Zoals Avalon Sunset van Van Morrisson: die plaat klinkt echt te proper en is toch een van mijn lievelingsplaten. Ik weet dat ze niet goed klinkt, maar ik vind die melodieën en die nummers zo mooi dat ik die toch de hele tijd opzet. Maar er zijn muzikanten die er veel meer mee bezig zijn dan ik. Als ik mijn gitaar in de versterker steek, draai ik natuurlijk wel aan de knoppen tot ik vind dat die goed klinkt. Maar ik zal nooit zeggen: het moet klinken als die plaat, want daar geloof ik echt niet in. Ik denk niet dat dat kan. Want dan moet je dat in die studio, met die muzikanten, met die instrumenten en met die producer doen, anders kan dat niet zo klinken. Wij maken iets met andere mensen, met een ander gevoel, en dat wordt iets. Daar geloof ik echt in. Ik wil daar op voorhand niet te hard over nadenken, want dat kan je toch niet. Op de vraag waarom zijn songs live vaak zo anders klinken, antwoordde Bob Dylan ooit dat hij dan alle muzikanten die zijn songs hebben gespeeld zou moeten meenemen. Dat zijn er meer dan honderd.”

enola: Je was zelf producer van een plaat van Raymond. Zie je jezelf je eigen werk niet producen?
Van Laere: “Ik vind dat niet interessant. En bovendien, als je zingt en speelt, kun je zelf niet luisteren. Dan weet je bijvoorbeeld niet wat de goede take is. Dan vind ik een samenwerking veel leuker en efficiënter. En zoals ik zei, met klank ben ik liever niet bezig.”

enola: En je zoekt te hard het conflict op met het publiek of met je muzikanten. Met jezelf gaat dat moeilijker.
Van Laere: “Ik heb dat nodig, ja. Spanning creëert magie. Muziek is eigenlijk alleen maar leuk als er magie is, anders gebeurt er niks. Vroeger, in m’n beginjaren, zette ik een eerste nummer bijvoorbeeld echt slecht in en legde dat dan halverwege stil. Dat was op voorhand met de muzikanten besproken. Dan deden we alsof we ruzie kregen, er ontstond wat agitatie met het publiek, want dat dacht dan dat ik arrogant was (lacht). En dan zetten we alles open, zodat ze het gevoel kregen dat er echt iets gebeurde. Dat is die spanning. Toevalligheden kan je soms zelf pushen.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien − 4 =