Lanterns On The Lake :: Until The Colours Run

Ze zijn kwaad, die van Lanterns On The Lake: op de wereld, op de politiek, op de economie. Platzak, dreigend kijkend naar het onrecht dat hun omgeving werd aangedaan. Angry, young and poor, zoiets, maar dan de duyster-variant weliswaar.

Twee jaar geleden debuteerde Lanterns On The Lake, afkomstig uit Newcastle, met Gracious Tide, Take Me Home, een plaat waarop ze de romantiek van hun jeugd en woonplaats in een fluisterende mengeling van folk, elektronica en ambient goten. Rustiek en weemoedig waren de kernwoorden, en meer duyster kon een groep niet klinken. Wie echter een even mijmerende opvolger had verwacht, zal merken dat de naïviteit van die eerste plaat tegen de muur van de realiteit is opgebotst. Of zoals ze het album zelf beschrijven: “ a personal journey through modern life – hope, despair, love and desperate times”. In eerste single “Another Tale From Another English Town” klinkt het onheilspellend “ They’ve been warned a thousand times this year”, elders op de plaat barsten dromen uit elkaar.

Al van bij opener “Elodie”nestelt de gitaar zich op de voorgrond. De sfeer is hard, urgent. Een razende gitaar gooit het portaal van Until The Colours Run opent met een post-rockexplosie die van God Is an Astronaut had kunnen zijn, waarbij ook aan het einde van het nummer de gitaar nog een keer tot uitbarsting mag komen. Opvolger “The Buffalo Days” gaat op hetzelfde stramien verder en de laatste bocht mondt opnieuw uit in een scheurende ontploffing. De romantici die ooit in het lentegras hebben liggen dagdromen op “I Love You, Sleepyhead”, zullen zich verbazen over zoveel onrust. Zij kunnen zich echter optrekken aan een aantal songs die meer bij de sfeer van Gracious Tide, Take Me Home aanleunen, zoals “The Ghost That Sleeps In me” en het ijle “Green And Gold”, waarin zangeres Hazel Wilde ons troostend toefluistert dat ” Love is not a fleeting thing”. Nummers als een nevelige sluier tegen de stormende bedreiging van de buitenwereld. Spijtig genoeg halen deze nummers niet meteen het niveau en de frisheid van de songs op hun eerste plaats: hoewel mooi, zijn ze te kleurloos en pakken ze de luisteraar niet meteen bij het nekvel.

De beste songs zijn die waarop de groep de middenweg weet te vinden tussen hun ouder werk en de drang naar stevige uithalen, en waarbij ze de verschillende lagen en instrumenten elk hun rechtmatige plaats toekennen. Op “You Soon Learn”, “Until The Colours Run” en “Another Tale From Another English Town” zwermen gitaar, viool, stem rond elkaar heen, met hier en daar een knisper elektronica ertussen. Die combinatie helpt de groep ook om aan de juiste kant van de bombast te blijven. Zo weet Lanterns On The Lake het sterkste van twee werelden te verenigen. “You Soon Learn” opent met een weemoedige gitaarriedel, waarna een viool nog een druppel verdriet mag komen toevoegen. Een treurende Wilde bezingt de pijn van het leren, de pijn dat “The vision we had has been buying us time for too long”, dat de tijd op is. Op het einde van het nummer mogen de instrumenten de teugels meer loslaten, zonder daarbij echter te overdrijven. Op “Another Tale From Another English Town” gebruikt de groep diezelfde middelen om een bloedmooi nummer te componeren, waarbij gitaar, die op bepaalde momenten gruizig en hard om zich heen mag slaan, viool en zang rond elkaar heen cirkelen in een mistige waas. Hoe stevig het ook wordt, de dromerige sfeer, hier en daar verdrongen naar de achtergrond, verdwijnt nooit volledig uit het zicht. “ We were so long a sweet young life” wordt er gepreveld, waarna een gitaarschreeuw dat leven klauwend naar het verleden verdrijft.

Met Until The Colours Run toont Lanterns On The Lake dat ze niet bevreesd zijn van het vertrouwde pad af te wijken. Spijtig genoeg zorgt dit ervoor dat ze meer naar de middelmaat afdwalen dan vroeger. Op Gracious Tide, Take Me Home, hoewel ook niet altijd volslagen origineel of vrij van fouten, had de groep met een fris en mooi geluid een eigen hoekje gevonden, waarin dat eigen geluid uitgediept kon worden. De slinger slaat echter wat te veel door op hun nieuwe plaat. Hoewel die zeker niet slecht is, verliest de groep de frisheid en eigenheid van hun eerste album een beetje, waardoor de plaat een eigen gezicht mist. Sommige nummers raken daardoor te weinig ingekleurd om lang te kunnen boeien. Anderzijds bevat Until The Colours Run wel een aantal sterke songs die er echt uitspringen en de luisteraar stevig vasthouden, waar hun debuut vooral één nevelige sfeer bevatte waarin het aangenaam indommelen was. Hopelijk kan de groep in de toekomst hun verschillende geluiden tot één mooi geheel smelten, zoals dat hier op een aantal songs al het geval is.

Bij Lanterns On The Lake zijn de illusies in de tussentijd stukgeslagen, verstrooide dromen de grond ingestampt, een klap te veel ontvangen. De loom van het slaapdronken jong-zijn is definitief voorbij. “ We don’t want to fight, we want a quiet life, wish our lives away”, gezongen met de wetenschap dat die mogelijkheid niet meer bestaat.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

8 + 12 =