Kvelertak :: 1 april 2013, AB Club

De Noorse feestmetalsensatie Kvelertak kwam op paasmaandag zijn tweede plaat Meir, die in maart verscheen via het grote Roadrunner, voorstellen in de AB. Toch waren het vooral de nummers van hun debuut die voor ambiance zorgden.

Met Kvelertak verscheen in 2010 een van de meest opwindende én boeiende metalplaten van het decennium. Met een haast perfecte mix van melodieuze punk, duistere black metal en stomende rock-‘n-roll deed het zestal zijn bandnaam, ‘wurggreep’ in het Noors, meteen alle eer aan.

Kvelertak werd niet alleen een terechte hype door zijn idiosyncratische geluid en meebrulbare refreinen, ook het no-nonsensegedrag van de band — in tegenstelling tot zo veel andere (Noorse) metalbands neemt Kvelertak zichzelf niet al te serieus — deed heel wat metalfans triomferen. Kvelertak is in de eerste plaats een feestband. Na Graspop, Ieperfest, de Hasseltse Muziekodroom en Dour zou het dus nu de beurt zijn aan de AB om gedrenkt te worden in bier, zweet en decibels.

Het is geen wonder dat de concertclub bij nummers als “Mjod”, “Fossegrim” en “Ulvetid” onder het goedkeurende oog van de enorm charismatische zanger Erlend Hjelvik omgetoverd wordt in een klein slagveld; wij zijn vooral benieuwd of ook de nummers van de nieuwe plaat er live als een huis staan. Meir is op het eerste gehoor dan wel iets meer van hetzelfde in vergelijking, toch blijft Kvelertak brutaal en feestelijk tegelijk.

In de kleinste zaal van de AB steken drie nieuwe nummers er muzikaal bovenuit ondanks het feit dat het publiek minder beweeglijk is. In opener “Spring Fra Livet” worden snijdende black metal riffs van de drie gitaristen en de blastbeats van Kjetil Gjermundrod meesterlijk afgewisseld met meer catchy melodische stukken. “Bruane Brenn” is zoals zoveel nummers op de eerste Kvelertak-plaat fonetisch meezingbaar. En het AC/DC-achtige “Kvelertak” later in de set is het perfecte zuipnummer. Minder herkenbaar, uitgezonderd die geweldige solo’s, is de pletwals getiteld “Manelyst”. De genialiteit van Kvelertak live zit dan ook in zijn op punk geënte simpliciteit en rauwe energie.

Bij oudere nummers als “Nekroskop”, “Sjohyenar” en vooral het grootse “Blodtorst” gaat iedereen vooraan wél weer met gebalde vuisten in de lucht lustig pogoën. Bij afsluiter “Utrydd Dei Svake”, dat in een oorverdovende geluidsbrij verzandt, lijkt iedereen al afgemat. Maar dat is niet meer dan normaal. Kvelertak staat live telkens voor een klein uur feestvertier — dé reden waarom we vandaag blijven houden van metal. In de toekomst zal Kvelertak ongetwijfeld meer publiek zien opdagen als hij zich zo blijft kapot toeren.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 × 2 =