PUKKELPOP 2012: Keane :: vrijdag 17 augustus, Main Stage

Drie jaar geleden nog op T/W Classic, nu op Pukkelpop. Kwatongen monkellachen dat ze louter op het eerste thuishoren, maar een perfect popfeest kan overal. En moet overal kunnen.

Drie jaar geleden lieten zelfs de diehard-fans van Depeche Mode zich gewillig inpakken door volksmenner en knuffelbeer Tom Chaplin, op de weide van Pukkelpop is dat niet anders. Het is op zulke momenten dat Keane de titel van ‘Abba van vandaag’ kan waarmaken, en meer kan zijn dan zomaar een guilty pleasure, zoals onlangs weer op het pas verschenen Strangeland, dat na twee meer experimentele platen en een draak van een EP terug aanknoopt bij het debuut Hopes And Fears.

In al die jaren is Keane weliswaar een andere band geworden: vooral fysiek staat Chaplin scherper dan ooit. De bolle teddybeer met krullen is hij sinds hij van zijn portoverslaving af is bijlange niet meer. Maar het publiek bespelen als een crowdpleaser die met alles wegkomt, is een truc die hij als weinig anderen beheerst. Chaplin zoekt tijdens de concerten steevast het ‘momentum’ op door de gekende truken van de foor, en zelfs al komt dat er niet zoals vandaag, het doet de figuurlijke warmte van en naar het podium de zomerse hitte van vandaag overstijgen.

Er wordt meegezongen, gedanst, geknuffeld en ‘binnen gedaan’ dat het een lust is. Keane speelt gaarne ten dans middels een melodiefestijn dat zijn gelijke hoe dan ook niet kent dit weekend. Vooral de songs uit het debuut (“Bend And Break”, Everybody’s Changing”, “This Is The Last Time” en “Somewhere Only We Know”) scoren, maar geruststellend is wél dat ook nieuwe nummers als “Silence By The Night”, “The Starting Line” en “Southern Light Café” koppeltjes tegen elkaar laten heupwiegen. Opzet van Strangeland dus wel degelijk geslaagd? Toch is afsluiter “Is It Any Wonder?” van op de tweede, donkere plaat Under The Iron Sea een welgekomen tik tegen het bakkes. Zes jaar geleden opvallend cynisch, tegenwoordig in sets als vandaag haast euforisch.

Het niveau van een Elbow, dat sinds z’n laatste twee platen live hetzelfde bereikt, haalt Keane vanzelfsprekend niet, maar elk festival is gebaat met een uurtje feelgood van dit allooi. Keane is daar de overtreffende trap van. Het valt voor de festivalorganisatoren te hopen dat Keane z’n relevantie ook op zijn albums terugvindt, want dit is de gedroomde festivalact.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeven + vier =