Met Isbells door China: Deel 2 :: Wokgroenten en Wolkenkrabbers

Shenzhen moet wel het nieuwe China zijn. Hypermodern, strak geklede, ultraverzorgde hippe inwoners (gemiddelde leeftijd hier: 26 jaar), mastodonten van businesstorens en duizelingwekkende wolkenkrabbers. Absurd als je beseft dat deze miljoenenstad nog maar bestaat sinds midden jaren ’90, toen besloten werd enkele ‘special economic zones’ te creëren om de economie in de regio aan te zwengelen.

Hong Kong is op een (weliswaar Chinese) boogscheut van hier. Geen idee of een stad als Shenzhen bekend is bij de modale Europeaan. Wat mijzelf betreft, en daardoor ook heel Isbells (braaf mijn leestip volgdend), was het tekenaar/auteur Guy Delisle uit Montreal die mij de stad enkele jaren geleden liet kennen middels zijn geweldige graphic novel Shenzhen, een verslag van zijn verblijf in de de stad als tekenfilmmaker. Top stuff, trouwens. Nu, aan de verschillende in steigers staande gebouwen en het hoge, erg Amerikaans aandoende ritme waarop hier wordt geleefd te zien, kan ik me voorstellen dat de stad alweer exponentieel gegroeid en veranderd is sinds de passage van Delisle.

Inchecken in het gigantische hotel Home Inn. Er lijken wel duizend kamers te zijn. Allemaal erg klein. Aziatisch functioneel. En kijk, voorzien van de herkenbare overlevingskit: setje tandenborstels en –pasta, slippers, doekjes om je schoenen te blinken en … rookmaskers. We zijn gerustgesteld.

De club waar we vandaag spelen heet Hongtangguan (ook bekend als de “Brown Sugar Bar”). Niet zo’n typische Chinese, cleane feestzaal zoals in Guangzhou, maar een eerder Westers aandoende, van knusse zetels voorziene koffiebar.

Het materiaal dat ter onze beschikking staat is echter bijzonder crappy: geen van de transistorversterkers blijkt te werken, terwijl het mengpaneel waarmee geluidsman Nick moet werken bijna achter het podium ligt, en van bedenkelijk niveau is. De handen in het haar. Lichte frustratie. Tijd om te verpozen.

Tourpromotor Jef neemt ons mee naar een prachtige tent van enorme afmetingen die ons, eerlijk waar, doet denken aan het decor van de één van de scenes uit de film Crouching Tiger, Hidden Dragon. Hier zitten minstens achthonderd mannen, vrouwen en kinderen te smikkelen. Jef bestelt een menu specialiteiten uit de provincie Hunan. We staan perplex: de keet zit stampvol, en toch spelen de (toegegeven, van oortjes voorziene) in traditionele klederdracht gestoken diensters het klaar om onze tafel binnen de tien minuten van de meeste uitgelezen lekkernijen te voorzien. Ik ga ze hier niet opnoemen, maar: er wordt geen woord gezegd. Smullen. Zwijgen. Genieten.

Isbells bestaat uit een aantal stevige vleeseters, maar: zelfs zij geraken verkocht voor de waarlijk heerlijke gewokte bloemkool, boontjes en vooral aubergines, ‘qiezi’ (spreek uit ‘tsjeedze’, een term die ze hier ook uitspreken telkens als er voor een foto moet worden geposeerd; niet toevallig klinkt het van ver een beetje als ‘cheese’).

Terug op verhaal , zeg maar uitgelaten, beginnen we aan onze set voor een lekker volle zaal. Geen idee waarom deze lieve en aandachtige mensen uit Shenzhen op een woensdagavond naar een voor hen onbekende band uit het verre België komen luisteren, maar: het wordt een waarlijk intieme, aangename show. De technische mankementen lijken ineens niet meer te bestaan, we schaatsen er gewoon omheen.

Een glimlachend, bebrild gezicht roept “play “Time is Ticking’”’. Een verzoekje. De man krijg wat hij vraagt. Maar wij nog veel meer.

Lichtjes bedwelmd stappen we de Shenzhense nacht in. Morgen de vlieger op, richting Chongqing.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × 5 =