Furor Gallico :: Furor Gallico

Een frontman met als bijnaam Pagan? Die kan niet
anders dan boegbeeld van een viking- of folkmetalband zijn. Bij
zijn groep Furor Gallico hebben we het over het tweede, vooral in
de meer opgewekte stijl van Korpiklaani en Arkona. Inspiratie komt
uit de mythen en geschiedenis van de Kelten. Muzikaal wordt passend
gekozen voor instrumenten als viool, fluit, bouzouki en harp naast
de verplichte drum en (bas)gitaren.

Bij folkmetal is de link met Scandinavië vlug
gelegd, al is dat hier onterecht. Deze nieuwkomers – in het
razendsnel groeiende genre – hebben Italië als uitvalsbasis.
Teksten in het Italiaans waren bijgevolg een logische keuze, hoewel
geregeld een poging tot niet al te slecht Engels de kop opsteekt.
De taalproblemen worden echter volledig goedgemaakt door het
zangtalent van Pagan (echte naam Davide). Hij neemt zowel de
growl, black metalscream als melodieuze zang voor
zijn rekening.

Vooral de zuivere zanglijnen vallen bijzonder goed
te smaken. Jammer dat het melodieuze stemgebruik fel in de
minderheid is. De meeste aandacht gaat naar de dynamiek tussen
growl en scream. Muzikaal ligt de focus op een
andere wisselwerking: die tussen harp en viool. Het duo is
onafscheidelijk aan het converseren van begin tot eind. Met een
sfeervol resultaat dat nog het meest doet denken aan Ierse folk.
Een stukje springerige Riverdance op een metalplaat.

De intro van het titelloze debuut is zelfs gestript
van alle metal. Alleen de traditionele instrumenten mogen hun
klanken even demonstreren. Daarna wordt de aandacht verlegd op het
vocale werk in ‘Venti Di Imbolc’. Pagan spreidt zijn verschillende
zangstijlen tentoon met op de juiste tijdstippen een ingetogen
harp- of fluitintermezzo. Zo gooit de groep vanaf de start alle
troeven op tafel, maar dat wil niet zeggen dat na de twee starters
niks interessants meer overblijft. De vaste ingrediënten zijn
immers telkens op een andere manier geklutst.

‘Ancient Rites’ focust zich bijvoorbeeld op een
vrolijke klank. Ideaal om op een open plek in het bos bij rond een
kampvuur te huppelen. ‘Cathubodia’ begint als een rasechte
blackmetalsong om pas na een drietal minuten opnieuw de folksfeer
in te duiken. Met ‘Golden Spiral’ wordt een ode gebracht aan de
melancholie. De viool krijgt samen met vaste partner de harp een
glansrol in dit instrumentaaltje. Een eind verder vinden we ‘Bright
Eyes’ waar de drumwijze het originele element vormt. Deze klinkt
nogal tribal, samen met de akoestische gitaar en de fluit een
winning team.

Een hitgevoelig nummer mocht niet ontbreken dus
levert ‘La Caccia Morta’ een extra aanstekelijke melodie. Live zal
het vooral het refrein voor gesmeerde kelen zorgen. ‘The Glorious
Dawn’ sluit het plaatje af met een positieve boodschap. Dit nummer
is niet alleen anders door de lange duur, het is ook opvallend
rustiger. Halfweg komt een vrouwenstem zachtjes meezingen om vanaf
dat punt naar een climax toe te werken.

Forur Gallico heeft het trucje duidelijk begrepen.
Ze beschikken over typische kenmerken door de specifieke
instrumentatie en zangdynamiek. In elk nummer wordt van deze
ingrediënten gebruik gemaakt om de plaat in zijn geheel een
herkenbaar geluid te geven. En toch valt het achttal nooit in
herhaling. Er wordt gespeeld met het verleggen van de focus, het
integreren van andere muziekstijlen (van black tot heavy metal) en
verschillende emotionele stemmingen. Zo is hun debuut herkenbaar en
samenhangend en tegelijk divers. Kenmerken die de kans op een
doorbraak en een trouwe fanschare de hoogte injagen.

De grootste fout is dat de band net iets te veel
ideeën in elk nummer wou proppen. Akkoord, acht persoonlijkheden
samen laten componeren leidt meestal niet tot compacte songs. Dat
hoeft ook niet, maar af en toe mocht een ideetje zonder duidelijke
meerwaarde geschrapt worden. Regelmatig zorgt de continue stroom
van overgangen voor een verwarrende songstructuur.

Wat Engels met haar op, wat overtollige ballast
hier en daar,… Als we die twee punten even relativeren, heeft
deze band een bijzonder fijne prestatie geleverd. Het authentieke
folkgeluid is straffer dan bij veel gevestigde waarden en
het plaatje bevat ondanks enkele doelloze uitspatting ook een
serieuze hoop geslaagde experimenten. Het maakt dit een aanrader
voor de liefhebbers en uitkijken naar ‘de moeilijke tweede’ lijkt
nu al een must.

http://www.myspace.com/furorgallico

http://www.furorgallica.it

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

11 + vijftien =