Cedar Rapids







Als je Hollywood gelooft, zou je al snel kunnen
gaan denken dat de VS eigenlijk uitsluitend bestaat uit twee
kustlijnen – of nog specifieker, uit New York en Los Angeles. Daar
tussenin ligt dan een ietwat verwaarloosbaar stuk grond, dat alleen
in beeld wordt gebracht om a) al dan niet bovennatuurlijke
moordenaars los te laten op eindeloze snelwegen en de velden die er
naast liggen; of b) om eens goed te lachen met het klootjesvolk dat
er woont. Wanneer hebt u voor het laatst een film gezien die zich
afspeelde in Iowa? Wel dan.

Maar dat Amerikaanse heartland is wel waar
regisseur Miguel Arteta naartoe trekt voor zijn ‘Cedar Rapids’, een
tragikomedie die zich nog het best laat omschrijven als een minder
cynische versie van een Jan Eelen-programma. De regisseur werpt een
ironische, maar nooit neerbuigende blik op de wereld van
verzekeraars en conventiegangers; anonieme kantoorwerkers die
anonieme levens leiden. Waar Eelen in ‘Het Eiland’ corruptie en
kleingeestigheid aantrof, treft Arteta echter… nuja, ook
corruptie en kleingeestigheid, maar dat dan wel gemodereerd door
mensen met goede bedoelingen.

Ed Helms (u bekend van ‘The Hangover’ en het
onzalige vervolg daarop) speelt Tim Lippe, een verzekeringsagent
uit het rurale Brown Valley in Wisconsin, die erin geslaagd is om
34 te worden zonder ook maar de minste wereldwijsheid te vergaren.
Lippe wordt door zijn baas uitgekozen om zijn kantoor te
vertegenwoordigen op een conventie in Iowa, met de duidelijke
boodschap dat hij maar beter naar huis kan komen met de Double
Diamond Award die daar jaarlijks wordt uitgereikt. Voor het eerst
in zijn leven reist hij buiten zijn vertrouwde omgeving, om kennis
te maken met andere, aanzienlijk meer wereldse collega’s zoals de
vulgaire Dean Ziegler (John C. Reilly), de gezapige Ronald Wilkes
(Isiah Whitlock Jr) en de ongelukkig getrouwde Joan Ostrowski-Fox
(Anne Heche). Het spreekt voor zich dat het weekend een behoorlijke
wake up call zal worden.

In essentie is ‘Cedar Rapids’ het verhaal van een
man die bijna miraculeus naïef is gebleven en ontdekt dat het leven
complexer is dan zijn eenvoudige zwart-wit moraliteit. Wanneer hij
voor zijn hotel wordt aangesproken door een hoertje, heeft Lippe
niet door wie en wat ze is – hij biedt haar een caramelbonbon aan.
Met zijn vunzige grappen en stevige drankgewoontes, wordt Dean door
Lippe meteen afgeschreven als een immorele viespeuk. En het is
ondenkbaar voor hem dat iemand ooit seks zou hebben zonder de
intentie de rest van hun leven bij die andere persoon door te
brengen. Onder normale omstandigheden zou een dergelijk personage
in een Amerikaanse film schaamteloos geridiculiseerd worden, en
Lippe is inderdaad ook wel het slachtoffer van een groot deel van
de humor – maar Artete en scenarist Phil Johnston houden het daar
niet bij. Fundamenteel respecteren ze hun hoofdpersonage. Het
tragische deel van de tragikomedie is dan ook de pijnlijke manier
waarop zijn ogen geopend worden.

Het is in die mix van ironie en compassie, van een
beetje spot en een beetje medeleven, dat de invloed van producent
Alexander Payne zich laat voelen. Ook zijn films, van ‘Election’
over ‘About Schmidt’ tot ‘Sideways’, worden telkens bevolkt door
kleine, eminent feilbare mensen, met wie er wel degelijk gelachen
wordt – maar dat dan altijd wel binnen bepaalde grenzen. Grenzen
die worden opgelegd door het besef dat we eigenlijk allemaal even
klein en belachelijk zijn.

Maar goed, daarmee klinkt de film dan weer
serieuzer dan hij is. Voor het grootste deel van zijn (zuinige)
speelduur is ‘Cedar Rapids’ gewoon een
late-coming-of-age-komedie, die het moet hebben van
herkenbare jongens-onder-elkaar humor. Wie platte dijenkletsers
verwacht zoals in ‘The Hangover’ is eraan voor de moeite,
voornamelijk omdat de hele film zich veel meer op mensenmaat
afspeelt, maar de acteurs hebben een sympathieke
chemistry, en sommige momenten zijn écht hilarisch. Ed
Helms speelt een aardige schlemiel, maar het is John C. Reilly die
de show steelt als gladde zakenman, die zich blijft vasthouden aan
zijn joviaal imago, ook al ligt zijn privéleven grotendeels aan
diggelen. Voor hem geldt hetzelfde als voor zowat alle personages:
hij wordt uitgespeeld voor de humor – maar ergens schuilt er ook
een tristesse in hem, het idee dat hij méér had kunnen
zijn.

Dat klinkt allemaal bijzonder positief, maar toch
kan ‘Cedar Rapids’ zijn ambities niet helemaal waarmaken. Wanneer
de plot opeens een zijspoor begint te volgen rond het hoertje,
krijg je de indruk dat ze die tijd beter hadden besteed aan de
hoofdpersonages. Anderzijds wordt Sigourney Weaver weggepropt in
een onooglijk bijrolletje en krijgt ook het personage van Anne
Heche niet genoeg tijd om zich te ontwikkelen. Als brave moeder en
echtgenote die één keer per jaar helemaal loos gaat tussen de
andere verzekeraars, vertolkt ze perfect het gevoel dat alle
personages hebben: “Hier neem ik een vakantie van wie ik echt ben.”
In principe is dat een enorm interessant idee, en Heche speelt de
rol ook op een genuanceerde manier, maar de prent wil te snel
vooruit gaan om daar echt op in te gaan. ‘Cedar Rapids’ is sowieso
een film met een beperkte scope – dan had Artete die lijn
ook gerust consequent door mogen trekken om zich 90 minuten lang
exclusief te concentreren op de vier hoofdfiguren, zonder zich te
laten afleiden door andere dingen, die uiteindelijk maar weinig
toevoegen.

Nee, ‘Cedar Rapids’ is niet de grote, messcherpe
analyse van de Amerikaanse middenklasse en al wat daar mis mee is.
Dat wil hij ook helemaal niet zijn. Het is wel een slimme
tragikomedie met een goed oog voor menselijk gedrag. En dat is al
zeldzaam genoeg.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

12 − drie =