Waarom u het Peter Brötzmann Chicago Tentet niet mag missen

Op donderdag 28 april landt Brötzmanns tot de verbeelding sprekende grote ensemble nog eens op Belgische bodem. Voor een handvol liefhebbers van avant-jazz en vrije improvisatie staat deze datum al langer aangevinkt met een rood kruisje, maar waarom zou u het ook eens niet proberen?

Sinds 1997 staat dit oorspronkelijk achtkoppige ensemble garant voor topimprovisatie die heen en weer zwabbert tussen mooi verweven ensemblespel en furieuze collectieve uitbarstingen. Als deze muzikanten samen beslissen om op het pedaal te gaan staan, dan leidt het tot het meest opwindende kabaal vindbaar: een kolkende lavastroom van geluid die vanuit schijnbare willekeur resoluut gaat voor maximum impact. Het is zeker niet bestemd voor volk dat jazz beschouwt als een stijlvol accessoire (tot op Gent Jazz, vrienden!), maar er is ook veel meer aan de hand dan bruut geweld, want met deze elf (dat van dat Tentet is al een hele tijd een leugen) virtuozen kom je vaak ogen en oren te kort. En hoewel slechts één muzikant jonger dan veertig is, blijft deze band elke keer even fris en radicaal klinken.

Sta ons toe om u vijftien redenen te bezorgen waarom u dit niet mag missen:

1. Het Monster, Peter Brötzmann. Zeventig is hij intussen en toch blijft het iedere keer een belevenis om dit ‘Monster van Wuppertal’ aan het werk te zien. Het ultieme voorbeeld van het buikgevoel en het geweld binnen de jazz. Zijn eenheid is die van de ademstoot, de vermorzelende power, de rooddoorlopen ogen.

2. De Troonopvolger, Mats Gustafsson. De Brötzmann van Scandinavië. Komt vanuit de punk en dat valt eraan te horen. Weinigen spelen zo sterk op instinct als deze kloeke Zweed. Weinigen leggen zo’n bereidheid aan te dag om grenzen te blijven verleggen.

3. De Analist, Ken Vandermark. De pot op met Wynton Marsalis. Vandermark is een van de meest complete artiesten van zijn generatie: een sterke componist/muzikant en rusteloze experimentalist die constant op zoek gaat naar nieuwe uitdagingen en speelpartners.

4. De Sfinx, Joe McPhee. Ouderdomsdeken en een icoon van de improvisatie. Zowel op de saxen als op de trompet een meteen herkenbare stijl. Een zeventiger die zelfs de jonkies nog van het podium speelt. Vervult bij het Tentet een eerder subtiele rol.

5. De Clown, Johannes Bauer. Duitse trombonist die steevast voor een koldermoment zorgt met z’n theatrale uitbarstingen, sputterende experimenten en goofy humor. Zorgt tijdens elk concert voor minstens één schuddebuikmoment.

6. De Swinger, Jeb Bishop. Mooie tegenhanger voor Bauer. Oudgediende van The Vandermark 5 en een trombonist die ongemeen hard kan swingen en een attack heeft die zelfs menig saxofonist schrik aanjaagt.

7. De Onbekende, Per-Ake Holmlander. Valt als tubaspeler vaak buiten het plaatje, maar weet met z’n verrassende flexibiliteit toch steeds een boeiende draai aan de muziek te geven.

8. De Pedaalman, Fred Lonberg-Holm. Virtuoze cellist die het niet moet hebben van vingerbrekende hoogstandjes, maar heil zoekt bij het rotzooien met textuur. Zorgt vaak voor het rock/noise-element door de gierende effecten die hij creëert met z’n effectpedalen.

9. Het Anker, Kent Kessler. Al twee decennia een vaste waarde binnen de Chicago-scène en sinds 1997 al de woelige ruggengraat van het orkest. Stugge no nonsense-bassist.

10. De Colorist, Michael Zerang. Een eclectisch drummer met een indrukwekkend oog voor nuance en inzicht in de klankmogelijkheden van zijn instrument.

11. De Geweldenaar, Paal Nilssen-Love. Een regelrechte natuurkracht. Hardklopper bij talloze projecten en misschien wel de motor bij uitstek binnen dit ensemble. National Geographic zou eens een docu moeten wijden aan dit fenomeen.

(Vlnr: Joe McPhee, Michael Zerang, Jeb Bishop, Fred Lonberg-Holm, Kent Kessler, Peter Brötzmann, Johannes Bauer, Per-Ake Holmlander, Ken Vandermark, Paal Nilssen-Love. Niet afgebeeld: Mats Gustafsson.)

12. Het Tentet. Net als andere goede orkesten stelt het geheel zoveel meer voor dan de som van de afzonderlijke delen. Het kan dan ook niet genoeg benadrukt worden dat deze Gouden Elf garant staan voor concerten die méér zijn dan oorverdovend kabaal, méér dan aanstellerige notenneukerij, méér dan chaos en anarchie. Wufte melodieën en vingerknip zal je niet krijgen, maar voor wie oplet, vallen machtige overkoepelende verhalen én kleine, in zichzelf gesloten meditaties te ontwaren. Het kan gaan om een cerebrale wisselwerking, een spel van texturen en een sparring tussen deelfracties van dat geheel. Ten tijde van de eerste release, de klassieke 3CD box The Chicago Octet/Tentet (1997), werd er nog gewerkt met composities (die weliswaar steeds ontspoorden), maar op de recenter verschenen 5CD kolos 3 Nights In Oslo (2010) krijgen de onvoorbereide improvisaties gewoon nummers. Dat elke avond opnieuw vertrokken wordt vanuit een tabula rasa maakt het dubbel zo interessant.

“Naar het Tentet luisteren is een opgave én een overgave, een weerloze onderwerping aan de regels van het ongeregelde, het buikgevoel van de blues en de verschrikkelijke schoonheid van lawaai, van het besef dat de vrijheid zo goed als onbeperkt is, ook al wordt elke noot gespeeld alsof het de allerlaatste keer is dat ze gespeeld wordt.” Zo verwoordden we het in een recensie van die laatste box en het is vermoedelijk (hopelijk) ook waar de Vooruit zich aan verwachten kan. Recent werd er ook vaak gewerkt met een programma dat naast een collectieve performance ook duo’s, trio’s en kwartetten omhelsde, maar het is nog maar de vraag of daar tijd voor zal zijn in Gent. Het zou alleszins een nog completer beeld geven van tot wat deze heren (een vrouw komt er vooralsnog niet aan te pas) in staat zijn.

13. Omdat het kàn. U dacht dat ons cultuurbeleid reden is tot pessimisme? Trek eens naar het buitenland. Of beter nog: steek de Atlantische Oceaan eens over en leg uw oor te luister bij de Amerikaanse liefhebbers. Zij krijgen dit ensemble, dat elke paar jaar wel eens onze contreien bezoekt, immers zelden of nooit te zien. Het is een logistieke en financiële hel om een band van dit kaliber op de baan te krijgen en nu er wereldwijd geknipt wordt in subsidies is een Amerikaanse tournee voor dit orkest op papier zo goed als onmogelijk, tenzij alle betrokkenen zich diep in de schulden willen werken.

14. Omdat het (vermoedelijk) de laatste keer is. Brötzmann zou het Tentet ontbinden na deze tournee, die er ook een beetje komt n.a.v. zijn zeventigste verjaardag. Op de eerste 3CD-release na zijn alle andere releases (9 albums op OkkaDisk en de box set van Smalltown Superjazzz) nog steeds beschikbaar, maar elke liefhebber zal het ermee eens zijn: dit moet je live meemaken en kunnen ondergaan. Enkel dan heb je een idee van de diepgang van de interactie en de reikwijdte van deze band. Gent is de voorlaatste halte, de finish ligt in Hongarije. Ga ervan uit dat het uw laatste kans is. En kom achteraf niet zeggen dat we u niet ingelicht hebben.

15. 10 euro. Dat is de prijs van een ticket in VVK. Moet er nog een tekeningetje bij?

goddeau trekt later deze week (21-23 april) naar Wuppertal, thuisstad van Brötzmann, om een driedaagse rond het Tentet bij te wonen. Dit konden we niet missen, u leest het verslag achteraf. Het concert in Gent (donderdag 28/4) vindt plaats in het kader van de tweedaagse Jazz & Beyond Deluxe. Meer informatie over het programma op de website van de Vooruit.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

10 − negen =