Kyuss Lives! :: 27 maart 2011, AB

Sinds in 1995 het doek viel over Kyuss, wordt – net als bij The Smiths en de Pixies – de roep om een reünie er met de jaren niet minder op. De halsstarrige “neen” van The Smiths, bleek uiteindelijk niet door heel Kyuss vol te houden. Met een driekwart-hereniging als resultaat.

“Zonder Josh Homme geen Kyuss”, liet John Garcia zich onlangs ontvallen naar aanleiding van de tournee van zijn nieuwste band, Kyuss Lives! Daar heeft de man volkomen een punt, zij het dat voor de fans die de band sinds de split in 1995 bijgewonnen heeft het laatste woord van de groepsnaam er vermoedelijk niet echt toe doet. Toen Garcia vorig jaar de baan op trok met Garcia Plays Kyuss wist hij daarmee een enorme publieksbelangstelling op te wekken. De vraag kan gesteld worden of dat terecht was: de prestatie van de band op Pukkelpop was ronduit ondermaats en wierp een smet op de erfenis van Kyuss.

Zonder Homme geen Kyuss, maar met oer-leden Nick Oliveri en Brant Bjork aan boord, dient zich alvast een meer relevant gezelschap aan dan afgelopen zomer. Toch blijft bij het betreden van de AB de twijfel knagen: is het geen heel slecht idee hier aanwezig te zijn? Tot de van Arsenal buitgemaakte gitarist Bruno Fevery de rif van “Gardenia” inzet en van het ene op het andere moment iets verandert. Door daar “Hurricana” en vervolgens “Thumb” tegenaan te gooien, lijkt het alsof een leger een stad platwalst. Waar ging die twijfel ook alweer over? Dat is de enige vraag die op dat ogenblik nog speelt.

Dit concert laat iets zien dat talloze passages van Queens Of The Stone Age, Mondo Generator en al die andere woestijnbandjes die na de split van Kyuss opgestaan zijn nooit vertoond hebben: dat Nick Oliveri een steengoede bassist is, die kan grooven als geen ander. En dat Brant Bjork er niet alleen uitziet alsof hij net een revolutie in Zuid-Amerika tot een goed einde heeft gebracht, maar evengoed op het podium voor vuurwerk weet te zorgen. Hoe heftig Queens Of The Stone Age live doorgaans ook uit de hoek weten te komen, het valt te betwijfelen of de nostalgietrip die Homme plant door met zijn huidige band QOTSA live te spelen het zal kunnen afleggen tegen wat Kyuss Lives! vanavond gedaan heeft.

“One Inch Man” bijvoorbeeld, klonk zelden zo dansbaar als in de AB. Zelfs wanneer de band tijdens “Asteroid” aan het jammen slaat, blijft een en ander zeer funky en aanstekelijk klinken. Dat daarop een compromisloos “Supa Scoopa And The Mighty Scoop” volgt, maakt de pret er niet minder om.

Zelfs al ziet Garcia er tegenwoordig, zoals het cliché het verlangt van reünieconcerten, uit als een opgeblazen papzak en richt Nick Oliveri zowaar de woorden “please don’t fight” tot een groepje heethoofden in het publiek, toch is dit een versie van Kyuss die er staat. Het is zowaar bijna ontroerend om te zien hoe Garcia en Oliveri broederlijk naast elkaar gaan staan om de zang van een zinderend “El Rodeo” tot een goed einde te brengen. Dat Oliveri daarbij zijn oerschreeuw voor eenmaal gebruikt om emotioneel geladen backings te zingen, draagt geen klein beetje bij tot de magie. De tevreden grijns, die na afloop op het gezicht van de man staat, is dan ook veelzeggend en vat een gevoel samen dat vermoedelijk door een hele zaal ervaren wordt: Kyuss leeft, om een wel heel voor de hand liggende conclusie boven te halen.

Er kan over getreurd worden dat dit slechts Kyuss Lives! is en dat de koppigheid van Josh Homme een echte passage van Kyuss in de weg staat, maar na vanavond lijkt dat niet meer dan een detail. Het enige dat deze band fout kan doen, is zich kapot touren en een parodie van zichzelf worden. Want Kyuss Lives! haalde, althans deze keer, de mythe van Kyuss niet onderuit. En dat is véél meer dan we hadden durven hopen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

16 − 8 =