Triggerfinger :: All This Dancin’ Around

Excelsior, 2010.
V2

Ter ere van het derde album laat dit drietal straks drie avonden
op rij de AB vollopen. De Brusselse muziektempel staat gegarandeerd
drie hete avonden te wachten, en daar vertrouwden we ook wel op
zonder het nieuwe album beluisterd te hebben. Ruben, Paul en Mario
kunnen zich immers een ‘niet goed, geld terug’-garantie
permitteren. Met cd’s is dat altijd wat gevaarlijker, zeker als de
verwachtingen hoog gespannen staan.

What Grabs
Ya?
‘ was misschien niet voor iedereen even overtuigend, maar
bij ondergetekende is die song echter nooit ver weggezakt in de
playlist. Triggerfinger is dus
in de eerste plaats zijn eigen concurrent. Een logisch gevolg van
de status als go to hardrockers van de lage landen én de
hoorbare muzikale kwaliteit om dat de onderbouwen.

Het titelnummer opent de plaat, en bewijst dadelijk dat ze daar
in die Amerikaanse opnamestudio hun kunstje om geile oorwurmen te
kweken niet verleerd zijn. Ondersteund door een uiterst dansbare
groove eisen Ruben Blocks zanglijnen zonder pardon je aandacht op.
Meezingen en zwaaien met de heupen, dat zal je doen, tot de keel
schor is en uw bouwvakkersdecolleté meer inkijk geeft dan
gewenst.

Spijtig voor Léonard en alle anderen met last van een opstoot
van kuisheid: Triggerfinger is hier om de goede zeden belachelijk
te maken. ‘Let It Ride’ gaat door op het elan met een bezwerende
riff en een bluesy ondertoon. In ‘Love Lost In Love’ horen we iets
terug uit de rockabillydagen van Ruben Block, vooral dan in het
gitaargeluid en de roffelende drums. De etherische vocalen steken
daar behoorlijk fel tegen af maar blijven niettemin sterk.

Het repetitieve van dat nummer kan slaapverwekkend zijn, maar
gelukkig start ‘I’m Coming For You’ met een vuige bluesriff. Ook in
dit nummer speelt Ruben Block het volledige bereik van zijn
stembanden uit, van hitsig hijgen tot temende kopstemzang.
Ondertussen blijft die basgedreven bluesmotor gewoon doorronken.
Het gevolg is een doorgedreven staat van stierigheid die
zelfs mijn voormalige lerares Frans niet zou ontzien.

Na een kwartetje stomende seks volgt er een wazig afkoelmoment
met ‘All Night Long’ en een rustige start voor ‘Feed Me’, dat
opbouwt naar een vlammende climax. ‘Cherry’ levert de puurste
hardrock van het album; een straf smakend sappig kriekje is het
zeker.

‘My Baby’s Got a Gun’ is een monoliet van een nummer, dat in
zijn acht minuten geen seconde verveelt. Koortsige psychedelica
alterneert met zompige moerasblues, en de mokerslagen van die
wisselwerking komen tot op het einde toe steeds harder aan.
Misschien daardoor dat opvolgers ‘Without a Sound’ en ‘Tuxedo’
nauwelijks blijven hangen?

Met ‘It hasn’t gone away’ sluit Triggerfinger het album af op de
meest rokerige bluestonen die ze in huis hebben, en laat Screamin’
Ray Grijzenbaard veel plaats voor de basgitaar van Monsieur Paul.
Een aangenaam nummer, maar het helpt me niet van de indruk te
ontdoen dat het album wat wegdeemstert na ‘My baby…’.

Met ‘All This Dancin’ Around’ zet Triggerfinger de directe
concurrentie op respectabele afstand. Hun status als nummer één
hard/blues/pop/stadion-rockers van de lage landen wordt wat mij
betreft geconsolideerd. En ook al ga ik hier waarschijnlijk even
vaak naar terugkeren als naar het vorige album, een echte
klassieker durf ik het niet te noemen. De band kiest er duidelijk
voor om zachtere nummers als volwaardig aspect van de band te
presenteren, drie stuks is wat veel om als intermezzo te aanzien.
Maar anderzijds: waarom ook niet, Ruben heeft immers een prachtige
stem en het zijn veelzijdige muzikanten.

Gelukkig voor iedereen serveren deze riffkoks hier bovenal een
intens en rijk smakenpalet. Slechte timing voor de kerstperiode,
maar deze schijf zou het kindeke Jezus toch maar rode
oortjes en Moeder Maria blozende kaakjes bezorgen, haal hem dus nu
in huis!

www.triggerfinger.net

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × 4 =