Musth :: Padjelanta

Musth: a periodic condition in bull elephants,
characterized by highly aggressive behavior, accompanied by a large
rise in reproductive hormones (Wikipedia).

Jaja, het zijn blijkbaar niet alleen wij mannen die regelmatig
met een broek vol goesting rondlopen. Ook olifanten blijken er al
eens last van te hebben. Na in 2007 een mini-cd gereleast te
hebben, vond Musth de tijd rijp om ons met een full length
te verblijden. Eigenlijk had ‘Padjelanta’, want zo heet de plaat,
er al sneller moeten zijn. Het album was namelijk al helemaal klaar
toen Simon, de toenmalige zanger van Musth, besliste er de brui aan
te geven. Zijn plaats werd echter al vrij snel ingenomen door Tim
De Meyer (ex-Sludge Phenomenon, Black Harvest), waarop de band
besliste om Padjelanta helemaal opnieuw op te nemen.

Zoals wel vaker binnen het postcore/sludge-genre, komt ook
‘Padjelanta’ rustig op gang: ‘Gurdjieff’s March’ begint als een
repetitief riedeltje, maar mondt al snel uit in het stevigere werk.
‘Thunder’ is namelijk een monster van een song die – eenmaal je aan
het headbangen raakt – geen spaander van je nekwervels
heel laat. Het slepende, loodzware ritme, de laaggestemde gitaren
en de indrukwekkende stem van Tim kan je nog het best vergelijken
met een kudde – al dan niet bronstige – olifanten die je
vertrappelt.

Laat je trouwens niet misleiden door de handclaps van
‘Gospel In D’: ook die song is niet voor gevoelige oortjes bestemd.
Het tempo ligt net iets hoger dan op ‘Thunder’, het blijft
niettemin een log beest dat maar moeilijk valt in te tomen.
Hetzelfde geldt voor titeltrack ‘Padjelanta’ en ‘The Young Man And
The Sea’: mooi opgebouwde songs die – bij liefhebbers van het genre
– lekker weghappen.

Opvallend voor een debuut trouwens is hoe de muzikanten op
elkaar zijn ingespeeld: de ritmesectie (met een dame op bas –
hulde) houdt het sober en strak en wordt in het merendeel van de
songs door één extra gitaar ondersteund. Door meer afwisseling in
zijn spel te verweven, voegt de tweede snarenplukker een extra laag
toe aan de sound van Musth.

Nummer zes en zeven alleen al nemen quasi de helft van de totale
speelduur van ‘Padjelanta’ in beslag: op ‘Sex On Drugs’ is er een
glansrol weggelegd voor Johan Quinten (PN, Homer), die ons op de
eerste en meteen ook laatste cleane vocals van het album
trakteert. Pas wanneer Tim zijn scheur openzet en de gitaren
opnieuw mogen loeien, is alle hens weer aan dek. ‘The Crazy Kids Of
War’ is een knap opgebouwde instrumentale brok muziek in de
traditie van Pelican en Red Sparowes. Pas
wanneer de laatste tonen van ‘Bliss’ zijn weggeëbd, kan de rust
wederkeren.

Krijgen wij bij het beluisteren van ‘Padjelanta’ een
paal in de broek? Reken maar van yes. Toegegeven,
origineel is het allemaal niet meer, maar als de songs met zoveel
vakkennis geschreven en liefde gebracht worden, kan je dat
bezwaarlijk een minpunt noemen. ‘Padjelanta’ van Musth is een goeie
plaat geworden. Wat zeg ik: ‘Padjelanta’ van Musth is de beste
schijf van het najaar. Kopen, die handel!!!

www.myspace.com/musthcore

www.purevolume.com/musth

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 − 1 =