Shahada




We hadden nog maar net het geheel op eigen bodem gekweekte
‘Turquaze’ verwerkt, over de moeilijkheden die gepaard gaan met
multiculturalisme, of vanuit Duitsland bereikt ons al ‘Shahada’,
een meer duistere, zwaarmoedige benadering van hetzelfde probleem:
hoe kunnen islamieten functioneren in een westerse cultuur? Niet
dat de twee films veel met elkaar gemeen hebben buiten dat thema –
‘Shahada’ is immers een loodzwaar drama, dat een mozaïekstructuur
gebruikt om de verhalen van drie verschillende personages te
vertellen. Geen zalvende liefdesverhaaltjes of relativerende humor
ditmaal, maar wel enorm veel Sturm und Drang.

We volgen Ismail, een politieagent van Turkse afkomst, wiens job
het is om illegale immigranten op te sporen. Een tijdje geleden
heeft hij per ongeluk iemand neergeschoten, en het schuldgevoel
weegt nog steeds zwaar door. Maryam (Maryam Zaree) is de dochter
van een imam, en is ongewenst zwanger geraakt. Via een kennis raakt
ze aan een abortuspil, maar achteraf zit ook zij met een emotioneel
trauma dat haar in de richting van het religieus fundamentalisme
drijft – en dat terwijl haar vader net steeds praat over een
vergevingsgezinde God van liefde. En dan is er nog Sammi, die onder
de knoet van zijn diepgelovige moeder leeft, maar worstelt met zijn
homoseksualiteit.

Regisseur Burhan Qurbani gaat dus duidelijk op zoek naar de
meest dramatische conflicten die er maar kunnen ontstaan tussen de
traditionele geloofsovertuigingen van moslims en de westerse
wereld. En daar heeft hij op zich geen ongelijk in: de tragiek van
de islam in de 21ste eeuw, is dat die religie door
sommigen nog steeds op identiek dezelfde manier geïnterpreteerd en
beleefd wordt als in de middeleeuwen, terwijl we ondertussen wel
allemaal vrolijk in een postmoderne maatschappij terecht zijn
gekomen. Probeer die twee maar eens met elkaar te verzoenen.
(Hetzelfde geldt trouwens voor alle fundamentalistische
interpretaties van religies – of wilt u soms beweren dat die
born again Christians uit het zuiden van de VS of de
chassidische joden géén levende anachronismen zijn?)
Homoseksualiteit, ongewenste zwangerschappen… Dat zijn morele
vraagstukken die eigen zijn aan het leven in West-Europa anno 2010,
maar die nog steeds taboe zijn als je de islam op de letter volgt.
En daar ontstaan dus de problemen van de hoofdpersonages, die in sé
dus niet zo ver gezocht zijn. Qurbani structureert zijn film als
een soort analyse van de “shahada”, de islamitische
geloofsbelijdenis: “Er is geen God buiten Allah, en Mohammed is
zijn boodschapper”. Dat is de tekst, maar hoe interpreteer je die?
Hoe verzoen je die met het dagelijkse leven in een westers land als
Duitsland?

Dat is een boeiend thema en Qurbani gaat ook intelligent te werk
om zijn verhaal te vertellen. Tijdens het eerste half uur is het
soms zoeken waar hij precies naartoe wil, maar daarna vallen alle
puzzelstukjes netjes in elkaar. Dit soort film durft al wel eens
wat al te introspectief of (dare I say it?) zelfs
vervelend navelstaarderig te worden, maar de regisseur houdt het
tempo er goed in. ‘Shahada’ is verrassend toegankelijk,
voornamelijk omdat de nadruk altijd op het menselijk drama wordt
gelegd, en niet op de theologie die achter alles sluimert.

Onderhoudend en degelijk in elkaar gestoken is het dus zeker,
maar dat neemt niet weg dat sommige personages wat al te
schetsmatig blijven. Van Ismail duurt het net iets te lang voordat
we doorhebben wat zijn groot trauma precies is. Had Qurbani die
informatie een beetje naar voren getrokken, dan zou het makkelijker
zijn geweest om met hem mee te leven. Zoals het is, blijft hij te
lang een te vage figuur om helemaal te werken zoals de regisseur
het klaarblijkelijk bedoeld had. Ook de moeder van Sammi is
problematisch: voor het grootste deel van de film lijkt ze een
minzame vrouw, tot ze te weten komt dat haar zoon voor de venten is
en ze plotseling verandert in de moeder van Carrie: “Let us
pray!”
Ja, ik weet het wel, die plotse ommekeer is juist een
belangrijk punt van de film, dat bijdraagt aan de thema’s, maar op
dramatisch vlak is ze gewoon niet geloofwaardig. Als de thematiek
van je film je vertelt dat je één ding moet doen, maar de
narratieve en emotionele logica van je prent zegt iets anders, dan
ben je altijd het beste af als je de logica volgt.

Het verhaal van Maryam is zonder meer het beste uitgewerkt, en
geeft ons een angstaanjagend overtuigend beeld van hoe
fundamentalisme het toevluchtsoord kan worden voor mensen die met
zichzelf overhoop liggen. De denkwijze is feilloos in z’n logica:
Maryam veroordeelt zichzelf voor wat ze heeft gedaan, bijgevolg
gaat ze er van uit dat ook God haar veroordeelt (want wat voor een
God is hij anders?), en bijgevolg denkt ze dat ze zichzelf alleen
nog kan redden door de letter van de islam op te volgen. Maryams
relatie met haar goedbedoelende vader wordt erg menselijk en
medelevend in beeld gebracht – die vader is verreweg het meest
sympathieke personage uit de film.

Hij is ook één van de weinige personages die niet duidelijk een
schematische rol te spelen heeft in het scenario. Want dat is een
grote tekortkoming van de film: de figuren en gebeurtenissen zijn
duidelijk samengesteld om te passen in het lappendeken aan thema’s
dat Qurbani voor ogen had. In een goed verhaal lijkt het alsof de
daden van de personages onvermijdelijk zijn – alsof ze niets anders
hadden kùnnen doen, gewoon omdat ze zijn wie ze zijn. Hier doen de
personages wat ze doen omdat de betekenislagen van de film anders
niet meer zouden kloppen.

‘Shahada’ is uiteindelijk iets te geforceerd om te blijven
plakken. Sommige verhaallijnen werken zeer goed, de
acteerprestaties zijn prima en de thematiek wordt met veel goede
smaak en intellect behandeld. Maar het blijft te veel een
verhandelingfilm, waarin de personages pionnen zijn die uitsluitend
een bepaald doel dienen. Iets meer spontaniteit zou Qurbani geen
kwaad doen, maar hij toont hier wel een talent dat nog heel wat
belooft voor de toekomst.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × twee =