The General




Hij zal wellicht voor altijd gedoemd zijn om in de schaduw van
tijd- en genregenoot Charles Chaplin te vertoeven, maar dat neemt
niet weg dat Buster Keaton één van de belangrijkste en
invloedrijkste clowns uit het stille-filmtijdperk is. Gekenmerkt
door een geniale combo van fysieke humor en een stoïcijns koel
smoelwerk bood The Great Stone Face een welkom alternatief voor de
lach, traan en violen van Chaplin. Ironisch genoeg bereikte Keaton
zijn artistieke hoogtepunt aan de vooravond van de doorbraak van de
gesproken film met ‘The General’, een virtuoos geregisseerde
actiekomedie over een treinkaping tijdens de Amerikaanse
Burgeroorlog. De film – die flink wat geld had gekost – flopte en
ook de critici haalden aanvankelijk collectief de schouders op. Pas
na een paar decennia rijpen kreeg ‘The General’ een herwaardering
en ondertussen wordt Keatons magnum-opus gezien als één van de
beste films aller tijden. En terecht.

Keaton liet zich voor zijn labour of love inspireren
door een waar gebeurd ‘Civil War’-incident waarbij spionnen van de
noordelijke staten aan de haal gingen met een locomotief van het
zuiden. Hij speelt Johnny Grey, een southern machinist met
twee liefdes in zijn leven: zijn verloofde Annabelle (Marion Mack)
en zijn locomotief, The General. Wanneer in 1861 de Amerikaanse
Burgeroorlog uitbreekt wordt Johnny door de geconfedereerden (die
van beneden) geweigerd als soldaat. Misverstand alom, want zijn
lief denkt dat hij een lafaard is die zijn plicht ontloopt en laat
hem zitten. Een jaar later wordt zijn locomotief door de Unionisten
(die van boven) gekaapt, mét Annabelle aan boord van de trein.
Toevallig! Wat volgt is een dolle treinachtervolging
waarbij Johnny tot het uiterste gaat om zijn locomotiefje en
ex-lief terug te winnen.

Met het risico om in de gevarenzone van de discussie ‘was Keaton
beter dan Chaplin?’ terecht te komen, is het echter onmogelijk om
de peetvader van de deadpan-humor naar waarde te schatten zonder
rekening te houden met zijn meest gewaardeerde concurrent uit de
jaren twintig (sorry Harold Lloyd-fans!). Voor ‘The General’ was
het al lang duidelijk dat Keaton veel minder uit het sentimentele
vaatje dan Chaplin tapte en eerder koos voor een drogere, meer
ironische vorm en toepassing van slapstick en humor. Maar wat bij
‘The General’ pas echt opviel is het regietalent van Keaton,
waarmee hij Chaplin ver achter zich liet. Vanuit technisch en
logistiek standpunt is ‘The General’ een imponerende onderneming en
ook Keatons mise-en-scène laat zien dat hij goed heeft opgelet
tijdens zijn jonge vaudeville-jaren. Maar de belangrijkste troef
van ‘The General’ is de manier waarop Keaton de humor op een
natuurlijke manier laat voortvloeien uit een strak geconstrueerde
plot, waardoor de fratsen minder geforceerd en sketchmatig
overkomen dan bij de meeste stomme filmkomedies. Keaton wou niet
uitsluitend scoren met de ene halsbrekende stunt na de andere, hij
wou ook een verhaal vertellen en de slapstick moest dat verhaal
dienen, niet vertragen of onderuit halen. Het maakt van ‘The
General’ zoveel meer dan een goeie komedie, het is grootse cinema
die verschillende genres zoals actie, avontuur, romantiek en
historisch epos op een unieke wijze met elkaar verbindt. Een jaar
na ‘The General’ maakte Keaton trouwens zijn laatste onafhankelijke
film, het eveneens geniale ‘Steamboat Bill Jr.’, vooraleer
major MGM zijn talent weggooide. Een carrière in het slop
en een alcoholverslaving waren zijn bittere beloning. Triest.

Opgehangen aan de meest symmetrische structuur uit de
geschiedenis van de film (een achtervolging heen en terug,
that’s it) is ‘The General’ niet alleen een perfect
opgebouwde en getimede komedie, het is ook een overtuigende
evocatie van de Amerikaanse Burgeroorlog. Meer nog, volgens
historici is Keatons visie (hij liet zich inspireren door de
oorlogsfotografie van Mathew Brady) stukken authentieker dan die
van Griffiths propagandastuk ‘Birth of a Nation’ en Flemings
postkaartencinema ‘Gone with the Wind’. Dat Keaton van zijn
antiheld een southern machinist maakte was trouwens geen
politiek statement, maar eerder een keuze om de rol van de
underdog nog groter te maken. Misschien was dat wel de
grootste afknapper voor het publiek in ’26, ‘The General’ was meer
dan louter een aaneenschakeling van slapstick, het was een subtiele
farce die vermomd als historisch oorlogsepos evenveel belang
hechtte aan het dramatische aspect als aan het humoristische.

Dat alles uit zich in een geweldig dynamische prent die
letterlijk aan het tempo van een op hol geslagen locomotief voorbij
raast. Keaton gebruikt epische tableaus (hij filmde zo goed als
alles outdoor en op locatie, geen evidentie in die tijd),
vult ze met heerlijke sight gags en leidt alles zelf met
zijn understated deadpangezicht. De paradox van de ijzig
kalme Great Stone Face kwam zelden beter tot zijn recht in het
nooit stilstaande ‘The General’, waar de antiheld zich door de
techniek en zijn omgeving in het avontuur laat storten. Iets wat
prachtig wordt samengevat aan het begin van de film, wanneer Keaton
zich laat wegrijden op de wielas van de locomotief.

Maar valt er eigenlijk nog wel te lachen met dit ambitieuze
komische epos? Absoluut. Hij mag dan wel de anti-smoelentrekker
geweest, Keatons mimiek (zie die priemende ogen knetteren!) en
lichaamstaal is briljant in zijn eenvoud. Zowel tijdens de grootse
acrobatische set-pieces (zie hem over en weer springen op die
locomotief), als tijdens de meer subtiele scènes, toont Keaton zich
een meester van de fysieke humor die constant een brede glimlach en
verwondering oproepen. Let maar eens op het moment waar Keaton zijn
ditzy deerne eerst wurgt en vervolgens hartstochtelijk
kust nadat ze belachelijk kleine stukjes hout in de vuurkist van de
locomotief gooit. Subtiel, stout en schattig tegelijk en met een
dodelijk precieze komische timing afgeleverd.

En alsof dat nog niet genoeg was, gooit Keaton er in het
slotkwartier ook nog eens een episch grappige battle
tussen het noorden en het zuiden aan toe, waar er kan gelachen
worden met soldaten die doodvallen, militaire strategieën en andere
heldhaftige kigheden. Het hoogtepunt en één van de meest
spectaculaire scènes uit Keatons carrière is de locomotief die in
de ravijn stort. Geen maquettes, geen papier-maché treintjes, geen
gefoefel met draadjes, maar gewoon een authentieke stoomlocomotief
die door een echte, brandende brug stort. Epischer wordt het niet.
Leuk weetje: het was onmogelijk om de vernielde trein uit de ravijn
te krijgen en er werd dan maar beslist om het boeltje gewoon te
laten liggen. Het werd een toeristische attractie totdat de Tweede
Wereldoorlog begon en het wrak voor schrootmetaal werd
ontmanteld.

‘The General’ is een klassiek voorbeeld van een meesterwerk dat
zijn tijd zo ver vooruit was dat ze aanvankelijk totaal niet wisten
wat ze ermee moesten doen. Keaton hield zich opvallend in wat
betreft de slapstick, het romantische verhaaltje werd zo goed als
volledig ontdaan van sentiment en de subtiele spotpijlen richting
patriottisme, oorlog en heldenmoed misten hun doel niet. Een
verplichte ontdekking voor iedereen die denkt dat silent
comedy
begint en eindigt bij Chaplin en zijn bolhoed.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

14 + 9 =