Massive Attack :: Heligoland

Noem ons hardvochtige smeerlappen, maar wie ons ooit verraste met meesterwerken als Mezzanine of Blue Lines moet niet denken weg te komen met middelmatigheid. Toch is dat wat Massive Attack probeert met Heligoland.

Bijna was het gedaan met Massive Attack. Na het desastreuze 100th Window uit 2003 was het losvaste collectief herleid tot het soloproject van 3D, en die was eigenlijk van plan om de lier dan maar aan de wilgen te hangen. De tour die op de release volgde trok echter veel recht: Daddy G kwam terug uit ouderschapsverlof, Werchter en Pukkelpop zagen in diezelfde zomer van 2004 werkelijk uitmuntende concerten, en Massive Attack kwam opnieuw in bedrijf.

Een soundtrackplaat (Danny The Dog uit 2004) zorgde voor een tussendoortje, maar sindsdien was het ingespannen wachten op een nieuwe plaat. Releasedata kwamen en gingen (“Je wordt nogal rap afgeleid in Bristol”, is het excuus), terwijl nieuwe nummers in liveversies een onlineleven ontwikkelden. De Splitting The Atom-EP brak de ban vorig jaar, een half jaar later is die vijfde plaat er eindelijk.

Om maar meteen het goeie nieuws te geven: een drama van 100th Window-schaal werd het deze keer niet. Op Heligoland bewijst de groep nog steeds erg geïnspireerde momenten te kunnen hebben; het soort dat live niet misstaat tussen monumenten als “Mezzanine”, “Angel” of “Inertia Creeps”. Neem nu “Girl I Love You”: broeierige rollende baslijn, omineus percussiewerk, en de ijle stem van Horace Andy die het geheel iets griezeligs geeft. Dit is één van de zeldzame keren dat Heligoland ergens naar toe gaat, opbouwt naar een climax die werkt. Elders wordt er immers net wat te kaal geslaapwandeld, vergeet de groep in haar slome ritmes iets van de spanning van vroeger te leggen.

Dan krijg je iets als “Flat Of The Blade” (met Guy Garvey op weinig overtuigende zang). En het helpt ook niet dat dit nummer met “Rush Minute” en “Saturday Minutes” (Damon Albarn achter de microfoon) een vrij monotoon klavertjedrie vormt dat de tweede plaathelft domineert. Massive Attack probeert duidelijk een minimalistische benadering, maar die ligt de groep niet goed.

Terug naar het begin dan maar? “Prayer For Rain” kenden we al van Splitting The Atom: een binnenkomen op kousenvoeten, zonder veel grote indruk te maken. In “Babel” krijgt Martina Topley-Bird vervolgens vrij spel voor een nummer dat langzaam bezwerend openbloeit over een lichte drum-‘n’-bassbeat. Waarna “Splitting The Atom” plots sterk invalt: de beats knallen voor één keer, de sfeer zit juist. Mooi is ook “Paradise Circus”, waarin Hope Sandoval (Mazzy Star) de vocale honneurs waarneemt. We horen even meer The XX dan Massive Attack, maar wanneer de strijkers invallen gaan we van onderkoeld toch nog naar warm.

In oktober kregen we in Vorst Nationaal nog een zinderend “Marakesh” van de groep; ondertussen is dat nummer omgebouwd tot het in dezelfde geografische kringen gelegen “Atlas Air”. Helaas is het nummer daarbij van zijn angel ontdaan. Een orgeltje domineert in plaats van de bas, de gitaaruitbarsting in de staart is onder de duim gehouden. Alsof Daddy G en 3D niet beseften welk goud ze met dit nummer in handen hadden. We hebben er even om gevloekt.

Drie (3!) albums heeft Massive Attack de afgelopen jaren naar de prullenmand gesleept. Niet goed genoeg, zo klonk het. Eigenlijk hadden we die graag eens gehoord: of Massive Attack kan echt niet beter meer dan dit, of er scheelt iets aan het oordeelsvermogen dat vond dat dit de beste nummers zijn die de groep de laatste zeven jaar schreef. Heligoland kent te weinig opflakkeringen om goed te zijn, en dat is erg jammer.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

14 − drie =