Friday the 13th




USA / 2009 / 99 min.

Horror is een eigenaardig genre. Er bestaan
fanatieke aanhangers van, maar over het algemeen wordt het door de
gemiddelde bioscoopbezoeker toch eerder gezien als een perifeer
genre dat niet écht serieus hoeft te worden genomen. Je kan dat ook
wél doen en je beperken tot pareltjes als ‘Dawn of the Dead’, ‘The
Shining’ of ’28 Days Later’, maar als je een beetje eerlijk bent,
dan moet je toch toegeven dat je, om van het genre te kunnen
genieten, eigenlijk net alle sérieux moet loslaten. En als
er één ding is dat deze remake van eighties-campklassieker
‘Friday the 13th’ duidelijk maakt, dan is het wel dat horror een
gezond gevoel voor ironie vereist en dat het mits de invulling van
die vereiste af en toe ook onverwacht geinige filmpjes kan
afleveren.

Marcus Nispel is nu niet bepaald de meest getalenteerde cineast
(getuige daarvan zijn gewraakte ‘Texas Chainsaw Massacre’-remake),
maar hier slaat hij de bal toch opvallend raak. Echt
spannend wordt het nooit, maar de vele verschillende
slachtpartijen getuigen tenminste van een zeker respect voor het
genre. De hele film valt te bekijken als één lange hommage aan de
horror, met meer dan genoeg vette knipogen. Toegegeven, de film
wijkt nergens van de veilige paadjes af, maar de weg die hij
bewandelt is wel plezierig genoeg om dat absolute gebrek aan
originaliteit door de vingers te zien. Is dit dan een
goeie film? God, nee, maar hij getuigt wel van genoeg
zelfrelativering om van een relatief geslaagde remake te kunnen
spreken, en dat is tegenwoordig al heel wat.

Het begin doet nochtans het ergste vermoeden (en let hier even
op voor de spoilers!): de twee minuten durende proloog doet de
eindscène van de allereerste ‘Friday the 13th’ nog eens dunnetjes
over. De laatste overlevende staat oog in oog met de moeder van
Jason (die in de franchisestarter vreemd genoeg nog niet mee mocht
doen) en het oude kreng doet in enkele simpele quotes heel de plot
van de eerste film uit de doeken (“Door jouw nalatigheid is mijn
zoon gestorven!”, “Ik heb al je vrienden vermoord!”, “Mijn zoon was
misvormd!”). Het zicht van de oude vrouw was blijkbaar echter wat
aan het verzwakken, anders had ze wel gezien dat haar laatste
slachtoffer een machete vasthad. Da’s nooit een bijster goed teken
in een horrorfilm en even later ligt haar hoofd dan ook netjes van
haar romp gescheiden op de grond. Enter Jason, die op
magische wijze alsnog blijkt te leven en de dood van zijn moeder
heeft moeten gadeslaan. Een mens zou voor minder heel zijn leven op
dezelfde plek blijven om onschuldige voorbijgangers creatief van
hun overtollige bloedtoevoer te verlossen…

Daarna wordt Nispel pas écht ambitieus (als je het écht niet wil
weten: er komen spoilers aan). Hij voert een tweede
proloog in en gaat zowaar Hitchcock ten tijde van ‘Psycho’
achterna: gedurende tien minuten zien we een jonge en opvallend
sobere (waar is de grappige neger?) groep kampeerders door Jasons
bos trekken op zoek naar weed (het doelpubliek blijft
vijftienjarige jongetjes), alwaar ze de komende tien minuten één
voor één op originele wijze om zeep worden geholpen (die met de
slaapzak en het kampvuur kenden wij nog niet). Weg hoofdpersonages
dus, en we beginnen opnieuw met een volgende groep. Zo’n beslissing
kan je makkelijk hoogdravend noemen, en ze is dat waarschijnlijk
ook wel, maar uiteindelijk is het countdown-principe in
deze films altijd een van de leukste onderdelen, iets wat hier
gewoon twéé keer gebeurt. Echt kwaad kan je daar dan moeilijk om
worden.

Ondertussen komt de broer van het belangrijkste meisje uit groep
één (te herkennen aan de ingebakken zedigheid, teruggeschroefde
losbandigheid, donkere haren en distantiëring van enige
wrong-doing zoals het nemen van drugs) groep twee tegen op
het moment dat hij op zoek is naar zijn zus. Het komt bijna tot een
handgemeen tussen hem en het vriendje van het belangrijkste meisje
van groep twee (kenmerken idem), maar er is al enige spanning te
voelen tussen hem en main chick #2. Haar vriendje is dan
ook de klootzak van de eeuw en we waren verheugd dat deze groep wél
voldeed aan alle vereiste kenmerken van het genre, inclusief blonde
bimbo, grappige neger en weirde Aziaat – het heeft geeft
werkelijk geen zin om ze namen te geven.

Dit is dus geen remake in de strikte zin van het woord (één film
opnieuw gemaakt dus), eerder een herkauwing van het originele
materiaal (er zijn al meer dan tien afleveringen in de Jason
Voorhees-saga). Hoewel alles weer bloedserieus in beeld wordt
gebracht (denk – of liever, denk niét – aan de nieuwe ‘Texas
Chainsaw Massacre’), is het moeilijk om geen zelfspot te vermoeden
aan de kant van de makers. Ergens in het begin wordt er met veel
lawaai een houtverhakselaar geïntroduceerd en ook een hertenkop
(inclusief gewei) wordt opvallend in beeld gebracht. De hele prent
zit vol met zulke visuele, aankondigende motiefjes en hoewel het
allemaal verre van origineel is – uiterst voorspelbaar zelfs –
blijft het wel heerlijk om naar te kijken.

Een groot deel van het doelpubliek zal door de KNT-rating de
zaal niet binnen mogen, maar de iets oudere pubers (guilty as
charged
) zullen kunnen smullen: er worden drankspelletjes
gespeeld, waterpijpen gerookt, de personages vloeken heel
cool en we krijgen wel drie paar tetten te zien. Een paar
lelijke valse, een paar mooie valse en een paar indrukwekkende
echte, om precies te zijn. ‘t Is maar dat u het weet. Uiteraard
houden main chicks #1 en 2 te allen tijde hun
topje zedig aan. De beste mop van de film bevindt zich ook in deze
branche: op een bepaald moment houdt één van de blondines zich
schuil in het water, onder een steiger. Enkele ogenblikken later
doorklieft een machete haar hoofd en als Jason zijn wapen weer
omhoog wil trekken, wipt ze mee het water uit – zodat ze met haar
hoofd tegen het hout botst – en mogen we haar rondingen weer even
aanschouwen. Awel, dàt vinden wij nu grappig, zie.

Het grootste gebrek van de prent blijft natuurlijk het absolute
gebrek aan spanning, maar dat wordt dan weer goedgemaakt door
enkele leuke, ongecompliceerde moorden, een hilarische opbouw (wij
blijven die dubbele proloog een geweldig idee vinden) en een
ongegeneerd, puberaal gevoel voor fun. Die ongedwongen
feel mag dan in elkaar gebrainstormd zijn door de
marketingboys van Michael Bay, de film blijft wel steeds very
entertaining
om naar te kijken. Daarenboven is ie (behalve bij
sommige gore scènes) opvallend overzichtelijk in beeld gebracht. We
hadden het niet verwacht van Nispel, maar hij heeft een uiterst
genietbaar, zij het voorspelbaar horrorfilmpje in elkaar gebokst –
volledig gratuit op elk gebied, zonder zich daar ook maar een zak
van aan te trekken. De eerste guilty pleasure van het jaar
is gearriveerd.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien − tien =