Glasvegas :: Glasvegas

Het is een verdomde schande dat een prachtalbum als Glasvegas nog niet via officiële weg in onze contreien gereleased is. Zelden wist een debuut ons zo niets ontziend na nauwelijks één beluistering onder de huid te kruipen.

Een muziekliefhebber vraagt zich soms af of de platenindustrie ook echt de cd-verkoop nog uit het slop wil halen. Een goed jaar geleden bracht Glasvegas in een sfeer van hooggespannen verwachtingen haar gelijknamige debuut in Engeland uit. Het baande zich doorheen een berg over elkaar heen getuimelde critici een weg naar de hoogste regionen van de Britse hitparade. Wie al eens een Brits muziektijdschrift ter hand neemt, kon eind 2008 ook moeilijk naast de hoge vermeldingen in eindejaarslijstjes allerhande kijken.

Als u dan onverhoeds naar een cd-winkel getrokken was, is de kans groot dat vragende blikken en vruchteloos getokkel op een klavier uw deel waren. "Is dat wel al uit mijnheer/mevrouw?". De betere platenwinkel doet echter nog steeds aan import en kan u ongetwijfeld wel verder helpen. "Ik draai mijn omzet tegenwoordig op dit soort album albums", zo vertelde de onze. De Belgische platenfirma blijkt voorlopig niks te doen met dit album en wacht op iemand die dat voor hem wil doen. De ware muziek-geek deed echter al zijn voordeel met de lage pond en leeft wellicht al maanden met dit album. En ja, zo zijn we ook bij goddeau en we kunnen ons — die goede voornemens toch — echt niet langer inhouden om de lof van Glasvegas te zingen. Bij deze dus.

Glasvegas doet aan popmuziek. Euforische, grof en wijds geborstelde popmuziek nog wel. De pathos mag in pakweg "It’s My Own Cheating Heart That Makes Me Cry" ongegeneerd door de boxen knallen. U mag een toefje Morrissey herkennen in de songtitel. U mag zelfs een flard "How Soon Is Now" in de echoënde gitaren herkennen, maar Glasvegas is verder zowat alles wat The Smiths niet is. Alle wanhoop en melancholie krijgen een flinke stamp onder de kont.

Zelfs de slechtste luisteraar herkent het vuistdikke Schotse accent van zanger James Allan. Want zo wil het grote recensentenclichéboek: Schotten gaan niet, gehuld in een te groot hemd en gladiolen, wenen in een hoekje. Ze verbergen dat onder een stevige laag noise en laten bijtende weltschmerz moeiteloos overgaan in nauwelijks verholen agressie. Het nihilisme loert om de hoek, maar uit het dreigende wolvengehuil van Allan klinkt meer passie en woede dan uitzichtloze berusting. En ze vinden het bovendien leuk om de luisteraar als het even kan fluks op het verkeerde been te zetten.

In opener en mokerslag "Flowers and Football Tops" bijvoorbeeld: zeven minuten wanhoop en een muur van feedbackende gitaren en een snerpende "You are my sunshine"-outro. Je zou denken dat het om een wat lachwekkend opgeklopt liefdesliedje gaat, maar Allan zingt volgens onze bronnen over de racistische moord op een 15-jarige jongen die vier jaar geleden Glasgow door elkaar schudde. Of tweede hoogtepunt "Daddy’s Gone": ’Forget you dad, he’s gone’ klinkt het bijtend in een bijna luchtig Britpopdeuntje met Suediaanse ’lalala lala’s’.

"Geraldine" lijkt dan weer een opeenstapeling van clichématige liefdesverklaringen, tot de punchline: "My name is Geraldine, I’m your social worker". Het is vreemde humor, maar het zijn vooral songs om in te kaderen. "Stabbed" is een béétje pretentieus, maar ook weer een stomp in de maag. Allan vertolkt, begeleid door Beethovens Mondschein-Sonate, de stream of conciousness van iemand die wegloopt van een bende straatschoffies: "I’m gonna get stabbed".

Glasvegas heeft de passionele, niet-berustende woede van Arcade Fire, maar zonder de minste zweem van naïeve zweverigheid. Het zijn dan ook geen cultureel onderlegde Canadezen met een stapeltje muziekdiploma’s. Ook al zijn de songs niet nonchalant op tape gekwakt en is er nagedacht over de teksten, de muziek van Glasvegas komt uit de buik. Maar onder de brute wall of sound en ongepolijste emoties, gaan wel verslavende popsongs schuil.

In 2008 stond Glasvegas dus verdiend hoog in de Britse eindejaarslijstjes. Als een muziekliefhebbende platenboy meewil, eind dit jaar ongetwijfeld ook in de Vlaamse. Maar nu is het album in elk geval nauwelijks uit onze cd-speler te houden. U vindt ongetwijfeld een import-exemplaar.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee + 12 =