Somers Town




Je hebt van die grote films die grote, levensomvattende
antwoorden aanreiken – vaak aangeboden als een zelf op te lossen
existentiële puzzel, thanks a lot – die dagenlange
mijmeringen en discussies zal garanderen, maar soms kan een klein,
schijnbaar nietszeggend auteursfilmpje een even bevredigend effect
op het gemoed hebben. Nog geen jaar na zijn definitieve
internationale doorbraak met ‘This Is England’, heeft Midlander
Shane Meadows een nieuw filmpje klaarstaan dat misschien niet de
Grote Levensvragen beantwoordt, maar toch stiekem de ribbenkast
opwarmt. Het door Eurostar gesponsorde ‘Somers Town’ is het soort
minicinema waar je spontaan het predikaat ‘klein filmpje, groot
hart’ wil aanhangen. Maar laat die platitude u zeker niet
weerhouden om dit fijne kleinood te ontdekken.

Straatjochie Tomo (Thomas Turgoose) verlaat zijn geboortestad in
de Midlands en trekt naar Londen in de hoop op een beter leven. Hij
blijft hangen in de stationsbuurt van St. Pancreas en ontmoet er
Marek (Piotr Jagiello), een verlegen Poolse immigrant met een
passie voor fotografie die samen met zijn vader in een
appartementje woont. Ondanks hun verschillen in nationaliteit en
karakter trekken de jongens steeds vaker met elkaar op. Terwijl ze
pubergewijs de buurt verkennen, klusjes doen voor een onschuldige
sjacheraar (Perry Benson) en verliefd worden op een Franse
opdienster (Elisa Lasowski), groeit er een warme vriendschap tussen
de verloren zieltjes van Somers Town.

Na de bikkelharde wraakpent ‘Dead Man’s Shoes’ en de
doortastende exploratie van de skincultuur met ‘This Is England’,
komt Shane Meadows tot rust met een hoopvol en grappig coming
of age
-verhaal dat even vluchtig, warm en zoet is als een
klapzoen van je eerste liefje. Aanvankelijk bedoeld als kortfilm,
maar uiteindelijk half volgroeid tot een middenlange prent van 72
minuten trekt ‘Somers Town’ sneller voorbij dan de treinen van
Eurostar die niet alleen voor de stationsetting, maar ook voor de
financiering instonden. Maar geen paniek, ‘Somers Town’ is geen
banaal promofilmpje geworden voor een ticket heen en terug van
Londen naar Brussel, ook al gebruikt Meadows de grauwe setting van
de Londense lower-classbuurten als tegendraadse achtergrond voor
een opvallend rooskleurige – zeg maar naïeve – blik op een
ontluikende multiculturele vriendschap.

Gedraaid in monochrone zwart-witbeelden die zowel een authentiek
lowbudgetsfeertje als een gestileerde Anton Corbijn-achtige
fotografie evoceren, trekt ‘Somers Town’ aan een gezapig tempo
voorbij om een impressionistische schets te tonen van twee doelloze
tieners die bij elkaar een doel en betekenis vinden. Meadows laat
Tomo’s achtergrond subtiel achterwege, zodat de kijker zelf kan
uitmaken vanwaar hij komt (een gebroken gezin, een weeshuis, het
kan allemaal), en ook de gezinssituatie van Marek en zijn nogal
stereotiepe Poolse vader (een gespierde macho die graag de avond
afsluit met een bidon wodka onder kameraden) wordt pas op het einde
van de film volledig duidelijk. En hoewel de personageontwikkeling
en context ietwat te wensen overlaat, is ‘Somers Town’ toch een
gedetailleerde fabel die zich vignettegewijs laat leiden door de
puberale strapatsen van de Britse Kwik en de Poolse Flupke.

Want ook al sluimert er een optimistische statement omtrent
immigratie en solidariteit (eigenlijk zijn zowel de van Notthingham
afkomstige Tomo als de Poolse Marek immigranten in grootstad
Londen) rond ‘Somers Town’, echt gewichtig of belerend wordt het
nooit. Er zit verstrooiende humor in het pluimgewichtje van
Meadows en die humor werkt heerlijk charmerend. Sketchachtige
situaties die Tomo verplichten om een blouse met epauletten aan te
trekken zijn geestig, terwijl de vele ad rem-dialogen afkomstig uit
de mond van het blonde kereltje onvermijdelijk een grinnik
losweken. De kalverliefdebliksems die zowel Tomo als Marek treffen
zijn dan weer herkenbaar en levert een pracht van een scène op
waarin de twee minnaars hun muze naar huis rijden in een rolstoel.
Ze pakken je in waar je bij staat, de verliefde zotten in jeans- en
trainingsbroek. Wat ons uiteindelijk tot de dominante drijvende
kracht achter ‘Somers Town’ brengt, de acteurs.

Thomas Turgoose bevestigt zijn natuurtalent dat hij met veel
overgave bracht in ‘This Is England’ en trekt in ‘Somers Town’ al
even charismatisch de camera naar zich toe met een vranke
lefgozersmoel die geen seconde stilstaat. En toch schuilt er iets
onschuldig achter zijn puppyogen die hem ook iets breekbaars en
vertederend meegeven en ervoor zorgen dat je meeleeft en inzit met
de luidruchtige opdonder. Piotr Jagiello – hier in zijn Engelstalig
debuut – krijgt een minder showy rolletje, maar injecteert een
ontwapenende gevoeligheid die perfect klikt met de zelfzekere
attitude van zijn tegenspeler. ‘Somers Town’ is misschien te
low key en doelloos om lang te beklijven, maar zolang de
twee jonge acteurtjes in beeld zijn, knettert de film van
enthousiasme. En dan is er nog de volwassen versie van Thomas
Turgoose, Perry Benson, die bijna de film mag stelen als
sleazy, maar brave sjoemelaar die zijn geld in een veel te
klein slipje verstopt.

‘Somers Town’is absoluut geen grote, ambitieuze film en
verkondigt dat ook met veel charme, humor en natuurlijke
vertolkingen. Neen, je leven zal er niet door veranderen en de kans
is klein dat je een week later nog aan de avonturen van Tomo en
Marek zal denken, maar voor een dik uur zul je ze koesteren als
ware het je eigen jeugdvrienden. Waren alle uit de hand gelopen
kortfilms maar van hetzelfde niveau van ‘Somers Town’ en waren
alle jonge acteurtjes maar even ruwe diamantjes als Thomas
Turgoose.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

9 − zeven =