Infadels

Botanique, Brussel, 9 oktober 2008

Als Libertinesfan was het mijn plicht om op Pukkelpop bij het
optreden van Dirty Pretty Things aanwezig te zijn, maar voor al wie
niet onder die noemer past, viel er geen enkel excuus in te roepen
om niet naar het optreden van Infadels te gaan.

Het vijftal uit Londen heeft de gewoonte er een onmenselijk druk
tourschema op na te houden, maar desondanks bezoeken ze ons land
slechts twee keer dit jaar. Een van die keren was het voorgenoemde
optreden op Pukkelpop, de andere keer hun doortocht in de
Botanique.

Van de Brusselse band Nestor! heb ik jammer genoeg
niet veel meer kunnen meepikken, maar toen ik de Orangerie
binnenliep, zat de sfeer er al goed in. De zaal was nog verre van
volgelopen, maar de aanwezigen lieten zich alvast horen. De vijf
mannen – die misschien nog wel bekend in de oren klinken bij de
bezoekers van de afgelopen Nuits Botanique – hebben naar verluidt
alles uit de kast gehaald, inclusief een sterke cover van Talking
Heads’ ‘Psycho Killer’.

Toen Infadels aan mochten treden, liep de zaal
langzaam maar zeker vol met mensen die duidelijk zin hadden in een
feestje – en dat is exact wat je van een band als Infadels mag
verwachten. Het podium was er alleszins op voorzien, gedecoreerd
met een paspop met discobalhoofd, een vos, een kalkoenachtig beest
en de alomtegenwoordige shiny slingers. De band zelf misstond –
dankzij hun fenomenale outfits en grime – ook niet temidden van al
die kitscherige attributen. Dat ze openden met het bruisende
‘Circus of the Mad’ was dan ook meer dan toepasselijk.

Aanvankelijk reageerde het publiek een beetje stroef, maar het kon
– in tegenstelling tot twee weken geleden bij The Futureheads, die
nochtans ook van wanten weten op een podium – na ‘Code 1’ en vooral
‘Love Like Semtex’ en ‘Universe in Reverse’ niet langer weerstaan
aan de vonkende charmes en energie op het podium, waardoor het
feest echt losbarstte. Infadels gooiden dan ook alles wat ze in
huis hebben in de strijd. Nooit eerder zag ik iemand zijn keyboard
zo bezeten bespelen als Richie Vernon dat deed, en de arme roadies
hadden hun handen vol met het oprapen van het microfoonstatief dat
zanger Bnann Watts om de zoveel minuten in al zijn enthousiasme
omver gooide.

Het optreden werd een energievretende, maar vooral ook heerlijke
mix met nummers van zowel het debuut ‘We Are Not The Infadels’ als
de recente plaat ‘Universe in Reverse’. Tussen het enkele jaren
oude ‘Reality TV’ en het nieuwe ‘Play Blind’ – een hoogtepunt in de
set, overigens – werden we ook nog eens getrakteerd op een stevige
versie van ‘Change My Colours’, een van de extra nummers op de
single van ‘A Million Pieces’ (die zelf trouwens niet aan bod
kwam). Later zouden we tevens ‘Godzilla’, een B-kantje van ‘Free
Things For Poor People’ voorgeschoteld krijgen.
‘Give Yourself To Me’ en ‘Jagger ’67’ doen het nog steeds geweldig,
maar ook ‘Make Mistakes’ en ‘Free Things For Poor People’
overtuigden.

De iets mindere momenten – ik druk me bij voorkeur voorzichtig uit,
want storende elementen heb ik eerlijk gezegd nergens gevonden –
waren ‘Murder That Sound’ (geen mis nummer, maar het was een
relatief ongevraagd rustpunt op een moment dat het publiek net goed
op dreef was gekomen) en ‘Girl That Speaks No Words’ (een prachtige
song die – na een wel heel leuk akoestisch introotje met enkel
Bnanns op het podium – jammer genoeg wat wegzonk in een overdreven
wall of sound).

Zulke details zijn echter gauw vergeven wanneer je net als Infadels
je set afsluit met een knappe cover van ‘Sweet Dreams’ en dan nog
eens terugkomt met ‘Can’t Get Enough’ om het publiek als het ware
de juiste woorden in de mond te leggen en het helemaal uit zijn dak
te laten gaan.

Infadels maakten er naar goede gewoonte weer eens een geweldige
avond van. Hun act is kleurrijk en zelfrelativerend, maar het
circus wordt nergens een klucht. Daarvoor zijn deze muzikanten, hun
nummers en hun performance skills véél te goed.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 − drie =