The Do + Murder + Syd Matters

We zijn bijna aan het einde van Les Nuits gekomen wanneer de
Botanique in hun Chapiteau een avondje Frankrijk en Scandinavië
presenteert. Uit het zuiden het hier nog veel te onbekende Syd
Matters. Uit het noorden het al iets bekendere Murder. Headliner
bleek een combinatie van de twee want, jawel, hij komt uit
Frankrijk en zij uit Finland.

Frankrijk dus: land van Justice, Air
en Daft Punk. Maar ook van Phoenix, Camille en Charlotte
Gainsbourg
. Het valt op dat hoe groot het land ook is, gek veel
Franse artiesten dringen niet door tot de Vlaamse huiskamers (als
we even het chanson vergeten). De kans dat Syd
Matters
voor een heuse kentering zal zorgen achten we
bijzonder klein, maar toch, met hun prestatie in de Chapiteau zou
je het hen wel gunnen. De formatie is opgetrokken rond Jonathan
Morali en bracht eerder dit jaar met ‘Ghost Days’ hun vijfde full
album uit. Al vanaf het zeer geslaagde openingsnummer ‘Everything
Else’ was de connectie met Radiohead duidelijk, deels door de vaak gedeelde
zangwijze van Morali met Thom Yorke. De nood van de occasionele
dwarsfluit, onder meer in ‘Obstacles’ zagen we nu niet direct in
maar de behoorlijk psychedelische synths konden we zeker smaken.
Laat een ding duidelijk zijn: de Fransen slaagden er wonderwel in
de avond op een erg aangename manier te openen.

De bebaarde man die instrumentloos in het midden van het podium op
een stoel zat, bleek niet Michael Moore te zijn maar Jacob Bellens,
de warme zanger van het Deens Murder. Het duo
stelde, aangevuld met drie gastmuzikanten, niet teleur en zette de
mooie luisteravond gepast verder. De inbreng van cello en vooral
het gebruik van klarinet zetten de nummers die voornamelijk vanop
Stockholm Syndrome‘ kwamen in een duidelijk ander en
verrassend daglicht. Vooral op het sterke ‘Queen of Calm’ bleek de
klarinet een mooie meerwaarde. “You guys smoke a lot of
weed
,” wist Bellens ons mee te delen. Ironisch dat hij dit net
voor ‘Bodies Collide’ opmerkte – dat Murder trouwens als duo
bracht, waarin “you’re LSD” een opvallende lijn is. Vreemd
trouwens dat hier geen plaats was voor cello want die maakt de
albumversie dat tikkeltje beter.

Toen The Do op het toneel verscheen, werd snel
duidelijk dat de toon van de avond een wending zou krijgen. De
immer exentrieke Olivia begon er al schreeuwend aan met het leuke
‘Playground Hustle’, ook al de opener van debuutplaat ‘A Mouthful’.
Het publiek had duidelijk zin in een feestje en liet zich terecht
hard horen toen het fantastische ‘On My Shoulders’ zich vrij vroeg
inzette. Had de Finse, in gulden glinsters omgeven Olivia haar stem
zo magisch laten overgaan als ze in de studio kon, het had ons iets
gelukkiger gemaakt.

Het pallet van The Do is behoorlijk breed en gaat van vuil rockend
naar catchy, zomers en dansbaar. De spectaculair ogende constructie
van ijzeren borden en pannen boven het hoofd van de drummer bleek
meer een gimmick dan een toegevoegde waarde. De toegevoegde waarde
van het uitrekken van het frisse ‘The Bridge Is Broken’ was voor
ons niet echt nodig en bleek de aanzet tot een wisselvallig einde
van de set (‘Tammie’, ‘Aha’) waarin het vuur wat zoek was en we het
gevoel hadden dat we het allemaal wel hadden gezien. Daar kon een
ingetogen cover van Gnarls
Barkley
‘s ‘Crazy’ – wat anders? – weinig aan veranderen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien + 5 =