The Dø :: 14 mei 2008, Botanique

Voor een goed overzicht van wat Frankrijk als nieuwe muzikale exportproducten te bieden heeft, moet u op Les Nuits zijn. Naast Yelle, Moriarty, Soko of The Teenagers staat het schattige koppel The Dø op de affiche. Hun single “On My Shoulders” heeft hen geen windeieren gelegd: een uitverkocht Chapiteau wacht op een overwinning.

Het was al zonneklaar bij hun eerste Belgische doortocht twee maanden geleden: The Dø ziet het groots. De letterlijke potten, pannen, toeters en bellen waarmee ze hun drummer omringen en hun explosieve interpretaties van de nochtans vrij conventionele popplaat maakten van de ABClub een claustrofobische ruimte. Een grote tent als de Chapiteau biedt de groep wat ademruimte en dat kwam hen alleen maar ten goede.

Bassist/toetsenist Dan Levy en zangeres/gitariste Olivia B.Merilahti getuigen van heel wat lef. In plaats van zich veilig te laten omringen door een paar extra muzikanten brengen ze alleen maar een extra drummer mee. Daarbij weigeren ze pertinent een studioversie van hun nummers te brengen. Live meanderen structuur en melodie op razendsnel tempo naar ongekend terrein, waaruit blijkt dat de groep het spannend wil houden, maar waardoor sommige fans gedesoriënteerd en sip achterblijven. Solo’s worden geëtaleerd, bruggetjes worden gebouwd, waardoor de nummers een aanzienlijke lengte krijgen. Dat weegt door op de setlist die — bis inbegrepen — slechts tien nummers telt voor exact 60 minuten. In die tien nummers tellen we drie nieuwe songs en een cover. Een snel rekensommetje: slechts zes van de dertien volwaardige nummers uit debuut A Mouthful halen het podium. Op zijn minst merkwaardig te noemen voor een beginnend groepje.

Toch is The Dø live uitstekend vermaak. Het blokfluitenfestijn uit opener “Playground Hustle” zet meteen de toon: “We are not afraid of you, grown ups!” schreeuwt zij – (een kruising tussen Björk en Carla Bruni) waarop hij – (Johnny Depp II) antwoordt met een dierlijke kreet. Een langgerekte versie van het liefdesliedje “At Last” doet ons, minder dan op plaat, denken aan A Camp. Merilahti’s stem en frasering zijn ontegensprekelijk uit de strot van Nina Persson gepikt. Ook het Cardiganesque van hit “On My Shoulders” kan moeilijk ontkend worden. Maar The Dø is vooral avontuurlijker dan The Cardigans. Met muzikale vreugde storten ze zich op het Hammond-orgel of in een nooit vervelende of te lange solo.

Ook de nieuwe nummers brengen de luisteraar van zijn stuk. “How Could I” begint in een lieflijk country-sfeertje — opnieuw — verwant aan late Cardigans. “How could I / Be so mean / What’s the point / What’s the deal,” fluistert Merilahti schuldbewust, maar even later explodeert het nummer in een verrassende “(I Can’t Get No) Satisfaction”-riff. Hetzelfde geldt voor “Bohemian Dances” dat begint als een a-cappella folknummer en eindigt in stampende chaos.
Ironisch genoeg krijgt de eeuwige Gnarls Barkley-cover “Crazy” de meest traditionele en ongevaarlijke aanpak.

The Dø is een groepje dat snel vooruit wil gaan en dat siert hen. Toch waren een paar extra nummers — en dus een extra paar minuten — geen overbodige luxe geweest.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

16 + 7 =