Creature With The Atom Brain + Dear Leader + Tim Vanhamel, Het Depot :: 15 februari 2008

"One night to be confused" zong The Knife jaren geleden al in het wondermooie "Heartbeats" en dat vat vanavond perfect het gevoel samen waarmee je als toeschouwer Het Depot verlaat. Drie bands stonden op het podium en driemaal was het meer dan raak. Of hoe te perfecte concerten een mens uit zijn evenwicht brengen.

Met Kulturama heeft Leuven zijn eigen fijne culturele evenement. Naast theater en literatuur hoort daar natuurlijk ook muzikale verwennerij bij. Het Depot doet een duit in het zakje met een affiche die het beste doet vermoeden. Met Creature With The Atom Brain, Dear Leader en Tim Vanhamel die Welcome To The Blue House komt voorstellen, profileert deze jonge concertzaal zichzelf als een zaal om in de gaten te houden.

De aftrap wordt door Creature With The Atom Brain gegeven met "Mind Your Own God" en daarmee is de toon gezet voor het eerste concert van de avond. Het viertal rond frontman Aldo Struyf lijkt inspiratie gezocht te hebben in de Californische woestijn en speelt een rockvariant die herinneringen oproept aan Queens Of The Stone Age ten tijde van hun titelloze eersteling. Spreek gerust over een massief geluid en de nodige gitaaruithalen.

Zelfs zonder de backing vocals van Mark Lanegan blijft "Black Out, New Hit" overeind als een huis en het nummer is zo catchy dat gerust over hitpotentieel gesproken kan worden. Hetzelfde kan gezegd worden over "Is That Lady Sniff?", zij het dat de noisy spielerei op het einde vooral bedoeld lijkt voor het publiek dat de band al volgt sinds de twee Snake-lp’s. Uit dat tijdperk stamt ook de afsluitende instrumentale brok die zo overdonderend is dat horen en zien vergaat, waarmee Creature zichzelf bevestigt als een rockband die niet uit het oog verloren mag worden door wie al eens op zoek gaat naar een lap onweerstaanbaar gitaargeweld.

Voor Dear Leader schieten vervolgens woorden te kort. Dat The Sheila Devine, voorlopig althans, nog steeds wijlen is, kan betreurd worden, maar evengoed wordt die leemte met gemak opgevuld door Aaron Perrino’s huidige formatie. Zeer vroeg in de set al, met een verbluffend "Nightmare Alleys", doet het kippenvel zijn intrede om vervolgens niet meer weg te gaan zolang de band op het podium staat. Met kleppers als een heerlijk glijdend "The Alarmist" en een van waanzinnig knetterende drums voorzien "Billion Served" laat Dear Leader horen dat het heerlijk is om in leven te zijn. Dit is luid én passioneel, en het blijft een raadsel waarom deze band het moet stellen met een cultaanhang die zich bovendien vooral in dit land blijkt te bevinden. Tel daarbij nog een orgastische versie van "Raging Red" — inclusief enkele flarden Guns ’N’ Roses — en het mag duidelijk zijn dat dit een band is om aan de borst te drukken.

Maak na die meer dan puike prestaties maar eens je livedebuut met je eerste soloplaat. De strijd is op voorhand verloren, zou je denken, maar niet zo bij Tim Vanhamel, die voor de gelegenheid een vijfkoppige band achter zich verzameld heeft. Vijfkoppig, inderdaad, waarmee diegenen die Welcome To The Blue House maar een plaat voor doetjes vonden meteen teruggefloten worden. Vanhamel live, dat is — naast de Dylanlooks — het geluid van een pletswals die je zonder moeite vermorzelt.

Neem single en troefkaart "Until I Find You", al zeer vroeg in de set prijsgegeven en het eerste teken dat dit gezelschap live tot grootse dingen in staat is. Dat wordt bevestigd met "Sometimes I Wanna Run", dat met zijn ingenieuze tempowissels de muzikanten de kans geeft luidruchtig en overrompelend uit de hoek te komen. Bij wijlen doet ook Vanhamel denken aan oude stonerrock, maar evengoed hoor je tijdens "It’s Not The Drug" ritmes zoals ze weerklonken tijdens de laatste passage van The Raveonettes.

Met "Take Me Home", een intense popsong die tot op het bot gaat, waart vervolgens de geest van Psychocandy even door Het Depot, maar zonder dat je het gevoel hebt naar een Jesus And Mary Chain-tribute te kijken: zinderend én origineel. Door de breekbare songs van de plaat een strak zittend rockjasje aan te meten, weten ook Vanhamel en co de haren op de armen recht te krijgen. Ondanks de synthesizers — een puike inbreng van Guy Van Nueten — is dit pure raw power en doet het een mens hopen dat Vanhamel deze bezigheden en Millionaire zal kunnen combineren, want kiezen is in dit geval hoe dan ook verliezen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zes − 2 =