P.V.TV :: Wing-Chester

Stilll, 2007

Een plaat als ‘Wing-Chester’ recenseren is geen simpele opdracht,
omdat de heren van P.V.TV muziek maken waar je ofwel van houdt,
ofwel maar niets vindt. Weinigen zullen zeggen dat het “aardig” is
en vervolgens de schouders ophalen. Dat komt omdat P.V.TV radicaal
kiest voor de avant-garde en het experiment. Dat moet je hen dus
alleszins al nageven, al zijn de resultaten soms bepaald niet om
over naar huis te schrijven.

Het grootste probleem met ‘Wing-chester’ is dat de cd in twee fases
gemaakt is. Teun Verbruggen, de ene helft van het duo, ging eerst
wat experimenteren en jammen met zijn drums en ritmesecties, en
daarna gooide Pierre Vervloesem er een kwak gitaren overheen die
klinken als de broer van Carlos Santana met Asperger. Daardoor
staan Vervloems gitaarpartijen vaak als een tang op een varken
middenin Verbruggens wilde drumexperimenten, die soms interessant
en opzwepend zijn, maar meestal te chaotisch en te vrijblijvend om
echt te kunnen spreken van songs.

Zo is er het nummer ’70’, dat boeiend begint, met enkele
roffelende, ratelende, dissonante drums die de aanzet lijken tot
een Amon Tobin-achtig soundscape, maar waar de scheurende gitaren
er echt teveel aan zijn. Zelfs wanneer Vervloesem de tracks met
rust laat, is het resultaat maar pover. In ’80’ lijken we gewoon te
zitten luisteren naar een op hol geslagen drummer die wat oefent in
zijn kelder. Een enkele diehard avant-garde dandy zal zijn hoofd
alle richtingen uitslingeren op deze plaat, maar het leeuwendeel
van muziekliefhebbers zal er weinig aan hebben.

Toch even meegeven dat het niet altijd fout loopt. Zo is het
demonisch klinkende ’65 bis’ een nummer waarin burleske, diepe
drums zorgen voor rollende deuren van staal, met daar tussenin af
en toe onvoorspelbare breaks en een dreigende golf gitaren. Met
‘Go’ zijn we zelfs bijna in triphopland, met een vleugje
melancholie dat nog net door de muur van distortie hoorbaar is.
‘Go’ neemt de luisteraar mee op een hallucinante psychedelische
trip, en voor het eerst – en ook het laatst – neemt de elektronica
de bovenhand, om de broodnodige lijm te vormen tussen de jamsessies
van beide heren.

Ongewild deed ‘Wing-Chester’ me denken aan de heerlijke jazzparodie
die opgevoerd wordt in de Britse reeks ‘The Fast Show’, waar een
jazz-snob zelfs het meest amateuristische lawaai en het gevecht
tussen veel te harde koperblazers van diverse allure altijd
“nice” of “smashing” vindt. Het strekt P.V.TV tot
eer dat ze eens iets anders proberen te doen met jazz dan de
mainstream nu-jazz of softe easy listening, maar door de
afwezigheid van coherentie, het ontbreken van voldoende
instrumentale variatie of het drijven op maar één improvisatorisch
idee, wordt ‘Wing-Chester’ algauw een rit door Absurdistan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in