Legiac :: Mings Feaner

Legiac is ontstaan uit een samenwerking tussen de Nederlanders
Funckarma en Cor Bolten, en het artwork in het boekje en op de cd
is verzorgd door Jeroen Advocaat. Het oogt allemaal heel mooi, en
als we in het schijfje zelf duiken, laat het zich ook allemaal zeer
vlot aanhoren: duistere ambient soundscapes, geklik, geratel,
intelligent in elkaar gestoken slagwerk, de occasionele ritmische
ontsporing en natuurlijk een ondertoon van stedelijke melancholie.
Maar wat vooral ook opvalt, is hoe goed Legiac naar Autechre
geluisterd heeft.

Tot in de songtitels toe is de invloed van Autechre merkbaar. Wat
te denken van titels als ‘Vega Orbid’, ‘Tretz Dizm’ of ‘Elvers’?
Het had zo uit ‘Tri Repetae’ kunnen komen. Legiac maakt evenwel
niet zo’n donkere, diverse muziek als Autechre en dat is jammer,
want zoals eerder aangestipt begint ‘Mings Feaner’ uiterst
veelbelovend. In een track als ‘Actino’ voelde ik me zo wegglijden
in een ondergronds netwerk van donkere, onverkende tunnels en
gangen, die beurtelings over- en onderbelicht werden. Dit staaltje
fluisterstille, schaduwrijke ambient doet erg denken aan Scanner,
maar dan toegankelijker. Op ‘Dide Skin’ vind je zelfs een
kippenvelmoment, op het ogenblik dat in de mathematisch
geconstrueerde jungle van dat nummer de melancholie haar
onverbiddelijke intrede doet. Dan zijn we echt in sf-land.

Het gevoel verstrikt te raken in een verwarrende, dromerige
onderwereld keert doorheen de hele plaat terug. De mooi
uitgesponnen gitaarintro in ‘Elvers’ is daarvan een even goed
voorbeeld als het eeuwige vallen in de aanzuigende soundscape van
‘Faex Decimate’. Maar na een tijdje treedt verveling op, en
voorspelbaarheid. Ik had zeker het gevoel naar werk te luisteren
van vakmannen, maar een déjà écouté-gevoel begon onvermijdelijk de
kop op te steken vanaf het zevende en achtste nummer, en dan had ik
nog de helft van de cd voor de boeg. Zo is ‘Tretz Dizm’ een betere
versie van de opener, en heeft datzelfde nummer nog een betere
versie in ‘Vega Orbid’: alledrie zwemen ze wat naar oosterse
mystiek, en waar het ene nummer daarin een wat betere versie
presenteert van de 90’s schmalz van Enigma, daar bloeit het andere
nummer wonderwel open in een prachtige, Arabisch geïnspireerde
flard muziek onder een spaarzame 4/4 beat.

De wetenschap dat er niet genoeg in het songmateriaal gesneden is,
haalt de totale score van ‘Mings Feaner’ naar beneden. Er staan te
veel tracks op die structureel, qua samples en sfeer heel sterk bij
elkaar aanleunen, en ook teveel putten uit hetzelfde bronmateriaal
(voor de goede verstaander: elektronica uit de jaren ’90). Dat
betekent echter niet dat het geen goede cd is, en als u een
elektronicaminnende of ambientliefhebbende vriend hebt voor wie u
nog een verjaardagscadeau zoekt, zal u met ‘Mings Feaner’ niks
verkeerd doen. À la prochaîne!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

elf + vijf =