Arno :: 1 juni 2007, AB

Een biografie, een concert in Vorst dit najaar, …: Arno is hot stuff vandaag, dat bewees hij dit weekend ook met twee uitverkochte ABs op rij. Op zijn 58ste staat de Oostendse bard immers nog altijd op unieke hoogte: zo is er maar één en opvolging is nog lang niet in zicht.

Hoe ouder een mens wordt, hoe meer de herinneringen aan het recente verleden vervagen en de jeugdjaren terug voor het geestesoog verschijnen. Het mag dan ook geen verbazing wekken dat Arno op zijn meest recente tour opnieuw gretig teruggrijpt naar de hoogdagen van T.C. Matic, de groep die ooit het woord "grootstadblues" definieerde.

Al moet natuurlijk ook Jus De Box nog gepromoot worden, ’s mans recentste worp, dat iets van een weergeboorte heeft. Na het iets te langdradige French Bazaar maakte Arno nog eens een album dat bij momenten de aansluiting vindt bij zijn beste werk uit de jaren tachtig. Een stampend olijk "Miss Amérique" kan de vergelijking met het onverslijtbare "Mon Sissoyen" probleemloos aan, opener "Enlève Ta Langue" is net zo’n hortende en krakende funk als het minst melodieuze van T.C. Matic. Gitarist Geoffrey Burton kan zich probleemloos meten met Jean-Marie Aerts als het gaat om stoorzendergitaartjes.

Dat is dan ook al jaren het geheime recept van de recente Arno: met Burton op gitaar, Mirko Banovic op bas en oude getrouwe Serge Feys op toetsen heeft hij een wereldband achter zich. Drummers waren altijd iets problematischer, maar de nieuwe rekruut die het drumwerk van Mario Goossens op Jus De Box naar de planken moet vertalen, imponeert: het drumgeluid (tonnen echo) is imposant, alsof er telkens op het juiste moment een betonblok naar beneden valt of een olifant dichterbij probeert te sluipen. Met zo’n geluid zal Vorst straks geen probleem vormen, dit is nu al arena-size.

Het overbekende "Lonesome Zorro", maar ook "Comme à Ostende" (van op Arno, zijn eerste soloplaat) — een hoempachanson uit de staalverwerkende nijverheid — zitten al vroeg in de set. Met een bluesharmonica in de hand wordt ook nog eens Charles & The White Trash European Blues Connection nieuw leven ingeblazen. "No Job No Rock" is het skelet van wat ooit blues was: een rauwe harmonica, een krakende en "kriepende" gitaar, de groovende bas en drums zijn het enige betrouwbare fundament. Daarna volgt nog een TC Maticnummer: "Que Pasa" heeft zo’n typisch toetsenriedeltje van Feys, de drums klinken als inslaande V2’s.

En dan is er "Oh La La La". Opnieuw lijkt het alsof het nummer er altijd al was, zo geolied klinkt deze livemachine, zo geniaal is dat nummer in al zijn eenvoud: de pompende bas, de krassende gitaar, die nonsensicale tekst. Het staat ondertussen in steen gehouwen in het grote Vaderlandse rockboek, net zoals "Putain Putain", het onofficiële Europese volkslied van de bastaarden, niet van de nationalisten. Want daar moet Hintjens niets van weten. "’t Zijn binnenkort verkiezingen", stelt hij, en hij mompelt nog wat onverstaanbaars over "L’Union Fait La Force". De gelijknamige TC Maticsong is in contrast helder genoeg qua statement: "L’Union fait la force/Ici c’est la vie en rose".

De opzwepende riff van "Hit The Night" geeft in de bissen aan dat het Arno vooralsnog vooral om de fun te doen is. Met meer goesting dan een hoop jonge honden samen wordt het uitgangsleven bezongen. Het is vrijdagavond voor iets, het weekend begint en maandagochtend is nog ver af. "On est moche, mais on s’amuse" grijnst hij tijdens "Les filles du bord de mer".

Arno is oudtestamentisch, een rocker van het soort dat ze niet meer maken. Hij, de ultieme Europese ziel, maar ook de bluesman die staande wil sterven; The European Cowboy. Arno is een nationaal monument op zijn hoogtepunt, te koesteren zolang het nog kan. Op Werchter of in Vorst, bijvoorbeeld.

Arno speelt op 30 juni op Rock Werchter en op 26 Oktober in Vorst Nationaal.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien + vijftien =