Maria Taylor :: Lynn Teeter Flower

Geboren en getogen in Birmingham, de enige miljoenenmetropool die
Alabama rijk is, trok Maria Taylor op haar vijftiende voor het
eerst een podium op onder de naam Little Red Rocket. De groep kende
een gestage opmars, maar raakte als verstekeling verloren in de
samensmelting van Geffen met Universal. Hierdoor lieten Taylor en
haar bondgenote Orenda Fink zich echter niet kisten en al snel was
de reïncarnatie onder de naam Azure Ray een feit. Niet zonder
succes ook, want sinds hun debuut uit 2001 bouwden de dames
pijlsnel een sterke reputatie in indiemiddens op. Dit zag ook de
band Now It’s Overhead niet over het hoofd en zij nodigden het
tweetal uit om de handen in elkaar te slaan op hun label terwijl ze
als independent hun eigen werk konden blijven uitbrengen. Taylor
bouwde op korte tijd aldus een carrière uit die verschillende
oorden verkende, maar toch begon het te knagen om op zichzelf ook
de vleugels eens uit te slaan. Deze stap nam ze in 2005 met
’11:11′, een plaat die iets poppier klonk dan wat men van Azure Ray
gewend was, maar minstens even warm. Twee jaar later is ze er terug
met ‘Lynn Teeter Flower’, die deze weg verder inslaat.

‘A Good Start’ maakt dit meteen duidelijk en biedt folkpop met een
Jewel-smaakje. Veel heeft deze song niet om het lijf, maar dit is
wel het lichtvoetige deuntje dat je de volgende dagen onmogelijk
van tussen je oren kan verbannen. Onder deze noemer valt ook ‘Irish
Goodbye’ onder te brengen, dat door de drummachine sterk doet
denken aan wat Au
Revoir Simone
enkele weken geleden op ons losliet. Bij de
meezingers spant ‘Replay’ echter de kroon: ondanks de zwaarwichtige
en belerende thematiek een oppeppend klinkende track die
aangedreven wordt door een vlotte piano en waarvan elk refrein
steeds een beetje meer opengetrokken wordt. Dankzij een speelduur
van iets meer dan vijf minuten kan er bovendien tijd vrijgemaakt
worden voor een instrumentale sectie die het helvlak vormt voor een
climax en dit fantastische nummer helemaal af maakt.

Toch is er op ‘Lynn Teeter Flower’ tussendoor ook plaats voor meer
ingetogen, akoestisch werk waarbij het schoentje soms wat gaat
knellen. Hiertussen zijn nog enkele puike songs te vinden,
waaronder de lichte rocktrack ‘Small Part Of Me’, waarin
akoestische en elektrische gitaar elkaar mooi afwisselen. ‘Lost
Time’ is er nog eentje om bij te houden, hoewel een hoger quotum
van soortgelijke songs de balans al snel van melancholisch naar
melig zou doen overslaan. Met de vocale ondersteuning van Bright Eyes‘ Conor
Oberst komt ook ‘The Ballad Of Sean Foley’ ongehavend uit de
strijd. Eenzelfde lot is ‘My Own Fault’ niet gegund: hoewel het
begin het beste laat vermoeden, gaat het refrein bij de tweede
luisterbeurt al zagerig klinken. ‘Clean Getaway’ en ‘No Stars’ zijn
voorzien van een lichte country-toets, maar klinken zo banaal dat
ze enkel nog dienst kunnen doen ter ondersteuning van ‘Dawson’s
Creek’-klonen.

Maria Taylor heeft haar tweede soloplaat voorzien van enkele songs
die een vaste stek op iedere MP3-speler zouden moeten veroveren.
Enkele magerder uitgevallen momenten vertroebelen de tracklist
echter waardoor u nu toch niet meteen uit uw bureaustoel moet
opveren en naar de dichtsbijzijnde platenzaak hossen. In zijn
geheel haalt ‘Lynn Teeter Flower’ het niveau van de voorganger
niet, maar wel krijgen we hier een handvol hoogvliegers die beter
in het geheugen gebeiteld zullen blijven dan vorig werk uit Taylors
archief. Het is nu dus een kwestie van deze twee troeven samen te
laten stromen en met de opvolger eens serieus uit te halen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × twee =